De Lustige Reiziger

Lineaal

Lineaal

Mijn tweede kerstdag begint met een wandeltrekkebeen gang naar het St. Gabriel Hospital. In Addis Abeba.

Tja. Ik was ook liever begonnen met het afkluiven van de kerstgeit. Of het kribbeschaap. Of als het echt moet, dan wil ik ook wel wat aan de kribbe zelf knagen. En als er niks anders voorhanden is. Dan wil ik ook nog wel wat kerststalstro herkauwen. Ik ben echt de meest veeleisende niet lieve lezer. Maar de gang naar het ziekenhuis is een noodzakelijke. Mijn voet doet pijn. De wond ziet er slechter uit dan gisteren. Het voelt van geen kanten goed.

Het is tweede kerstdag. Hier. Het aanbod van patienten is niet geweldig groot. En het aanbod van beschikbaar artsen gaat daarmee hand in hand. Logisch. Die zitten natuurlijk ook het liefst thuis onder the Christmastree. Een beetje kerstcadeautjes uit te pakken.

Na eventjes wachten is er toch een arts beschikbaar. En mijn eerste indruk van de man is ook dat ie liever zijn rooster had willen ruilen met een collega. Maar ja, die had vorig jaar ook al met kerst gewerkt. En die heeft vast zijn portie aan mijn dokter Fikkie gegeven. Dus die moet - geheel tegen zijn kerstzin in - vandaag de kersthonneurs waarnemen.

Dokter Fikkie overziet het slagveld en is niet blij met wat hij ziet. De voet is lichtjes ontstoken en hij begrijpt niet - hoe zijn collega - mij eergisteren heeft kunnen adviseren om de voet niet van een verband te voorzien (altijd fijn: twee verschillende medische meningen over 1 en hetzelfde probleem.....).

Hij begint de voet schoon te maken. En dat gaat er bepaald niet zachtzinnig aan toe. Volgens mij heeft ie echt een kersthumeur! Daarna begint ie - met een ijzeren tang - wat stukken gerimpelde blaarhuid te verwijderen. En tijdens dat klusje heeft ie ook niet bepaald de kerstgedachte in zijn achterhoofd. Hij moet zo af en toe even weg om een telefoon te beantwoorden. En dat geeft mij de gelegenheid om wat op adem te komen van deze behandeling. Eenmaal terug spuit hij een halve tube antibioticazalf op mijn voet leeg. Smeert het spulletje uit over mijn voet.  En dekt het af met een gaasverband. En daarna zwachtelt hij mijn hele voet in.

Ja, kerstvoetvolger. Ik ben tweede kerstdag ook wel 's vrolijker begonnen. En u vast ook.

Gisteravond had ik het mooie plan opgevat - als het met mijn voet de goede kant op zou gaan - om in de mij nog resterende tien vrolijke fietsdagen het merengebied - wat ten zuiden van Addis Abeba ligt - te vereren met een bezoek. Ik had het plan helemaal klaar liggen. De tassen al klaar staan. De ketting gesmeerd. De geest zo rijp als een overrijpe Ethiopische mango. Maar nu ik het ziekenhuis uitloop op de stoffige weg richting mijn pension. Slaat de twijfel hard toe.

Is het wel wijs om in deze voettoestand op een fiets te klimmen? Weg van ziekenhuiszorg? Kan ik de afstanden uberhaupt wel fietsen met deze ingezwachtelde en pijnlijke voet? Hoe verder ik de stoffige weg af trekkebeen, hoe meer de twijfel toeslaat. De voet doet ook verdraaid veel pijn.

'Mmmmmm...........ik moet dit eens goed overdenken'.

Na een half uurtje strompelen, bij mijn pension aangekomen heb ik een besluit genomen. Een ferm besluit. Ik ga proberen naar Nederland terug te keren. Op naar goede zorg. Om te herstellen. Opdat mijn voet weer kerngezond wordt. En ik weer fris en fruitig aan de (werk)slag kan.

Ik schakel mijn zorg- en reisverzekering in. En vraag wat ze voor me kunnen betekenen. Veel. De artsen beoordelen een foto van mijn voet (die ik opstuur) als urgent. En de zorgverzekering - buiten de reisverzekering om - gaat alle kosten dekken. Ze regelen een vlucht voor over twee dagen. En zo komt mijn reis plotsklaps - en ook wel enigszins onbevredigend - einde. Dit einde had me echt heel anders voorgesteld. Wat een domper!

Maar ja, lieve lezer. De Gerrit levensreislijn - en de uwe vast ook niet - wordt nu eenmaal niet langs een rechte lineaal getrokken. En eigenljk is dat maar goed ook. Niet altijd even fijn. Zeker niet! Maar wel zo avontuurliijk.

Als kind zette ik de passerpunt op het papier. En probeerde dan een mooie cirkel te trekken. Omdat ik wel ‘s onvoldoende druk uitoefende op de passerpunt, schoot die tijdens het draaien van de passer, dan uit het papier. En dan ging de potloodpunt een eigen leven leiden. En daardoor kreeg de bedoelde ronde cirkelvorm, een heel andere - vaak veel creatievere en meer verrassende - vorm.

En zo is het met deze reis ook een beetje gelopen.

Ik had het hele Noordelijke Circuit willen fietsen. Tot Lalibella ging dat goed. Zwaar. Maar goed. Vanaf Lalibella was het wegdek te slecht, en heb ik 200 km vliegend afgelegd. Van Aksum naar Gonder heb ik weer gefietst. Op enige dagen na: superzware en -prachtige bergetappes!!! In Gonder trof mij het noodlot. Daardoor moest ik noodgedwongen naar Addis Abeba vliegen. Daar waar ik zo graag zo rond de 20e januari fietsend was komen binnenrollen.

Natuurlijk had ik de laatste 800 kilometer fietsend willen afleggen. Maar het mocht niet zo zijn. Die moeten we maar bewaren voor een andere keer.


Ethiopië is een boeiend en kleurrijk land. Niet gemakkelijk om door te trekken met een fiets. Een van de grootste moeilijkheden die ik heb ervaren zijn de kinderen. De kinderen die van grote afstand aandacht trekken door te roepen, schreeuwen. Onderwijl kilometers lang met mij meehollend. En daar bleef het niet altijd bij. Stenen gooien, met stokken slaan. Het behoort allemaal tot het repertoire van de Ethiopische jongelingen. Niet een paar keer. Maar tientallen keren. Per dag. Ik was er op voorbereid. En in de meeste gevallen ben ik koelbloedig gebleven gelijk een ijskoning. Maar soms, vermoeid als ik was, schoot ik wel eens een keertje uit mijn slof.

Waar ik ongelofelijk van genoten heb is het fietsen zelf. Het doorkruisen van de - zeer gevarieerde - landschappen. En genieten van  het passeren van dorpjes waar ogenschijnlijk niets gebeurd. En de veelal warme ontmoetingen met de plaatselijke bevolking. Ik merk dat ik daar mijn energie uit haal. Energie om de volgende dag de tassen weer aan mijn fiets te hangen. En de ketting weer strak te trappen. Op naar nieuwe landschappen. Nieuwe dorpjes. Waar ogenschijnlijk niets gebeurd.

Ontegenzeggelijk heeft Ethiopië een aantal prachtige en unieke bezienswaardigheden. Die niet voor niets door het Unesco zijn onderkend en toegevoegd zijn aan het lijstje van het Unesco Wereld Erfgoed. Prachtig zijn de - uit rotsten gehouwen kerken - in Lalibella. En ook het Nationale Park 'de Simien Mountains' is van ongekende schoonheid.

Ik wil er niets aan af doen. Echter. De hiermee samenhangende toeristenmeuk staat me tegen. Niet alleen in Ethiopië. Maar in landen waar ik de afgelopen jaren doorheen ben gefietst. Ik heb er inmiddels een behoorlijke allergie voor ontwikkeld. Voor deze plekken. De tarieven schieten als raketten omhoog. En de mensen die zich in die toeristenbranche bezighouden zijn gewoon niet mijn piece off cake. 


En ook de bevolking in de dorpjes van die bezienswaardigheden zijn anders dan elders. Ik was altijd weer blij als ik op mijn fietsje mocht springen. Weg van die commerciële boevenbende. Ik begrijp hunnie belang wel. Maar ik vind het maar niks. Lekker fietsen, de vrijheid voelen, kopje thee drinken langs de weg, een bord met vers gesneden Papaya-eten. Even kletsen met de stukadoor. Of de buschauffeur. Zet dat maar op de Unescolijst. Meer heb ik niet nodig.

En verder ben ik nog niet zover dat ik een mooie analyse of samenvatting van het land, de mensen of van deze reis kan maken. Daarvoor komt het einde van deze reis iets te plots. Wellicht dat dat in de komende weken/maanden wel gaat lukken.

Ik wil je oprecht bedanken voor het meelezen. En hoop dat je er van tijd tot tijd wat van genoten hebt. In het bijzonder wil ik Roel bedanken die elk verhaal (weer) heeft gelezen en steeds in staat was om een vrolijke reactie te schrijven. En die ik (bewust) in het ongewisse heb gelaten over de afloop van de reis. 

'Roel: nu weet je hoe het is afgelopen'. Ik ga je snel mailen! En ook Joan en Ronald wil ik bedanken. Zij hebben me (op de achtergrond) flink geholpen en bijgestaan toen alle communicatiemiddelen wekenlang waren uitgevallen en ik ook bijna geldloos was omdat ik geen geld kon pinnen..........Thanks!!


Ik heb buitengewoon veel plezier beleefd aan het schrijven van de dagelijkse stukjes. Steeds onder sterk wisselende omstandigheden. En altijd met een deadline van een laptopbatterij die - volledig opgeladen - ongeveer een half uurtje energie gaf. Dat maakte het schrijven spannend en soms wat onzorgvuldig. Sorry voor de (vele) schrijvfoudten. 

Tot een volgende reis. Want die gaat er bij leven en gezondheid zekers te weten komen.

Gerrit Pleijter

Etappe: Addis Abeba  

Km: -

 

MoordKerst

Het is vandaag zaterdag 7 januari. En het is niet allenig 7 januari. Neeeehh!!! Het is ook nog 's eerste kerstdag!

U vraagt zich waarschijnlijk hardop af of - er behalve met mijn voet - er ook in mijn hersenpannetje bepaalde dingetjes niet helemaal goed gaan. Terechte afvraag. Maar u vergist deze keer lieve lezer. Ik heb voor 1 keer bij het rechte eind. In Ethiopie vieren ze vandaag - 7 januari 2017 - eerste kerstdag.

Dat zit zo (ik gooi er even een 'stukje' educatie tegenaan).

Het kalendertje dat de Ethiopiër bij de les tracht te houden is gebaseerd op de oude Koptische kalender, die het daglicht ooit zag in het oude Egypte. Het jaar bestaat hier uit 13 maanden. En elke maand beslaat 30 dagen. De 13e maand bestaat uit 5 of 6 dagen. En er is nog meer. Ethiopië zou een waar walhalla zijn voor mensen (vaak vrouwen!!) die er graag een jaartje of wat jonger uit willen zien. Waaaaant. De kalender hier loopt 7,5 jaar achter bij onze Gregoriaanse kalender. Dus als u hier na toe vliegt - - graag wat jonger zijnde vrouwmens - en u stapt het vliegtuig uit. Dan bent u in 1 klap 7,5 jaar jonger!

En dat is een tip die u voorwaar niet te vanzelfsprekend terzijde moet leggen.

Een vliegurenenkeltje naar hier zal zo ongeveer 300 eurootjes kosten. En uw eigenste schoonheidsspecialiste - al die jarenlange plamuur-behandelingen bij elkaar opgeteld - is zeker en vast een heel stukje duurder. Voilà!! De keuze lijkt mij niet zo lastig meer. Uw 'schoonheidsideaal' komt simpelweg neer op een zuivere economische berekening. Neem ik graag voor mijn rekening. Stukje service van mijn kant. Graag gedaan. Ik zou zeggen: doe er uw voordeel mee. Dames!


Eerste kerstdag gaat hier bepaald niet ongemerkt voorbij. En dat is niet zo gek. Want Ethiopië beschouwd zich - al dan niet terecht - naast Israël als DE grondlegger van het (Orthodoxe) Christendom. De kerk (ook Moskee) spelen hier een heel belangrijke rol. Mensen zijn heel toegewijd. Gaan veelal voorafgaande aan hun werkdag eerst naar de kerk om te bidden. Restaurants en winkels zijn - net als bij ons - versierd. En het leek me vandaag - bij uitstek - 's een goed idee om een tourtje door Addis Abeba te maken. Bij uitstek omdat het openbare leven plat ligt, de straten leeg zijn, en dat is fijn voor de Hollandse fietser.

Ik zit dan ook al om 7.00 uur des 's ochtends op mijn fietsje. Eigenlijk te vroeg, want mijn beschadigde linkervoet is geheel ontbloot. En de temperatuur houd daar nog geen rekening mee. Na een kwartiertje fietsen is mijn voet verworden tot een ijsklomp. En ik val een restaurantje binnen dat er vrolijk en iets van warm uit ziet.

Het personeel is kerst verkleed. En ze maken foto's van elkaar. Ze dansen - op de knalharde tonen die blerren uit een aan de muur hangende tv - er lustig op! Ik eet wat. Maak wat foto's. En na een uurtje hoop ik maar dat het buiten inmiddels wat warmer is geworden. Ik stap op en zie even verderop een flinke rij mensen staan. De rij wachtenden staan voor een slagerij. Aha. Niet anders dan bij ons is kerst ook een eet-verwendag. En is bij ons het gevleugelde dier de klos. Hier is het rund of schaap die 2e kerstdag niet gaat halen. De rij wachtenden zwelt aan. Mensen hebben er graag een half uurtje wachten voor over.


Ik fiets verder en kom bij een prachtig mooie kerk. Met een heuse kerststal. Mensen zijn er aan het bidden. Een meisje dat als engel verkleed is laat zich gewillig fotograferen. Ik fiets een rondje om de kerk. En kom uit op een straat met bijna uitgebloeide Pauwlonia's. De bomen zijn prachtig echter de kerstsfeer is hier ver te zoeken. Opdringerige jongeren zorgen er voor dat ik deze wijk spoorslags verlaat. Lang leve mijn 14 versnellingen!!

Ik fiets door een wijk waar het minder pluis is.

Het is iets van 9.30 uur en de cafés hier bollen uit van de dranklustige mannen. Stomdronken lallen ze over straat. En zwaar aangeschoten prostituees zijn naarstig op zoek naar wat laatste ochtend-klanten.

Prostitutie in Ethiopië is wijd verspreid en algemeen geaccepteerd. Er zit hier geen stigma op. Anders dan in onze cultuur. Soms zijn het studentes die een stuiver hopen bij te verdienen. En dat is dan weer het gevolg van een sociaal vangnet dat hier ten ene male ontbreekt. Je moet in dit land je eigen boontjes doppen. Echter, veelal is het regelrechte uitbuiting van meisje die geronseld worden op het platteland. En te werk worden gesteld in de vele nachtclubs die Addis rijk (of arm) is.

Aangenomen wordt dat 50% (!!!) van alle sex-werkers in Ethiopië besmet is met het Hiv-virus. En dan nog even een fijn kerstfeitje er tegenaan gooien. 75% van alle vrouwen in de leeftijd tussen 15-49 jaar heeft enige vorm van besnijdenis ondergaan.

Maar er is ook goed nieuws.

De voorlichting betreffende HIV op scholen is inmiddels gemeengoed. En ik met eigen ogen gezien dat bij de ingangen van de PHARMACYS grote borden bij de ingang staan die condoomgebruik propageren. Ook op het platteland. En op scholen wordt aandacht besteed aan de gevolgen van besnijdenis. Maar op beide terreinen zal nog veel werk verzet moeten worden om de cijfers/percentages de goede kant op te duwen.

Na 20 kilometer kris kras fietsend door de 4 miljoen tellende hoofdstad van Ethiopië eindigt deze eerste kerstfietsdag in een restaurant. Waar gezinnen - opgedoft en wel - kerst vieren met het eten van taartjes. Nou ja. Half opgegeten taartjes. Door de kerstkids. En daarna gaat de kerstkids-frisdrank over tafel. En daarna zetten ze het kerst versierde restaurant op stelten. En maken ze het onveilig door heen en weer te rennen. Te vallen. En dan keihard te huilen (sommige mensen noemen het ook wel krijsen). Terroristen in de dop. Hier schiet het kwaad wortel. Als je het mij vraagt. 

Ik vraag de serveerster welke taartje zij het lekkerst vind. Ze wijst 'm aan. Die bestel ik. En kauw het zoet gelaagde kunstwerkje tot het laatste kruimeltje weg. 'Zie kinderen: zo heeft de bakker het bedoeld, het kan best!!' En nu ik 'm op heb. Ga ik mijn moordplan ten uitvoer brengen.

Ik ben namelijk de eerste hier in Ethiopië die een handje vol met kerstkinderen gaat vermoorden...........ik zoek nog even naar een geschikt - bepaald niet snel en pijnloos - moordwapen.......even kijken........ah....daar heb ik 't........een gebaksvorkje!!

Nu Sijt Welecome.

Maar geen afscheid zonder een kerstgroet (ik vermoed de laatste in vrijheid) van uw eigenste Ethiopische kerst-kindervriend.

Etappe: Addis Abeba - 

Km: -

 

Kindblij

Ik trekkebeen - zo blij als een kind - over het stoffige steenslag pad.


Een blijdschap die herinneringen oproept. Als toen ik als klein Gerritje voetbalde op het pas gemaaide en gehooide stoppelweiland. Of het gevoel wanneer ik eindelijk 's mijn even tevoren verloren knikker terugwon. Of toen ik op mijn zestiende verjaardag dat horloge met blauwe wijzerplaat Kado kreeg van mijn ouders. Die blijheid. Van toen. Die voel ik nu ook.

Lieve lezer. Toen ik gisterochtend opstond. Naar mijn voet keek (u weet  vast nog wel dat gisteren een kokend hete vloeistof over mijn voet stroomde). En het lichaamsdeel aanvoelde. Was ik ietsje pietsje minder blij. De voet zag er ronduit lelijk uit. En het voelde van geen kanten goed. Eerlijk gezegd maakte ik me geweldig veel zorgen.

Ondanks dat ondernam ik toch pogingen om mijn voet weer fietsbaar te maken. Ik wil tenslotte dolgraag mijn fietsreis voortzetten.

Als eerste sneed ik mijn linker sportschoen aan snot. Dat willen zeggen: met mijn scherpe Opinal mes verwijderde ik nagenoeg de gehele voorwreef. Het werd als het ware een sandaal. Opdat de bovenzijde van de schoen geen druk meer zal geven op het verbrande deel van mijn voet. Verder stelde ik mijn zadel lager af, zodanig dat ik met mijn hak - met links - zal kunnen fietsen. Ik stap op. Doe wat proefritjes. Heuvelop. Heuvelaf. Opstappen. Afstappen. Kracht zetten. Gewoon een stukje vlak. Het gaat wel maar.......niet echt van harte. En dit proefritje is nog maar kinderspel bij wat me de komende 800 kilometer te wachten zal staan. En mijn bagage zit er nog niet eens op. Dus het fietsen zal nog zwaarder aanvoelen dan nu. 

Mm..........

Langzaam begonnen er wat realiteits- en verstandskorreltjes mijn bovenkamertje binnen te druppelen. En ik begon mezelf wat vragen te stellen: Hoe verantwoord is dit nog? Loop ik geen risico op infecties? Met al dat stof. Met die volop brandende zon op m'n voet. Met het transpiratievocht dat op mijn voet zal komen. En al die viezigheid hier? Ik wil natuurlijk niet nog verder achter op geraken qua gezondheid.

En er speelde nog een belangrijke overweging door mijn hoofd.

Mijn vrolijke werkgever stelt mijn in de gelegenheid om dergelijke reizen te kunnen maken. En daar ben ik haar meer dan geweldig dankbaar voor. En we hebben afgesproken dat ik 24 januari as. weer fris en fruitig aan de slag zal gaan. En ik kan het domweg niet verkopen om nog 's een fijntjes een aantal weken ziektewet aan deze zeven weken vast te plakken. Dit verkoop ik niet aan mezelf. Maar ook niet aan hunnie. (By the way: ik schrijf dit niet omdat een aantal van hen meelezen, maar omdat ik dit intrinsiek van mening ben!!)

Kortom. Ik wil geen onverantwoorde gekke risico's nemen. Ik wil een opinie van een deskundige. En op basis daarvan beslissen wat verstandig is om te doen. Alleen. Er is een detail. Een kleinigheid. Die noodzakelijke en goede geneeskundige zorg ga ik hier - in de regio waar ik me nu bevindt - never nooit niet vinden. Maar waar dan wel?

En toen ging het snel. In mijn hoofd. En in mijn handelen.

Ik informeerde. Wat rond. Wat vierkant. Wat rechthoekig. En wat bleek. Er is hier een landingsbaan. (en waarschijnlijk vertrekt er dan ook wel 's een vliegtuig) Ik informeerde nog wat. En boekte een vliegticket naar Addis Abeba. Daar zal ik geneeskundige zorg kunnen vinden. Morgen kan ik al weg. Even overweeg ik om fiets en spullen achter te laten. Maar dat voornemen laat ik varen. Als in Addis geconstateerd wordt dat ik niet meer mag fietsen, zal ik de spullen toch ook moeten ophalen. Tussen het vele slapen en rusten door - mijn lichaam heeft een flinke optater gehad - maak ik mijn tassen vlieg klaar. En ging op tijd onder de wol.


Vanochtend stond ik vroeg op. Zwachtelde mijn voet in. Schoof 'm .......aaaauuuuwwwhhhh........in mijn schoen. At een broodje met nutella. Die ik wegspoel met een paar slokken water. En dan.....dan .....dan merk ik dat de gebeurtenissen met toch wel hebben aangegrepen. En dat de 17 kilometer die ik straks naar het vliegveld zal gaan fietsen, zeer waarschijnlijk mijn laatste van deze reis zullen zijn. Ik raak een kort moment ietwat geëmotioneerd.

Een -werkelijk beeldschone jonge vrouw uit Brussel - die van mijn verhaal heeft gehoord, loopt mijn kamer binnen. Overziet het slagveld, en geeft me een knuffel. Tja.......

Ze biedt nog aan om vervoer voor me te regelen naar het vliegveld. Maar dat aanbod sla ik vriendelijk af. Als dit de laatste 17 km zijn die ik fiets in Ethiopië.. Dan fiets ik die! De vrouw - en het hotelpersoneel - zwaaien me met bezorgde blik uit.

Ik stap op. En begin te fietsen. Het valt niet eens tegen. Het is de drukste weg die ik tot nu toe heb gereden. Verkeer komt van alle kanten. En het oppassen geblazen. Ik leg de 17 kilometer in iets van een uurtje af. En kom ruim op tijd bij het vliegveld aan. Even tevoren neem ik een pauze. Eet wat. Drink wat. Want ik weet. Straks barst de vliegveldpersoneel-hysterie van -hoe-moet-die-fiets-in-hemelsnaam-aan-boord-van-dit-vliegtuig in alle hevigheid los. Zo gaat het overal en altijd. En dan kan je maag maar beter goed gevuld zijn. De geest fris van de lever. En alles op standje 'POSITIEF'!

Ook nu is het niet anders. Ik ga het kort samenvatten: ik weet van de dame die mijn fiets (eigenlijk) door de scanner wilde (dat NOOIT past) hoe haar kindjes er uit zien en ik weet hunnie namen ook. En het hoofd van het vliegveld ontbood me in zijn kantoor en verzekerde me dat mijn fiets een VIP-behandeling zou krijgen (wat ook gebeurde, twee mannen ontfermenden zich over mijn karretje en hebben 'm persoonlijk aan boord gehesen, zeluf gesien).

Kortom. Het is me weer gelukt!

De vlucht naar Addis verliep smooth. Mijn spullen kwamen heelhuids het vliegtuig uit. En niet veel later fietste ik de miljoenenstad Addis Abeba in. Ik probeer mijn hotel te vinden waar ik na aankomst (3 dec.) heb overnacht. Op gevoel rijd ik een richting uit. Geweldig veel aanknopingspunten heb ik niet. Maar na anderhalf fietsen zie ik iets bekends. En niet veel later klop ik op de metalen deur van mijn hotel. Ze zijn blij me heelhuids terug te zien.

Ik ben ook blij. Maar helemaal heelhuids ben ik niet. Ik bel met de eigenaresse. Vraag naar een goede kliniek. Ze adviseert me. En ongeveer 10 minuten later loop ik richting het Commerciele Hospital. Waar ik aan de ingang gefouileerd wordt. Ik vraag de portier of hij mijn linkervoet voor 1 keer over wil slaan (ik maak maar niet de grap dat ik daar de bom heb verstopt.....maar is natuurijk wel een goeie tip voor als je boef bent.....en je hebt snode plannen.......gewoon trekkebenen met je linkervoet......).

Na binnenkomst is de eerste aanblik vertrouwenwekkend. Alles blinkt. Straalt. Schoon. Glazen pui. Marmeren vloer. Dokters in smetteloze witte jassen. En er is een heuse receptie. Ik moet een patiëntenkaart invullen. En moet het astronomische bedrag van 8 euro betalen (waarbij ik graag aanteken dat dit bedrag voor mijn zeer overkomelijk is, maar voor veel Ethiopiërs is een dergelijk ziekenhuis/zorg niet weggelegd. Gewicht wordt bepaald. Bloeddruk wordt opgenomen. En 15 minuten later zit ik tegenover Dr. Michael.

Dr. Michael heeft er verstand van. Overziet het slagveld. En concludeert. Het grootste deel van mijn voet heeft een 1e graads verbranding opgelopen. En dat is buitengewoon goed nieuws. Volgens hem. Want daardoor ligt de huid niet open. En er kunnen volgens hem geen infecties -van buiten - optreden. Een beperkt deel is 1,5 graads verbrand. Daarvoor geeft ie me wat zalf mee. Drie maals daags licht insmeren. Hij adviseert om zoveel mogelijk open schoenen te dragen.

Enne....what about.....cycling Doctor? (hij is inmiddels op de hoogte van mijn reis).

'No problem Gerrit. Take three days off rest and then......get on your bike AND ENJOY!!!!'

Kijk. Dat maakt me nou zo blij!!!

Als een kind.

Etappe: Gonder - Addis Abeba (vliegtuig)

Km: -

Watervoet

Weet u het nog? Ik zou voor het slapen gaan mijn bidons nog even gaan uitkoken...........

Lieve lezer.

Het is dinsdag 3 januari 2017. Het is 22.30 uur. Plaats delict is Gonder. En dat stadje ligt in het Noord-westen. Van Ethiopie. Ik bevind me in the Emergency Room van het University Hospital.

Over het hoe en waarom zal ik u uitvoerig berichten. Zet u schrap. Daar gaat ie.

In de late dinsdagavond van de derde januari was ik alle voorbereidingen aan het treffen voor de fietsdag van morgen. Ik wilde koers zetten naar Addis Zemen. Ruim zeventig kilometer zuidwaarts gelegen. En had mijn fiets al fijntjes in gereedheid gebracht. Ook had ik al eten ingeslagen. Gelukkig was mijn grieperigheid een ietsje afgenomen. Niets dat me nog in weg stond om morgen de trappers weer fijn rond te malen.

Nou. 1 dingetje dan nog. Mijn bidons moeten nog worden 'uitgekookt'. Ik maak er een gewoonte van om gedurende elke reis, elke vier weken, mijn bidons te ontsmetten. Ik vul ze dan af met water. Daar doe ik dan mijn dompelaar in (een elektrisch te verwarmen spiraal). En die kookt het water dan snel tot een kookhoogtepunt. En daarmee hoop ik alle aanwezige en verzamelde bacteriën in mijn bidons te hebben geëlimineerd. Routineklusje. Kind kan de bidonwas doen. Geen vuiltje aan de bidonhemel.

De eerste bidon is na 10 minuten klaar. En ik doe de hete dompelaar meteen in de tweede bidon. Ook die komt al snel tot het kookpunt. Ik laat 'm een minuut of vijf doorkoken. Het water kookt en borrelt bekant de bidon uit. Het water is knetterheet. Zo heb ik het graag. Alle bacterieen een kopje kleiner. Dat is de bedoeling. Net op het moment dat ik de stekker uit het stopcontact wil trekken, precies op dat moment, valt de electriciteit uit.

Fuckeduck. Het is aardedonker in mijn kamertje. Op de tast probeer ik mijn hoofdlampje te vinden. Als ik die heb dan is er weer licht. En kan ik weer zien wat ik doe. Dan kan ik die stekker uit het stopcontact halen. Maar waar is dat verduivelde hoofdlampje?

Lieve lezer. We zijn aangekomen op het schaniermoment. In dit waargebeurde verhaal. Vanaf dit moment gaat er van alles fout!! Huivert u gezellig mee?

Tijdens mijn zoektocht naar mijn hoofdlampje. Tijdens het rommelen tussen mijn spullen. Tijdens het voetje voor voetje schuifelen in de aardedonkere kamer, stoot ik .......met mijn linkervoet tegen de bidon waarvan het water een minuutje geleden het kookpunt had bereikt. Het kokend hete water uit de bidon verspreid zich over mijn sportschoen. Trekt door mijn sok. En komt in aanraking met mijn huid.

In een fractie van een seconde realiseer ik me wat er aan de hand (of eigenlijk voet) is. Ik schop mijn schoen uit. Sloop de sok van mijn voet. En zeg hardop tegen mezelf: ik moet mijn voet koelen!!

Ok. Pas op de plaats in dit verhaal. Even een klein intermezzo. U moet weten. Sinds mijn aankomst hier, enige dagen geleden, is er gaan stromend water beschikbaar in het hotel (in de hele stad niet). Douchen, handen wassen, WC-doorspoelen. Het is allemaal niet bij. Ja, behalve met gekocht flessenwater kun je je hoogst mogelijke en -nodige persoonlijke hygiëne in stand houden.

Dus nu water echt een noodzaak is geworden, heb ik een vet probleem. Zonder water, geen koeling. Ik grijp - op de tast - naar de twee flessen water die ik net tevoren had gekocht. Trek de folie van beide doppen. Draai de doppen los. En laat de inhoud van de flessen over mijn voet lopen. Maar terwijl ik dit doe weet ik dat deze (beperkte) hoeveelheden water totaal niet toereikend zullen zijn mijn voet te koelen. En druppel op een gloeiende voet.

Opeens herinner ik me (deze overwegingen vinden overigens plaats in enkele seconden) dat er buiten - op de eveneens aardedonkere binnenplaats - ergens in een hoek twee hoge blauwe tonnen staan. En daar heb ik toch iemand water uit zien scheppen.....toch?. Ik open mijn kamerdeur. Sprint richting de blauwe tonnen. Gris een emmer mee. Vul die met water. En zet mijn voet er in. Damned. Dat heeft alles met elkaar een paar minuutjes geduurd.

En daar sta ik dan. Op een aardedonker en stikverlaten binnenplein. Met mijn linkervoet in een emmer met water. Al schuifelend - met mijn voet in de emmer - probeer ik mijn kamertje te bereiken. Dat lukt. Ik pak een stoel. En blijf een uur zitten. En ik moet zeggen: het valt me niet tegen. De pijn is te harden. En ik besluit het koelen goed lang vol te houden. Ik blijf totaal een uurtje of twee koelen. Dat kon allemaal nog wel 's met de spreekwoordelijke sisser aflopen. Althans, dat denk ik dan nog.

Mijn gedachten gaan terug naar mijn dochter Sanne. Die - toen ze nog heel klein was - 's door mijn in bad werd gedaan. En in het huis waar we toen woonden waren de warm- en koudwaterkraan omgedraaid. Ik vergiste me bij het opendraaien van de kraan. En het duurde even voordat ik door had dat ik mijn kleine meisje met gloeiend heet water zat af te spoelen.........

Na twee uur koelen. Haal ik mijn voet uit de emmer. En neem de schade op. En. Lieve lezer. Die valt niet mee. De vellen hangen er bij. Het ziet er lelijk uit. En eerlijk is eerlijk. Ik schrik er ook best wel van. Het valt me zwaar tegen. En er komt nog wat bij. Nu ik mijn voet uit het koele water heb gehaald. Steekt er een brandende pijn in mijn voet. Die niet te harden is. En de pijn is zelfs zo hevig. Dat ik mijn voet maar weer snel in de emmer laat zakken. Dat geeft gelukkig weer wat verlichting. Goddomme. Wat een gekloot.

Ethiopiers zijn vroege vogels. Tegen 5.30 uur des ochtends verlaten ze hun bedje. En dan laten ze vrij luidruchtig weten met hunnie (werk)dag aan de slag te gaan. Dat vroege opstaan moet natuurlijk wel gecompenseerd worden. En dat doen ze door 's avonds om 21.00 uur hunnie s' ochtends vroeg verlaten bedje, weer op te zoeken.

Het is nu 22.00 uur. Met andere woorden. Er is niemand op dit uur. Die ik kan aanklampen. Of iets kan vragen. Iedereen is in ruste. En daar zit in dan. Stik alleen. Met mijn brandende linkervoet in een emmer met water. Me voorzichtigjes realiserend dat het wellicht verstandig is dan wel noodzakelijk is om een dokter te raadplegen. Maar hoe dat aan te pakken?

Opeens schiet me iets te binnen. Het hotel aan de overkant wordt bewaakt door een guard . Elke ochtend begroet ik hem allervriendelijkst. Misschien dat ik hem kan bereiken. Ik schuifel met emmer en voet naar een stalen deur. En geef er een paar flinke bonken op. Het geluid van ijzer weerkaast in de heldere nacht. En dat sorteert vrijwel meteen effect. De man komt poolshoogte nemen. En ziet mij zitten. En dat beeld krijgt ie vast nooit meer van z'n netvlies getoverd.

Hij begrijpt er geen ruk van. Hij vraagt zich vast af wat ik hier doe. Zo in de stikdonkere avond. Op een stoel. Met 1 been in een emmer. Met water. De man moet wel denken dat er drank in het spel is. Of dat het gaat om een hem nog niet bekende - maar zeer sterk werkende - partydrug. De man spreekt geen woord buiten zijn eigen taal. En ik probeer hem duidelijk te maken dat iemand moet gaan waarschuwen. Dat lukt na ongeveer 10 minuten. Dan gaat ie iemand halen. En die iemand gaat ook weer iemand halen. En die iemand is van het hotel. En spreekt drie woorden Engels. En ik zal hierna de dialoog met deze man zo zuiver mogelijk samenvatten.

De man: what happend?

Ik: I have hot water on my foot

De man: no, there is no water in the Hotel, maybe tommorow?

Ik: No, I know, but I have hot water on my foot. It's burned.

De man: No water in the Hotel. Tommorow maybe water. today no.

En dat ging nog even zo door......

Ik denk er verstandig aan te doen om mijn tactiek te veranderen. En zeg tegen 'm dat ik naar een Hospital moet. De man kijkt me aan of ie water ziet branden (wat ook bijna waar is....). Eerst wil ik 'hot water' en dan opeens een 'Hospital'. Veeleisend mannetje, moet ie haast wel gedacht hebben. We verzanden. Dit gesprek is onder een strak heldere Ethiopische sterrenhemel ergens een doodlopend rangeerterrein opgegaan. En we naderen het stootblok. Met een flinke vaart. Godverdomme. Mijn voet begint steeds pijnlijker te voelen. En als ik 'm opnieuw uit de emmer til, dan ziet het er allesbehalve fraai uit.

Er worden (door mobiel telefoonverkeer) wat mensen gealarmeerd. Die komen. En er wordt druk overlegd. Voor mijn volledig onverstaanbaar. Maar er wordt niets gedaan.

Ik vraag aan iemand of ik zijn mobiele telefoon mag lenen. Ik google de termen 'Hospital' en 'Gonder' en laat het resultaat daarvan zien. En dan wordt er door iemand begrepen dat ik naar een Hospital vervoerd wil worden. Eerst wordt gepoogd om het Hospital telefonisch te bereiken. Maar dat lukt niet. Daar maar op goed geluk er naar toe.

Het duurt al met al een uur voordat er een auto komt voorgereden. Ik heb mijn handdoek gepakt. In de emmer met water ondergedompeld, opdat ie goed doorweekt is. Wikkel 'm zo goed en kwaad als het gaat om mijn voet. En met de door mijn uit Nederland meegebrachte postbode-elastieken (u weet wel, die brede elastieken die postbodes roeger aan hun stuur hingen, en vreselijk handig zijn) daarmee probeer ik de handdoek op z'n plaats te houden.

We zijn anderhalf uur verder nadat ik het water over mijn voet kreeg. De pijn is hels.

Ik stap in de personenauto. En de 12 km lange rit zal eindelijk gaan beginnen. Ik merk al snel dat de chauffeur geen familie is van Max Verstappen. En niet bij hem in de leer is geweest. En het vast ook niet van plan is. Het is een hele klus om je s' nachts over het Ethiopische wegdek (of wat daar nog van over is) voort te bewegen. Eerlijk is eerlijk. Het wegdek is rammelig. Het zit vol met grote gaten en sleuven. En je moet omzichtig slalommen tussen agressief grommende honden en dronken wandelaars. Tot zover alle begrip. 

Maar de hele weg een rijsnelheid van 30 kilometer aanhouden. Dat gaat toch wel erg langzaam. On top off that komt de man er achter dat ik uit Holland kom. 'Very nice country'! Robben. Van Persie. En hij wil met mij 's even fijn de goal van Robin van Persie tegen Spanje doornemen. Maar hier grijp ik in. Ik vond het ook een mooie goal. Geen misverstand daarover. Echter ik heb potdomme nu even iets anders aan mijn hoofd. Ik wijs 'm vervolgens op mijn voet. En ook op zijn voet. En dat is de voet die wat mijn betreft het gaspedaal wat dieper mag indrukken.

Na 30 stroperig langzame minuten (het duurde uuuuuren in mijn beleving) bereiken we iets dat op een ziekenhuis lijk(t). De slagboom wordt handmatig open gedaan. En de chauffeur wordt te verstaan gegeven dat er eerst een ticket gekocht moet worden alvorens we de eerste hulp mogen binnengaan. Maar dat wordt me echt te gortig. Ik gebaar de chauffeur dat hij dat ticket maar moet gaan kopen. Ik open het portier. En strompel - met een met water doorweekte witte handdoek aan mijn voet, als een houten Klaas-klompvoet naar binnen.

Er zit een hele rij mensen te wachten. Maar die wachten kennelijk op een andere behandeling. Want ik mag doorlopen en plaatsnemen op een zwartbruine skai-leren stoel. Een stoel waar het piepschuin aan alle kanten uitbolt. En met een leuning die zijn taak wel heel letterlijk neemt. Tegenover me zitten drie witte jassen. Achter een grijs metalen bureau. Met een matzwart blad. Ze zitten ietwat onderuitgezakt en weinig geïnteresseerd voor zich uit te kijken.

Na een minuutje of tien wachten neem ik toch maar iets van het woord. En doe een poging om de interesse van de heren ietwat op te wekken. Maar dat is niet de bedoeling. Eerst moet er de papierwinkel worden afgewerkt. Op verzoek reik ik mijn paspoort aan (die ik in de gauwigheid heb mee gegrist). En die wordt driftig bestudeerd. En daarna worden gegevens overgenomen op een papier. Langzaaaaam! De pijn aan mijn voet is hels. En die wordt nu - behalve door de doorweekte handdoek - ook al drie kwartier niet helemaal lekker meer gekoeld. En dat helpt niet mee. Net als ik weer over mijn voet wil beginnen, wordt me gevraagd wie het paspoort heeft uitgegeven.

Nou zeg ik. Dat heeft de burgemeester van Rheden hoogstpersoonlijk gedaan. Die vond mijn zo'n toffe aardpeer dat ie 'm zelf langs 's komen brengen. Ja kijk, ik heb maar een half jaartje in Rheden gewoond - ik vond het er vreselijk - en heb mijn huisje snel weer kunnen verkopen. Maar net in de periode moest ik mijn paspoort verlengen en daarom..... Godverdegloeiende!! Wordt er nog 's naar mijn voet gekeken!!!

Nee. want mijn bloeddruk moet nog worden opgenomen. Ik onderga het gelaten. Maar denk: neem mijn voetdruk maar op. In plaats van mijn bloeddruk.

Het wordt er tijd voor. Ik neem zelf initiatief. Even een gelul. Nu kijken. De papiercontainer vullen we later wel. De Ethiopische gezondheidszorg-economie ondersteunen we straks wel. Nu kijken!!!!

Ik verwijder omzichtig de elastieken. Verwijder voorzichtigjes de handdoek. Til mijn voet op. En warempel de heren komen uit hunnie stoel. Bekijken de zaak.

Een arts verteld me dat ik een 1e graads verbranding heb opgelopen. Koelen hoeft niet meer. De helse pijn die ik voel is volgens hem het logische gevolg van een 1e graads verbranding. Dat zal snel overgaan. Het vel zal morgen beginnen los te laten. En hij geeft een van zijn helpers opdracht om pijnstillers te halen. Gaasverband. En een creme met antibiotica-werking. En hij zal me twee injecties geven. Die spullen moeten van de overkant gehaald worden. Bij een apotheek. Die heeft het ziekenhuis zelf niet. Mijn chauffeur gaat de spullen halen/kopen. En na een half uur komt ie terug met het stuff.

Ik krijg de (schone) spuiten toegediend. 1 in mijn onderarm. 1 in de schouder. Door een niet al te zachtzinnige dame. Maar goed. Een kleinigheid houd je altijd. Mijn voet wordt ingesmeerd met de crème. En voorzichtigjes wordt er een gaasverbandje over gelegd. Klaar is Kees. U mag het pand verlaten.

Op mijn vraag of er nog iets afgerekend moet worden, is het antwoord dat dit een staatsziekenhuis is. De behandeling is for free. De medicijnen moeten worden betaald. Dat doe ik. En we rijden de diepe donkere nacht weer in.

Aangekomen bij het hotel doet de guard van de overkant de stalen deur open. Hij zegt niets. Hij begrijpt niets van de consternatie. Ik doe mijn hotelkamerdeur open. En daar laat ik me gecontroleerd op het bed ploffen. Nauwelijks realiseer ik me wat er gebeurd is. Het dringt maar moeizaam tot me door. Het ging ook zo snel. Ik kijk naar m'n ingepakte voet. En bedenk me dat ik figureer als hoofdrolspeler in een slechte stinkvoetenfilm. Dit zijn nu typisch van die huis-tuin-en-keuken ongelukken. Waarover je wel 's hoort. 

Hoeveel passen heb ik me deze reis al naar beneden laten storten? Hoeveel afgronden ben ik langs gegaan? Hoeveel bergen heb ik fietsend bedwongen? Hoeveel straten overgestoken? Hoeveel stenen zijn langs lijf en leden gevlogen? Hoeveel hondenbeten heb ik ternauwernood kunnen voorkomen? Hoeveel had er wel niet mis kunnen gaan? En nu. Nu word ik geveld door het water uit mijn eigen bidon!!

Ik neem een pijnstiller. Leg mijn ingepakt been/voet buiten mijn slaapzak. En probeer de slaap te vatten. Wat niet lukt. En daarom luister is de hele nacht naar muziek waar ik anders nooit naar luister. Zoals het door mijzelf illegaal getapte live concert van U2 uit 1985 op het Torhout-festival in België. Kleine microfoontjes links en rechts verstopt in de stokken van het spandoek (spandoeken mochten toen nog). Want het moest wel in stereo opgenomen worden. Vanzelfsprekend! In geen 20 jaar naar geluisterd. En nu ademloos. Tot het einde.

Wat een naargeestig einde van de dag was dit. En dat nog wel op de geboortedag van mijn moeder. En vraag ik me af: wat zullen de gevolgen hiervan zijn voor de rest van mijn fietsreis? 

Voor de 800 kilometer die ik nog te gaan heb.

Huldebij

(vanwege technische problemen - mijn sd-kaartje met de laatste foto's is aan puin - zijn de hieronder getoonde foto's (deels) van internet geplukt)

Vandaag zou mijn moeder - als ze niet in 2004 haar laatste adem had uitgeblazen - 92 jaar zijn geworden.

Drie januari is voor mij elk jaar opnieuw een speciale datum. Ik hoef niet naar haar graf of zo (zou verdomme nu ook een hele omweg zijn) maar ze is er altijd in mijn gedachten bij me op de derde dag van het jaar. Ze vond het trouwens een klotedag om jarig te zijn. Drie januari. (klotedag is overigens en doorgaans niet het woord dat mijn moeder in dit soort situaties gebruikte, ik hecht er aan om dit u mede te delen).

'Waarom was dit voor haar een klotedag, Gerrit?'

Nou. Vaak was er geen gebak verkrijgbaar omdat de bakkers - we praten over de jaren zestig/zeventig - rond de jaarwisseling hunnie winkel een weekje of langer dicht deden. Mijn moeder moest dan - zeker als het weekend verkeerd viel - dagen, soms een week, van tevoren al taart kopen. En die was natuurlijk niet helemaal kakelvers meer als de visite op 3 januari zich aan de lekkernij - bij ons thuis - tegoed kwam doen. 

Ze vond dat heel vervelend. Echter, ik vermoed dat ze daar nu geen last meer van heeft. In het hiernamaals - waar ze in een heilig geloof in had en haar rotsvaste vertrouwen aan ontleende - zijn de taartenwinkels (tegenwoordig) vast toch ook wel 24 uur per dag open. Dat zal toch wel. Die moeten daar toch ook met hunnie tijd meegaan!?

Maar ik hoop echt wel dat dat hemelgaan van mijn moeder, voor haar, niet op een bittere teleurstelling is uitgelopen. 'Je hele leven in dienst van de Heer stellen, en er dan achter komen dat er helemaal geen hemelpoort of hiernamaals is'. Je loopt nog wel even te zoeken naar de ingang maar die blijkt er dan helemaal niet te zijn. Bestaat gewoon niet. Dat zou toch een dompertje zijn. Van jewelste. Ik hoop het niet voor mijn moeder. Maar ook niet voor de duizenden gelovigen die momenteel hier het stadje Gonder overlopen.
Ik val namelijk bijna met mijn neus in de religieuze boter. 

Over een weekje wordt in Gonder (maar ook in Aksum en Addis Abeba) het TIMKAT gevierd. Een religieus feest. En het stadje wordt dan nu ook al overlopen door duizenden in witte gewaden geklede gelovigen. En ondanks het feit dat ik een niet geheel overtuigd religieus mens ben, overvalt me hier, net als bij de Gouden Tempel in Amritsar (India) en op plaatsen in Nepal, een gevoel van mystieke warmte en genegenheid. De waardigheid waarmee de mensen hier de Heilige plaatsen bezoeken, de overgave waarmee de religieuze rituelen worden uitgevoerd vervullen me met warmte en respect.

Ik zit er een tijdje - op gepaste afstand - naar te kijken. En wordt er stil van. Het is mooi wat hier gebeurd.

Maar goed. Lieve volger. Ruim voordat ik het risico loop een jaarabonnement op de EO-gids af te sluiten. En voordat ik in de religieuze glimlachval trap van die EO-presentator Bert (hoe-heet-ie-verdomme-ook-al-weer) echt een toffe peer ga vinden. En voordat ik mijn agendaatje schoonveeg om in 2017 nu eindelijk 's de EO-landdag bij te gaan wonen, voor een plekje dicht bij het podium, verlaat ik de ceremonie spoorslags. Er staat vandaag nl. nog veel meer op het program.

Maar eerst even de medische rubriek aandacht geven. 

Ik heb de afgelopen anderhalve dag gestrekt op mijn bedje gelegen. Gordijntjes dicht. Niet teveel licht aan de oogjes. En gaandeweg kon ik blindelings de weg naar het toilet weten te vinden. Maar gistermiddag knapte ik ineens een ietsje op. En kon later in de middag zelfs op jacht naar een reservebinnenband voor mijn fiets. Die ik eigenlijk niet heb gevonden. Maar toch ook weer wel.

Ik heb de goede 26 inch maat gevonden. Alleen het ventiel past niet door de opening van de velg. De vriendelijke fietsenmaker wilde best even een groter gat in mijn velg boren, maar van dat fijne originele oplossingsidee heb ik 'm tijdig weten af te brengen..... Toch heb ik de band gekocht. Beter iets dat net niet past, maar wel passend te maken is. Dan helemaal geen band.

Gisteravond heb ik bij het befaamde restaurant 'the Four Sisters' gegeten. En dat werd een bijzondere avond. Door het lekkere eten aan de ene kant (en het opzwepende dansen van de vier (prachtige) zusters niet te vergeten, tjonge wat een beweging, ritme en soepelheid hebben die Afrikanen, dat doen wij ze niet na, maar ..hey....ze hebben ook meer tijd om te oefenen natuurlijk...... Deze racistische grap moest even. Voor klachten. Zoek zelf maar een loket uit, het zal me aan m'n reet roesten). Maar het werd ook een mooie avond omdat ik (de eerste) Nederlanders hier in Ethiopië ontmoette. En we hadden een fijn gesprek. Interessante leuke vrouwen.

Maar tot zover het goede nieuws. 

Ik werd gisteravond toch weer zieker en zieker. En de afgelopen nacht was van het niveautje HORROR. Echt geen oog dicht gedaan. En vandaag is het ook bagger. Toch ben ik vanochtend tegen wil en dank maar op wandelpad gegaan.

Maar eerst een klein stukje geschiedenis. 'Moet dat nu echt Gerrit?. Ja, lieve lezer, even door de zure injera doorbijten, dat moet.' Ik zal het, geheel tegen mijn gewoonte in, kort houden.

Gonder was in 1636 de hoofdstad van Ethiopië. En dat kwam omdat het strategisch ligging t.o.v. Sudan, Egypte en Massawa. De stad floreerde. En dat werd zichtbaar door de vele mooie kastelen, tuinen en plantages die de stad rijk was. In 1880 was het gedaan met de pret. Sudan viel het land binnen en verwoestte veel van de mooie gebouwen in Gonder. On top off that bombardeerden de Engelsen in 1941 de stad. Vele gebouwen werden verwoest. Tot zover het slechte nieuws. Voor Gonder.

Een aantal historische gebouwen is overeind gebleven. Onder andere het Paleis van koning Fasiladas. Nou. Eigenlijk meer een kasteel. Wat zeg ik. Zes kastelen. En die staan op een oppervlak van 7 hectare. En die kastelen zijn te bezoeken. Ik koop een kaartje en ben de eerste bezoeker deze ochtend. Veel van wat ik zie is met hulp van UNESCO weer herbouwd. Maar dat doet weinig af aan het voorstellingsvermogen van de grandeur en sfeer die hier vroeger geheerst moet hebben.

Ik ben bij lange na niet fit. Maar besluit toch naar een ander historisch bouwwerk te gaan, aan de andere kant van de stad: de kerk van Debre Berhan Selassie. 'En die kerk, die heeft me toch een geluk gehad'!!!

Toen de Sudanezen in 1880 hier de boel op stelten kwamen zetten, wilden ze ook de kerk van onze Selassie een kopje kleiner maken. Maar toen de boeven de kerk naderden werden ze aangevallen door een enorme zwerm bijen.

Schijtluizen als ze waren (of ze hadden geen anti-prikspul bij de hand, of ze waren gewoon niet zo gek op honing, dat kan ook) gingen ze er vandoor en lieten de kerk de kerk. En dat is heel fijn. Want daarom kunnen we er nu, in 2017, nog van genieten.

Als ik er ben is er beuiten net een bijeenkomst en houd me gedeist. Eenmaal binnen in de kerk neem ik plaats op een stoel. En ga een uurtje luisteren en kijken. Bewonderen is het meer. Van binnen zijn de wanden en de plafonds beschilderd. Buiten bestaat het dak uit bamboestokken. De muren zijn deels van steen, aan de binnenzijde aangesmeerd met een leem-stro-structuur. Het is een prachtige kerk. Wat goed dat ie bewaard is gebleven. Ik zeg. Hulde aan de bij.

Aan het einde van de dag bezoek ik nog het badhuis van koning Fasiladas. Voor zijn vrienden ' King Fasi'. Dat vond ie best vervelend die associatie met een vaas. Maar als zo'n bijnaam er 1 keer insluipt........

Hij gebruikte het werkelijk schitterende gelegen bouwwerk als vakantiehuis. En ging er wel 's pootje baden. Met vrienden. Beetje voetje vriijen. Enkeltje voelen. Knietje schuren. Dat werk. Maar wel stiekumpjes. Tuurlijk!

Tegenwoordig wordt het complex eenmaal per jaar gebruikt wanneer het TIMKAT gevierd wordt. Dan wordt de gracht gevuld met water. Wordt het water door de Bisschop gezegend. En dan springen er duizenden mensen in. Om zich in het gezegende water onder te dompelen. En te zwemmen. 

TIMKAT gaat over een weekje plaatsvinden. En de voorbereidingen zijn al volop aan de gang. Zo worden op de bodem van de gracht de ontbrekende stenen vervangen. En gescheurde voegen hersteld. Ik loop er een uurtje rond. Schiet wat foto's. En vind dit een hele fijne en sfeervolle plek. Je kunt onze King Fasi een goede smaak niet ontzeggen.

Wat een mooie en interessante dingen heb ik vandaag gezien!

Het wordt tijd om me op te maken voor de rit van morgen. Want ik heb besloten - ondanks mijn gebrekkige conditie t.g.v. griepgedoe - om toch mijn fietsje maar te bestijgen. Ik koop wc-rollen, water, een rol biscuit, vijf kauwgumballen, 2 ingeblikte sardientjes en maak de bank weer 's wat wat geld afhandig. Dat zal ze leren!! Die boevenbeende.

En ik ga mijn fietsje 's een echte verwenbeurt geven. Dat heeft ie wel verdiend na 1000 Ethiopische kilometers. Eerst heb ik 'm 's fijn en vriendelijk toegesproken. Daar ontspande ie wat van. En toen heb ik heel zachtjes en teder alle boutjes en moeren aangedraaid. De banden weer volgeblazen. De remmen zachtjes afgesteld. De ketting wat strakker gelegd en als beloning een drupje olie gegeven. Ik denk dat ie zich weer helemaal goed voelt. En er oor de volgende 800 km weer tegen kan.

Ik hoop dat ik een goed nachtje ga draaien. En dat ik morgen ook daadwerkelijk fit genoeg ben om de trappers weer rond te malen.

Maar voor het bed mij voor een nachtje vloert. Ga ik eerst nog even mijn bidons uitkoken.

 

Etappe: Gonder

Km: -

Acceptatie

U weet vast meer nare dingen te bedenken. Echter. Ziek worden in den vreemde is 1 van vervelende dingen die je kan overkomen.

Ziek worden is sowieso niet mijn favoriete bezigheid. Thuis niet. Maar zo ver van huis..... da's helemaal niks nie fijn. Dan wil je eigenlijk dat je eigenste Pleegzuster (of broeder) Bloedwijn met alle zorg en liefde over je heenbuigt en je een kopje bouillon aanreikt. Of een beschuitje (zonder boter) besmeerd met een dun laagje aardbeienjam. Of je een glaasje vers geperst sinaasappelsap aanbiedt. En dat hij/zij dan zo af en toe aan de rand van je bed komt staan. Je aankijkt. En dan zegt dat je er al veel beter uit ziet. Zo zou je het graag willen.

Als de Mudzahedin me niet vanaf een uurtje of 2 (s' nachts!!!) had wakker gehouden met zijn klaagzangerige gebeden - die knetterhard en overstuurd uit een luidsprekertje - dat moet zo, want de Profeet stelt prijs op een beetje Allaha-schallen net ter hoogte van mijn kamerraam - in dat geval, ja, dan had ik best een goed nachtje gedraaid.

Althans, dat zijn mijn eerste gedachten als ik mijn ogen opsla. En het daglicht dat mijn kamertje binnenstroomt aanschouw. Echter, al snel voel ik dat ik me minder fit voel dan gisteren. En toen was het al niet al te best met me gesteld. On top off wat er gisteren al aan de hand was heb ik nu ook te kampen een flinke diarree. Ik moet me haasten. Moet zoeken naar iets van een gat in de grond. Ga er boven hangen. En. Loop echt helemaal leeg. Als ware ik de 'Niagara Braun Collored Waterfall' in eigenste persoon.

Ik zou er potdomme een echte attractie van kunnen maken. Een voortdurend stromende waterval, maar nu 's niet met lekker schoon helder water, maar met een lekkere Nutella-Pindakaas achtige smurrie. Met Crunchy nootjes. Walibi zou er nog een bruin puntje aan kunnen zuigen. Kaartjes zijn (bij mij, want ik wil er goddomme wel beter van worden) te koop a' 5 Birr. Maar even wachten nog. Ik moet eerst nog even weer..........

Een ontbijtje vinden in de dorpje is niet eenvoudig. Na wat zoekwerk weet ik een kopje thee te bemachtigen. En een gefrituurde driekhoekige soort appelflap, gevuld met linzen. Ik kauw er een rechthoek uit (ik probeerde een trapeziumvorm, maar dat lukte niet, ik kwam een paar hoeken tekort). Maar ik krijg het vette ding niet helemaal weg gekauwd. Geen trek. Eetlust op het niveautje below zero. En dat is voor mijn een teken dat het een zware dag gaat worden.

Qua kilometers zou het mee moeten vallen. Omdat ik er gisteren een flinke afstand heb afgelegd, hoef ik vandaag nog maar 40 km te fietsen. Waarvan de laatste 17 kilometer zo ongeveer recht naar beneden lopen.

 

Mijn vertrek uit dit dorpje is gaat niet ongemerkt. Een flink aantal Jongeren drommen om mijn fiets. en doen me uitgeleide.

De eerste vijf kilometers zijn nagenoeg vlak. 

En ik zie op dit vroege uur al een beeld dat ik deze reis meermalen heb gezien. Een enorme rij jerrycans, en hun eigenaren, wachtend op hun beurt. Om water te tappen. In Ethiopië is stromend water een ware luxe, die alleen in de grotere steden sporadisch en op onregelmatige basis voorhanden is.

Op het platteland is men afhankelijk van 1 en 2 watertappunten per dorp. Vaak aangelegd met geld van UNICEF, UNHCR of een ander goedbedoelend clubje. Mocht u het idee hebben dat ons ontwikkelingssamenwerkingsgelden niet goed terecht komen, dan kan ik dat niet ontzenuwen, want ik ben niet opeens een deskundige geworden al fietsend door dit landje. Echter, ik heb veel voorbeelden gezien van hele mooie projecten - gefinancierd met ontwikkelingsgeld - waar de mensen hier echt heel veel baat bij hebben.

Vaak liggen de waterpunten een eindje buiten de dorpen. En er moeten vele kilometers lopend worden aangelegd om een nieuwe voorraad water te bemachtigen. Maar voor het zover is moet er veelal uren worden gewacht voor men aan de beurt is. (kleine) Kinderen en vrouwen zijn vaak de (water)klos. Zij moeten het zware draagwerk doen. Maar een reden hiervan kan natuurlijk ook zijn dat mannen van nature wat minder dorstig zijn..........Voor wie het zich kan permitteren, laat een ezel het zware werk doen.

‘Wat leven wij toch in een geweldige luxe!’

Ik ben inmiddels aan mijn eerste bescheiden 5% klim toe. En al snel. Val ik stil. Ik ben buiten adem. Kapot. Na een korte pauze stap ik weer op. En. Hetzelfde gebeurd weer. Ik stap af en spreek mezelf toe. Het wordt tijd om iets van acceptatie mijn breingeest in te laten vloeien. En die acceptatie is dat ik mezelf nu op dit moment ziek verklaar. Ik heb me er al dagen tegen verzet. Maar nu zie ik het onder ogen. Super vervelend! Maar het is even de feitelijke situatie.


Dit soort interpersoonlijke gesprekjes helpen me enorm. Het gegeven niet meer als een probleem zien. Maar als een feit accepteren.

En dat maakt dat ik een paar versnellingen lichter schakel. En rustigjes, op mijn gemakjes de kilometers die voor me liggen afleg. Geen haast meer. Niet liggen duwen tegen de zwakte. De vermoeidheid.  Geregeld pauzes nemen.

De uitzichten zijn bepaald niet onaardig. En tussen het ziek zijn door geniet ik van de route die ik fiets en de heerlijke temperaturen.

Ondertussen probeer ik de stenen te ontwijken die jongeren - me ongetwijfeld veel liefde en goede bedoelingen - naar me toe smijten. Uiteindelijk rol ik tegen het middaguur de stad Gonder binnen.

Als ik me niet zo hondsberoerd had gevoeld dan was ik op slag verliefd geworden op deze heerlijke stad. Het voelt meteen goed. Waar bovendien ook nog 's een prachtig paleis te bezichtigen zal zijn. Ik besluit mezelf te verwennen. Als je ziek bent kun je maar beter de omstandigheden positief naar je hand zetten. Ik zoek. En vindt. Een middenklasse hotel, voorzien van douche en toilet. Die laatste is echt noodzakelijk, die moet echt binnen handbereik zijn (dat water en elektra in de hele stad, dagenlang niet voorhanden zijn, merk ik pas later....).

Lieve lezer. Slim als u bent. U heeft het allang begrepen. Ik ben geveld. Met een rechtse directe. Ik lig gevloerd. Midden in de ring. De scheids hoeft niet eens de jury te raadplegen. Het publiek is al naar huis. Het is duidelijk zo. Ik heb deze ronde verloren.

Een geweldig bemoedigend begin van het nieuwe jaar is het niet. Het lijkt op griep. Althans ik vertoon de verschijnselen die daarbij horen. Het is even niet anders. Ik zal het moeten uitzieken. En verder forceren heeft ook geen zin. Als je aan gras gaat lopen trekken, daarvan gaat het ook niet harder groeien. Maar, kijk er maar 's opnieuw na als je terugkomt van vakantie........

En dat principe moet ik nu ook in praktijk gaan brengen. Te bed. En de tijd nemen om te herstellen. 

Maar wacht even. Ohhhhhh, ik moet weeeeerrrrrr..............

Eta

ppe: Amba Gioyorgis - Gonder
Km: 40

Pilletjes

U zit waarschijnlijk - en zeer terecht - lekker en smakelijk aan vers gebakken oliebollen zit te knagen.

Of u ligt lekker op het vloerkleed - voor de houtkachel - de appelflappen kwijlerig weg te kluiven. En tussendoor (want u kunt multitasken) doet u rekoefeningen omdat u straks lenig maar vooral tijdig moet bukken voor de vuurpijllen die uw enge buurman jaarlijks op u afvuurt.

En u neemt vast pilletjes in teneinde de oudejaarsconference van Claudia de Breij zonder braakneigingen te overleven (Jezus, wat heeft die vrouw dit jaar een kutboek - neem een Geit getiteld - geschreven, ik heb het na driekwart lezen weggelegd, is echt helemaal niks, en ook - om voor mijn totaal onbegrijpelijke redenen - nog genomineerd voor een prijs ook, en volledig terecht NIET gewonnen).

Ik vind. Ik ben van mening. Dat als je in 2016 met zo'n kutboek aan komt zetten. Dat je dan tijdens de jaarwisseling met pasgewassen, net niet helemaal droog en in een scheiding gekamde haartjes diep onder je dekentjes moet kruipen. Heel diep. En dat je daar dan heel 2017 zo onder moet blijven liggen. En dan schroef ik het bordje wel op de slaapkamerdeur met het opschrift: 'niet voerderen'.

Overigens. Hier in Ethiopie zal ik niets merken van al die oudejaarspret in Nederland. Uw vuurpijtjes halen het namelijk net niet tot in Ethiopie. Die blijven ergens halverwege steken. En uw rotjes knallen net niet hard genoeg om bovenuit het televisiekabaal van derderangs artiesten uit dit fijne landje- waar ik dit stukje dwars doorheen moet proberen zien te typen - uit te komen. Het doet me voorzichtigjes verlangen naar de zangkunsten van onze volendamse Nick en Simon vriendjes. Die zijn nl heilig bij de muziek die nu mijn oorvliezen teisteren (nooit gedacht dat ik dat nog 's zou optekenen).

En daarbij.

In Ethiopie vieren ze de jaarwisseling op 11 september. Dan moeten zij weer een nieuw kalendertje of agendaatje kopen. Het jaar telt hier trouwens 13 maanden. Waarvan de 13e maand uit vijf dagen bestaat. Bent u er nog? Fijn. Want er komt nog wat. Ethiopieers leven officieel 2 uur later dan wij. Maar de wijzers van hunnie klokje wijzen 6 uurtjes later. En daarom moet je goede afspraken maken over of het om de Ethiopie-tijd gaat of om de Faranji-tijd.

U bent inmiddels afgehaakt. Heb ik alle begrip voor. Eh.... ik weet ook niet wie dit allemaal heeft bedacht. En onder welke invloed van welke harddrug die persoon dan ook op dat moment stond. Maar het is sterk spul geweest. Want het werkt nog steeds. Heel Ethiopie vind het nl. de normaalste zaak van de Wereld.

(U gaat 't toch vragen) Ik zal 's informeren. Waar het STUFF te koop is. En of het een beetje betaalbaar is. Ik weet. U vind dat belangrijk. Puur een stukje service van mijn kant. misschien kan ik wat meesmokkelen......voor U. Ik heb het zelf niet nodig.

Na lang wikken en wegen heb ik toch besloten om mijn pakezeltje op te laden. Na vijf fietsloze dagen. En koers te zetten richting Gonder. Na lang wikken en wegen ja. De wandel- en klauterdagen in de Simien Mountains hebben hun fysieke tol geeist. Met zware wandeldagen van 8 a’ 9 uren sjouwen, klauteren en klimmen. Is mijn energiepijl recht naar beneden gericht.

Heb te weinig gegeten. En gedronken. Tijdens het wandelen. Had geen zonnebrandcrème bij de hand. Ik ben een aantal keren de uitputting nabij geweest. En ondervind daar nu de gevolgen van. Ik heb vannacht geen oog dicht gedaan. Mijn neus zit dicht. En als ie dat niet zit. Dan produceert ie een oranjeachtig slijmerige vloeistof. Rond Koningsdag ideaal om ‘s lekker mee te vingerverven. Maar voor nu. Niet fijn. Dat is nog niet alles lieve volger. Mijn oren knappen. Ik heb een dikke keel. Hoest. Ril. En mijn hoofd bonkt.

Ik heb vanmorgen bij een DRUG STORE wat pilletjes gehaald. En ja, die moeten hun werk de komende dagen maar gaan doen. Maar op korte termijn kan ik daar nog geen wonderen van verwachten. Eigenlijk ben ik gewoon ziek. Maar hier - in Debark - in bed blijven liggen, van die gedachte knap ik ook niet echt op. Ik begin een beetje bij het interieur van het dorpje te horen. Ze kennen die Hollandsche fietser zo'n beetje allemaal. En als dat gebeurd dan begint het bij mij in de nabijheid van al mijn aanwezige intieme lichaamsdelen te jeuken. Wegwezen hier. Op naar nieuwe geuren en kleuren. Nieuwe landschappen. Nieuwe mensen. Nieuwe verhalen. Ziek of niet ziek.

Ik verlaat Debark pas om 10.30 uur. En trap bij een graadje of 25 - onder een staalblauwe lucht - mijn eerste glooiende kilometers weg.

De eerste 20 kilometer heb ik geen centje pijn. Daarna begint waar dit tracé bekend om staat: stenen gooiende jongeren. Met het verstrijken van de kilometers neemt de intensiteit van het lastig vallen toe. Ik word gevolgd door hele drommen kinderen die YOU YOU YOU roepen. En PEN PEN PEN! En GIVE ME MONEY of GIVE ME 100 BIRR. 

Tot zover niets aan de hand zou je zeggen. 'Dat ben je nu toch wel gewend Gerrit'. Zeker lieve lezer! Alleen beginnen ze me nu ook met stokken te slaan. En aan mijn tassen te hangen. En te rukken. En, bij het passeren proberen ze mijn stuurarm te grijpen. En soms lukt dat. En dat levert gevaarlijke situaties op. 

Ik krijg vandaag zoveel stenen om de oren gegooid dat er wel eentje een keer raak moest zijn. En dat gebeurd ook. Een stuk steen raakt me precies waar de onderrug overgaat in billen. Je kunt 'm daar hebben. Maar fijn is anders 

.

Een paar keer zet ik mijn fiets woedend op de standaard. En schreeuw en vloek dan wat af (ik zal me na afloop van deze reis bij de bond tegen het vloeken als donateur aanmelden, maar heb er begrip voor als deze club me weigert........). En dat doe ik - tot mijn verbazing - in onvervalst Wezeps dialect. Ik spreek dat sinds het overlijden van mijn moeder nooit meer. Ik ken bijna geen mensen meer die dit soort dialect spreken. Maar nu ik kennelijk geraakt wordt, nu de grenzen van mijn incasseringvermogen aan de horizon verschijnen, mijn ongecontroleerde boosheid het daglicht ziet, ik wordt uitgedaagd om mijn meest primaire reactie te voorschijn te toveren, nu komt dat dialect weer naar boven.

'Roep dan de hulp van volwassenen in Gerrit, Ethiopië bestaat toch niet alleen uit kinderen?' Dank u wel lieve lezer, voor deze gouden - wel enigszins mosterd voor de maaltijd - tip (dat moet me van het hart).

U moet weten. De meeste volwassenen hier moedigen dit stenengooien-gedrag alleen maar aan. De verklaring is dat de kinderen het juist heel fijn vinden om een witman (Firanji) te begroeten. Het zou een teken van belangstelling en liefde zijn. Fijne verklaring. Maar ik krijg die verklaring en de dagelijkse praktijk in mijn hoofd maar moeilijk aan elkaar geknoopt. Heel af en toe schiet een volwassene te hulp. En dan ben ik weer voor heel eventjes gered.

De hele fietsdag staat in het teken van deze ‘hartverwarmende’ begroetingen. Tot aan de ingang van het hotel toe. En dat hotel staat in het plaatsje Amba Giogyrios. Ik rol er binnen na 67 kilometer fietsend, kuchend, proestend, snuitend en met een ritmisch bonkend ziek hoofd. En dat komt dan weer niet van de stenen.......alhoewel dat gemakkelijk had wel gekund.

(Een klein stukje van de route is te zien op dit filmpje dat 1 minuut nog wat duurt https://youtu.be/Dag75jBn72M)

Amba Giogyrios is een stoffig dorpje. 

Het hotel onderscheid zich qua stoffigheid niet echt van het dorp. Er is een kamer. Geen douche. En er is niets dat in de verte op een toilet lijkt. Voor 50 Birr (2 eurootjes) mag ik er de nacht doorbrengen. Ik hoop maar dat het lichaam vannacht iets van herstel laat zien. Maar eerlijk gezegd - nu mijn lichaam tot stilstand komt - voelt het eerder omgekeerd. Alles slaat dicht. Het lijf doet pijn.

Ik scoor een Fanta. En een noodzakelijke Walia (is een Ethiopisch biertje). Noodzakelijk ja. Want met die drankjes probeer ik de smaak van de zeeeeer pittige sambalsaus - die meegeleverd wordt met het bord Spaghetti dat ik voorgeschoteld krijg - weg te spoelen.

Oh, wat verlang ik op dit soort momenten naar de spaghettisaus die mijn vriendin Joan op tafel kan toveren. Dat toveren duurt een uurtje of drie, want zolang moet de saus trekken of stoven of ingestraald worden (weet ik veel wat voor een magische dingen ze mee doet). Maar dan .......mmmmmm!!!

Maar goed. Joan is even niet in de buurt. En de saus laat het dus ook afweten. Ik doe het er mee. Met veel plezier en smaak.

Ik neem nog maar 's een een pilletje in. En hoop er maar het beste van vannacht. En dat hoop ik voor u ook zo rond 24.00 uur.

Maar vooral voor al die uren, minuten, seconden die 2017 daarna voor u gaat aftellen.

Etappe: Debark - Amba Giogyrios 

Km: 67

Simien Mountains






Lieve kijkbuiskindertjes!

Ik heb mijn fiets voor even vaarwel gezegd. Ik was er even zat van. 

Op mijn rug heb ik een rugzakje geknoopt. En ben op pad gegaan voor een drie daagse trektocht (27 tot en met 30 december) door HET Nationale Park van Ethiopië: the 'Simien Mountains.' 

Om er in te mogen moet je een vergunning kopen. En je moet een 'bewaker' (met geweer) huren. Zonder dit kom je het Park niet in. Dus dat huren, dat heb ik maar gedaan.

Ik heb het zware loop werk gedaan zodat u van de mooie plaatjes kunt genieten. 

Veel plezier!