Bridge on the river Kwai
Lieve lezer.
We zijn in Kanchanaburi. Een stad zo’n 125 kilometer ten westen van Bangkok. Niet ver van de grens van Myanmar (voorheen: Birma).
Er vielen hier rond 1943 - in tien maanden tijd - 16.000 doden. Waaronder 6300 Britten, 2800 Australiërs en 2500 Nederlanders. Zij moesten onder erbarmelijke omstandigheden onder bewind van Japanse machthebbers, een spoorlijn aanleggen. En overleefden dit dus niet.

De Birma spoorlijn (ook wel Doden spoorlijn genoemd) was een spoorlijn met een lengte van 415 kilometer, aangelegd door geallieerde krijgsgevangenen en Aziatische dwangarbeiders. Op het tracé werden 8 ijzeren bruggen en 688 (!) houten bruggen gebouwd.

De spoorlijn werd aangelegd omdat Japan een extra aanvoerroute nodig had om Singapore en Maleisië te verbinden met zijn bezittingen in Birma. De VS hadden controle over de zeeroutes over de stille oceaan en aanvoer over zee was geen optie meer voor Japan. Vandaar het belang van een spoorlijn.

Japan had al in 1939 ingenieurs naar Thailand gestuurd om een eventuele aanleg te verkennen. Die gaven aan dat het een enorme onderneming zou worden. Want de spoorlijn moest door een moeilijk begaanbare jungle worden aangelegd. En zouden grote rotsen verwijdert moeten worden en flinke hoogteverschillen zouden moeten worden overbrugd. De ingenieurs berekenden dat de totale aanleg 5 jaar zou kunnen duren.
De Japanse machthebbers vonden deze tijdsindicatie onacceptabel en bedachten toen dat ze grote groepen krijgsgevangen en lokale dwangarbeiders het werk wilden laten doen, teneinde de aanleg sneller af te ronden. Aldus geschiedde.
De bouw begon in oktober 1942 en zou uiteindelijk slechts 10 maanden in beslag nemen.
Japanners richtten honderden (concentratie)kampen op over de gehele lengte van de spoorlijn. Arbeiders/gevangenen sliepen in bamboehutten op smerige vloeren en kregen nauwelijks te eten. De spoorlijn werd gebouwd in dicht begroeide jungles waar malaria en dysenterie aan de orde van dag waren. Er moesten extreem lange werkdagen gemaakt worden en er moest gewerkt worden in verzengende hitte en tijdens moessonregens.

Sommige delen van het tracé vereisten het met de hand wegbikken van enorme grote en hardstenen rotsen. De 688 houten bruggen werden gebouwd volgens een van tevoren vastgestelde constructie. Materialen werden uit de jungle ‘gewonnen’: bamboe en teakhout werden hiervoor gebruikt.


Arbeiders werkten onder erbarmelijke omstandigheden, kregen nauwelijks te eten, konden nauwelijks slapen en kregen minimale medische zorg. Japanse bewakers stonden bekend om hun wreedheid en martelden en mishandelden hun gevangenen regelmatig. In februari 1943 werd door de Japanse machthebber het tempo opgevoerd. De spoorlijn moest sneller dan gepland in gebruik genomen worden. Arbeiders werkten zich letterlijk dood en stierven met 20 per dag.

In februari 1945 bombardeerden de geallieerden de brug over de Kwai waarbij die doormidden brak. De naastgelegen houten brug werd totaal vernietigd. Op 12 september 1945 werden de overgavepapieren in Singapore getekend en was de oorlog ten einde.
De Japanners hebben de brug nooit gebruikt voor het doel waarvoor de brug gebouwd was. Delen van de Birma spoorlijn bestaan nog steeds en zijn heden te dage nog in gebruik.
‘Nou Gerrit, lekker serieus verhaal jonge’.
Ja sorry lieve lezer. Ik kan er ook niets aan doen. Ik had ook graag de geschiedenis op dit punt wat vrolijker willen herschrijven. Echter, het is wat het is. En eerlijk is eerlijk: ik had de klok in de verte over dit in-en-in verdrietige verhaal wel ’s horen klinken, en helemaal zijn de verschrikkingen die krijgsgevangenen in het Verre Oosten hebben moeten doorstaan niet aan mij voorbijgegaan. Echter, nu wordt ik pas echt met alle ins en outs geconfronteerd (Joan is beter op de hoogte).
En iets van een alibi heb ik wel, want veel van de verdrietige aandacht rond dat tijdsgewricht gaat uit naar onze eigenste 2e WO. En alle verschrikkingen die dat met zich meebracht. We hadden in het westen destijds wel iets anders aan het hoofd. Dat er op hetzelfde moment (1942-43) aan de andere kant van de Wereld ook een ramp voltrok, het is mij – ik ben zo eerlijk als ik zijn kan – enigszins ontgaan.
Goed, we gaan eerst bij brug 277 kijken.

Brug 277 is de brug die bekend staat als ‘The Bridge on the River Kwai’. Bekend geworden door een – wat mij betreft niet al te beste - film uit 1957 die ik een paar avonden terug bekeken heb. Het is een van de 8 stalen bruggen die destijds gebouwd zijn. Deze ene brug is er nog, dat wil zeggen, de geallieerden hebben er in februari 1945 een bom op laten vallen. Precies op de plek waar nu twee bogen ontbreken en waar de brug horizontale liggers heeft.
Je kunt de brug bezoeken, nog sterker, ondanks dat de brug nog gewoon in gebruik is (er rijdt 8 keer per dag een trein over) mag je gewoon op de brug lopen. Als de trein er aankomt spring je gewoon even opzij.
Het is ‘s ochtends best vroeg als wij er zijn en het aantal toeristen in beperkt. Het is moeilijk voor te stellen – tussen de souvenirstalletjes en restaurantjes – wat zich hier 80 jaar geleden heeft afgespeeld. Mensen gaan lachend midden op de brug op de foto. Maken selfies. Tja…..
Joan en ik schieten wat foto’s van de brug ( en ja, ik heb 'voor de gelegenheid de foto wat bewerkt) en fietsen daarna naar het enige echte Death Railway Museum. Daar heb ik de wijsheid opgedaan die hier boven beschreven staat. Het is mooi om te zien dat onze overheid ook zijn financiële steentje bijdraagt aan de expositie van dit museum. Het werd een indringend bezoek.

We drinken een kopje meuk in het museumrestaurant en kijken uit op de begraafplaats, waar o.a. veel Nederlanders begraven liggen.
We nemen er een kijkje. Vrolijk makend is het niet om al die rijen overledenen te zien liggen. Wat zullen die mensen geleden hebben.…


Gegrepen door deze geschiedenis en dit verhaal besluit ik de volgende dag (Joan is ziek en kan niet mee) me door een taxi 80 kilometer verderop te laten brengen. Daar is het Hellfire Pass Museum.
De Hellfire Pass is een 2,6 kilometer lang tracé van de Birma spoorlijn die het meeste heftig was om aan te leggen. Over vele honderden meters moesten er passages gemaakt worden (lees: rotsen met hamer en beitel worden verwijderd). Hier vielen de meeste doden per strekkende meter……
Het museum is modern en geweldig. Ze hebben een Nederlandstalig audiotour. En je krijgt een walkie talkie mee voor onderweg.
Elke 10 minuten ontvang ik een oproep van de receptie en wordt me gevraagd waar ik me op de route bevindt en hoe het met me gaat. Ietsje pietsje overdreven voor een niet al te inspannende wandeling van 2,6 kilometer. Ik overweeg dan ook om de grap te maken dat ze de walkie talkies 80 jaar geleden beter hadden kunnen inzetten en dat ze toen beter elke tien minuten de vraag hadden kunnen stellen hoe het met hen ging……. Maar ik slik ‘m in. Al was het alleen maar omdat gedurende de wandeling en de audiotour me de tranen in de ogen schieten en ik wat brokken in mijn keel krijg van al het leed dat zich hier heeft afgespeeld.

Ik loop precies op het tracé waar de spoorlijn heeft gelopen, waar de rotsen met hamer en beitel stukje voor stukje zijn weggehakt om ruimte te maken voor de spoorlijn. De audiotour laat ook voormalige gevangenen aan het woord die op stoppunten vertellen wat zich op die specifieke plek heeft afgespeeld. Erg indrukwekkend allemaal!

Aan het einde van de wandeling heeft de taxichauffeur die me hier na toe bracht een geweldig plan. Hij stelt voor me naar een station te brengen. Vandaar kan ik een uur met de trein over de Birma spoorlijn reizen. Voor hem ook fijn want dat is ie van mij af. Met dat voorstel stem ik in. Ik leg de laatste 45 kilometer af in een trein die rijd op de Dodenspoorlijn.



Het blijft onwerkelijk dat wij nu op deze spoorlijn kunnen reizen. Een spoorlijn die zoveel leed heeft veroorzaakt tijdens de aanleg ervan.
Bij aankomst op het miniatuurstationnetje van Kanchanaburi staat Joan me op te wachten. We slurpen in een naastgelegen overdekte hal een soepje weg en praten wat na.
We komen ‘s avonds nog een keer terug bij de brug. Alle toeristen zijn weg. De brug ligt er stil en verlaten bij. Het lijkt wel of ze even rustig ademhaalt en zich opmaakt voor de volgende dag, als de volgende hordes toeristen de brug komen ‘bezetten’ met hunnie selfies, lachende groepsfoto's en gekke gebaren……

De brug wordt s’ avonds voorzien van allerlei kekke kleurtjes.
Wij schieten een laatste foto en laten haar met rust in de hoop dat dat voor altijd zo blijft.
Reacties
Reacties
Wowwww man, wat een heftig stuk geschiedenis en onvoorstelbaar leed. De tranen komen bijna uit het scherm.
Indrukwekkend verhaal Gerrit, thanks. Prachtige beelden versterken je verhaal.
Thanks
🚴♀️🚴♀️ Enjoy
Ps: hopelijk Joan weer fit
Niet te geloven dat zo veel leed zulke prachtige foto's kan opleveren. Veel beterschap Joan, hoop dat jullie snel weer samen op pad kunnen.
Ik had al wat foto's via Joan gezien. Een zeer imposant stuk geschiedenis, waar ik (net als jullie dus) best van onder de indruk ben. Mooi gedocumenteerd gefotografeerd ook.
Complimenten!
Een geschiedenis die we net als vele andere momenten uit het verleden niet mogen vergeten. 🙏🏻
Beterschap voor Joan
Dank voor de beterschapswensen, de verkoudheid is zo goed als weg!
Indrukwekkend verhaal en mooi geïllustreerd!
Heftig Gerrit....
kut al die oorlogen.
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}