De Lustige Reiziger

Bouwvoor

Ik heb mijn hoofd, lijf en leden op vreemde en gekke plaatsen te rusten gelegd.

In Nepal sliep ik eens in een geitenhok. In Roemenie heb ik mijn tent eens in de voor van een pas geploegd weiland geplant. En ..... heerlijk geslapen. Tja, ik kon immers - qua rolbeweging - geen kant op. In India heb ik temidden van duizenden gelovige bedevaart-Shiks geslapen. Hondsberoerd als ik was, werd ik liefdevol verzorgd door een Shik-arts. Dat waren bijzondere plekken. Maar zo zout als vandaag heb ik het op mijn reizen nog nooit gegeten.

Het ontbijt laat ik deze ochtend voor de helft onaangeroerd staan. Dat is niet omdat het niet lekker zou zijn of zo. Maar de eetlust wil niet opkomen. En dat terwijl ik gisteren de avondmaaltijd heb laten schieten. Dat is allemaal het gevolg van een maag- en darmstelsel dat nog niet helemaal in de juiste richting wil meewerken.

En dat ontbreken van de eetlust verontrust me wat. Ik werk wat ORS naar binnen om het zoutgehalte op peil te houden. En drink een kopje gemberthee. Smerig spulletje. Echter, het verzacht en werkt heilzaam op het darmstelsel. In Nepal geleerd. En sindsdien maakt het spulletje deel uit van mijn vaste reisinboedel. Het spul werkt als een speer. Hopelijk vandaag ook.

Om 9.00 uur bestijg ik mijn karretje. Onnder een felle zon ga ik verder. Noordwaarts.

Het wegdek is van prima kwaliteit en het glooit dat het een lieve lust is. Ik fiets momenteel op een hoogte van 2600 meter en ik zal vandaag nog verder doorstijgen naar 2900 meter. En dat is te voelen ook. Aan de benen. Ik moet een uur of twee onafgebroken klimwerk verrichten. Tijdens dat klimmen kom ik door dorpjes waar ik word aangestaard door de plaatselijke bevolking. Soms wordt ik nageroepen: Faranji, dat 'witman' betekend.

En er is de regelmatige roep om money, money. money.

Los van het feit dat ik maar weinig mensen ken die geen money zouden willen hebben, zou  het bedelgedrag van de Ethiopier ten grondslag liggen aan de hongersnood uit de jaren tachtig. Die enorme hongersnood die Ethiopie toen teisterde maakte dat er een wereldwijde hulpactie op touw werd gezet om de bevolking te redden. Een geweldige hoeveelheid geld is toen naar Ethiopie gestuurd om de ergste noden de ledigen. En om een bijdrage aan de wederopbouw te leveren.

Het beeld dat hierdoor onstaan zou zijn in Ethiopie is dat de witman geld heeft en dit ook te pas en te onpas aan hen geeft. Dat zou ten grondslag liggen aan het hedendaagse bedelen, dat van generatie op generatie doorgegeven wordt. Maar ook het gegeven dat Ethiopie hoog scoort op de lijst van allerarmste landen verschaft ze wat mij betreft een goed te begrijpen alibi.

Na het nodige klimwerk te hebben verricht stop ik voor een serieuze pauze. Onder de rook van een enorme grote nieuw te bouwen staalfabriek- die nogal detoneert in het landschap maar  ongetwijfeld weer veel banen zal opleveren - ga ik in het weilandje tegenover - mijn broodje met chocopasta eten. Ik voel dat ik de vooraf geplande 70 kilometer dagafstand niet ga halen vandaag. Mijn benen moeten nog wennen, en het was al met al toch al flink stijgen.......

Na een half uurtje ga ik verder.

De temperatuur is gestegen tot 28/29 klein nulletje C. Ik omring me met de geur van de zeer noodzakelijke zonnebrandcreme. Dit om te voorkomen dat ze me zeer binnenkort in het brandwondencentrum van Beverwijk zullen verwelkomen.

Ik zie kort na elkaar een vrachtauto op z'n kant liggen en een personenauto met de airbags eruit op plekken staan waar ze normaal gesproken niet horen. In de berm en afgrond. Oppassen geblazen dus.

Tot nu toe houd het verkeer zich netjes aan de regels om een Hollandsche fietser niet van z'n sokken te rijden. En dat is fijn. En het gegeven dat de weg flink breed is helpt daar ook aan mee. Maar ik moet m'n ogen op mijn achteruitkijkspiegeltje gericht houden. En scherp blijven.

De weg is nu relatief vlak en dat komt me goed uit. Ik begin iets van vermoeidheid te voelen en ben toe aan iets dat op rust gaat lijken. Gelukkig is het dorpje Sheno niet ver meer. En met dat ik het denk. Doemt het in de verte op.

Ik fotografeer bij het binnenrijden van het dorp een vrouw die het kaf van het koren aan het scheiden is. Talloze goudgele graanvelden hebben zich vandaag aan mijn oog onttrokken. Ik bevind me in een vruchtbare streek. Er wordt met man/vrouw en macht gewerkt om de oogst binnen te halen.

Sheno blijkt gelukkig nog een flink plaatsje te zijn. En dat is fijn. Hier moet het mogelijk zijn om mijn voorraden aan te vullen. En om een plekje voor de nacht te vinden. Omdat de mannen van de Michelingids hier kennelijk nog niet zijn geweest om hunnie sterren uit te delen - omdat ze daar waarschijnlijk te lui voor waren (want luie donders dat zijn 't) laten ze het zware hotel-kieswerk maar aan mij over.

Ik kies op goed geluk. Het enige hotel dat het dorpje rijk is. Waarbij ik graag aanteken dat aan dit onderkomen met z'n sanitaire voorzieningen een ster uitdelen hier een beetje over the top zou zijn. Een beetje te ambitieus. Een beetje zonde van de ster. Ook. Een beetje onterecht.! Een beetje heeuuul erugh onterecht!!

Ik werp een snelle blik en de vermoeidheid doet me besluiten om alles wat ik zie maar te negeren en voor lief te nemen. Eerlijk gezegd heb ik tegelijkertijd besloten dat ik met dit hotel de absolute ondergrens bereikt heb. Ik kan een hoop smerigheid verdragen. Echter, met het hier doorbrengen van de nacht zak ik, qua hygienische omstandigheden, door drie Beter Bed Latten Bodems tegelijk. Daar zou zelfs die clown van Beter Bed zijn rolfluit van inslikken. Net goed. Kut Clown. 

Ik betaal 80 BIRR, omgerekend 3 euro, en sleep mijn spullen met lichte tegenzin en vermoeide benen naar boven. Als klap op de vuurpijl blijkt, bij het installeren van al mijn spullen, dat ik terecht ben gekomen in een eh............hoe zeg ik dit netjes: een onderkomen voor dames van lichte zeden die onder het schijnsel van de maan bepaalde ritmische amoureuze activiteiten ontplooien.

Lieve lezer. Mijn excuses voor deze enigszins plastische beschrijving. Echter. Het komt gewoon uit mijn pen. Het zit in mijn hoofd. Ik ben ook enigszins 'verknipt'. Ik kan daar niks aan doen. Voor klachten moet u zelf maar even een loket zoeken.

Naief als ik soms kan zijn zag ik bij mijn inspectie van de kamer wel stripjes op een tafeltjes liggen, maar ik dacht dat dat zeepjes waren.

Verdomme!! Het blijken condooms te zijn. En ook nog met een smaakje ook. Aardbeien (ik denk ik zeg 't even, u gaat er toch naar vragen). Tuurlijk!! Dat heb ik weer. En natuurlijk had ik er van gehoord. En was ik voorbereid op het feit dat hoteltjes regelmatig gebruikt worden door prostituees. Hotels zijn een veel toegepaste dekmantel voor deze door de overheid verboden activiteit(en).

Maar goed. Ik zit er mooi mee. Ik had toch liever geiten gehad. Of een Sikh. Of voor mijn part een bouwvoor in mijn kamer. Op een dergelijke nachtelijke activiteit met alle dranklustige rumoerige gevolgen van dien zit deze vermoeide fietsers echt niet te wachten. Dit kon voorwaar nog wel 's een onrustig nachtje gaan worden als de meisjes en hun klanten tot leven komen. En de overige kamers gaan bemensen.

Verdikkie!

U zegt?

‘Oordoppen in, net doen of het er niet is en morgen eventjes ietsje pietsje beter op letten Gerritje.’ Dank u lieve lezer, bedankt voor deze enigszins - dat moet je toch van mijn hart - verlate tip, volgende keer graag vooraf even doen.

Maar eh..... ik zal er in de zeer nabije toekomst trachten mijn voordeel mee te doen.

Etappe: Sendafa - Sheno

Km: 45

Reacties

Reacties

Harrie

Was het soms een ALL-inclusive hotel ?

Walter

Toch enigszins een staaltje precognitie, zoals je al het brandwondencentrum Beverwijk in je verhaal weet op te nemen. Chapeau!

Roel

Strawberry field forever Gerrit, lekker hoor zo n aardbeien toetje

mooie foto's trouwens

sandra

Prachtige foto van die koren van het kaf scheidende vrouw! Ik zou zeggen, gewoon die aardbeiendingen in je oren stoppen!

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!