De Lustige Reiziger

Eerlijk

Het is 21.17 uur. Het is aardedonker. Krantenknipsels waaien over straat. De warme bergwind waait door mijn haar (wat er nog van over is, ik hoor toch niemand lachen?). Zwoel. Het lichaam wil gaan rusten maar de geest staat nog fier rechtop.


Normaal ben ik een hele goede slaper. Ik droom wat af. Degene die de wekker het levenslicht heeft laten zien, zal door mij niet teleurgesteld worden. Echter, de afgelopen weken wil het slapen nog niet al te best lukken. Een combi van een grote hoeveelheid prikkels, belevenissen, matige matrassen, een overdosis cola, hitte en vreemde geluiden. Dat zal het wel zijn.


Ik ben vanmiddag in Chilas aangekomen. Chilas is een klein, stoffig, heet dorpje. Gelegen langs de Karakoram Highway (KKH). Of beter gezegd. De KKH loopt er dwars door heen te stoffen. Het is tevens de doorgaande weg naar China. De enige.


Het is al weer een kleine week geleden dat ik besloot om de KKH te verlaten en een doorsteek te maken. En eerlijk is eerlijk; die doorsteek was van een buitengewone schoonheid. Maar eerlijk is ook eerlijk: het was geweldig inspannend. En eerlijk is misschien nog wel eerlijker dan eerlijk: ik heb de laatste (vandaag) 80 km een jeep moeten regelen. De inspanningen werden te groot, de passen te zwaar.. Of de inspanningen te zwaar en de passen te groot. Ik weet het even niet. Over die 80 km. heeft de jeep 5,5 uur(!) gehobbeld, geschud en zo af en toe een poging gedaan tot voortbewegen. Als je vanuit Biddinghuizen naar Parijs rijd, en je geeft goed gas.......(je hoeft overigens, als je Parijsplannen hebt, niet perse eerst naar Biddinghuizen te rijden, je mag ook gewoon vanuit je woonplaats vertrekken, maar woon je in Biddinghuizen dan kan het handig om .... afin.....)


.


Het wegdek was op grote delen gedeeltelijk of grotendeels weggeslagen. Daarom heet het waarschijnlijk ook 'weg-dek'. Anders had het net zo goed blijf-dek kunnen heten. Of ik-loop-heus-niet-weg-dek.

Of, ik-lig-hier-nu-eenmaal-goed-en-ik-ga-heus-niet-weg-dek (vul zelf maar aan, de meeste originele oplossing wint een veertien-daagse geheel verzorgde va.....shit accu leeg).


Vlak voor Chilas (waar de Karakoram Highway doorloopt) was het wegdek volledig weg. Een wonderschone, waanzinnige maar bepaald niet ongevaarlijke omweg (10 km.) door de bergen was het gevolg. Nog nooit ben ik zo lang en zo kort, langs kilometers diepe ravijnen gereden. Ik zou graag zeggen dat mijn vertrouwen in de jeepdriver gedurende de rit tot ongekende hoogten steeg. Echter dit is niet het geval.

Een bijspijkercursusje hoe-blijf-ik-met-mijn-jeep-een-beetje-uit-de-buurt-van-het-

als-ik-er-in-val-dan-ben-ik-hartstikke-dood-ravijn zou voorwaar aan deze bestuurder besteed zijn.Ik hoop maar dat deze pakkende en wervende marketingtekst op een folder past. Hoe dan ookL aanmelden deze gast. Alsnog! En mocht er een wachtlijst bestaan (wat voorstelbaar is) zou ik deze Jenaap (meneer) voorrang geven. Gewoon laten voorkruipen! Voor deze ene keer dan.


Wat een onwaarschijnlijk mooie dag was het. Enerzijds was er de teleurstelling van de jeep-cappitulatie. Maar dat kon echt niet anders. Snel had ik het vizier op de genieten-modus staan. Wat een schoonheid. Rauw, hees en stil.


Nu nog proberen de geest te vellen.



'het zien duurt een seconde, de gedachte blijft voor altijd'

Herfstsneeuw

Ik denk dat de leraren in Pakistan een enorme hoeveelheid ATV- en verlofdagen hebben. Om die reden denk ik dat ze maar 1 uur per schooljaar les geven. Engelse les. Dat denk ik.


Ik zie zo'n leraar de klas al binnenstormen op de eerste lesdag van het nieuwe schooljaar. Halfoverspannen deelt hij de leerlingen mee dat hij dit schooljaar slechts 1 uur Engelse les kan geven. Hij vind het ook jammer. Bazelt nog wat over een teveel aan ATV- en verlofdagen, dat ie wel gek is al ie ze laat uitbetalen, houd er niets aan over, en daarbij, hij ziet de bui alweer hangen: zit zijn vrouw 'm aan de kop te zeuren (want dat doen vrouwen*) dat er thuis nog zat klusjes te doen zijn. Hij wil hij nu snel met de les beginnen. Dus koppen dicht. Luisteren.

* dames, dat zijn zijn woorden, moet je mij niet op aanspreken, moet je bij hem zijn

Hij leert ze in sneltreinvaart de volgende zinnen: How arrrrrre you?, What yourrrrr countrrrrrry?, what is yourrrrrr name?, are you an mosliem?, where arrrrre you going?, arrrre you alone?, how much yourrrrr bike?


Hij vertelt de leerlingen, als de zinnetjes eenmaal goed ingebrand zijn, dat ze de R goed moeten benadrukken en dat het antwoord er eigenlijk niet toe doet. En aan het eind van de les bij het inpakken van zijn tas mompelt hij nog dat ze het ook best mogen schreeuwen. En op de valreep, terwijl ie de klas uitloopt, zegt hij ook nog dat ze het best een keer of tien mogen herhalen. Goed voor je uitspraak. Je kunt tenslotte niet voldoende oefenen. Tot zover de Engelse les voor dit schooljaar.


Ik denk dat het zo gaat. IJverige leerlingen. Die Pakistanen. Ze volgen de instructies zeer regelmatig en tamelijk nauwgezet op.



Ik zal het maar vast verklappen: ze zei ja! Dan is de spanning er af. De kou uit de lucht. Kun je weer gewoon doorademen.


Er was eens een prins. Geen gewone prins. Nee. Prince Saiful Mulk. Noem dat maar 's een gewone prins. Hoe dan ook: hij was verliefd. Op een meisje. Hij nam haar mee de bergen in. En op 3200 meter hoogte bij het daar gelegen meer vroeg hij haar ten huwelijk. Nou ja, Je weet het antwoord al.




Bij datzelfde meer sta ik nu. Geen prins te zien. Maar wat veel spijtiger is: ook geen prinses. Ik zal het met de besneeuwde bergtoppen moeten doen. De bergtoppen waar de herfstsneeuw inmiddels haar vleugels over heeft uitgeslagen. Ik ben er met de geiten en schapen. Wat coca cola stalletjes. Een enkel bootje. Wat paarden. Een handvol toeristen (Pakistanen). En een betoverend uitzicht. Ik moet zeggen: die prins had het goed bekeken. Het meisje kon geen kant meer uit. En ze was natuurlijk helemaal onder de indruk van de omgeving. Daarbij moet ze vreselijke dorst gehad hebben van de lange klim. En toen stonden er natuurlijk geen coca-cola tentjes. En de prins was zo slim om geen drinken mee te nemen. Slimmerik! Ze moest wel. Ja zeggen. Mocht je verliefd zijn, en je meisje ten huwelijk willen vragen en je bent niet helemaal zeker van je zaak (van haar antwoord). Neem haar mee naar Lake Muluk! Neem geen water mee, zorg dat de coca-cola stalletjes even 'dicht' zijn (kwestie van goed voorbereiden c.q. 'omkopen', ik zou het projectmatig aanpakken: vooronderzoek, planfase, ontwerpfase, uitvoeringfase en mocht het onverhoopt helemaal mislopen vergeet dan niet de evaluatiefase, wordt nl vaak vergeten, niet doen, is handig bij een volgende poging, zijn tips, doe er je voordeel mee, zelf weten). Maar goed als alles volgens plan verloopt: succes verzekerd!


Ik heb me er vanochtend met een jeep naar toe laten brengen (sorry, de fiets moest een dagje rust!). En ik had een koppige bui. Een ritje naar boven (uurtje horten en stoten) kost ongeveer 1000-1200 roepies. En ik had geen zin om zoveel geld te betalen. Inmiddels was ik alle jeepriders langs geweest, maar lager dan 1000 roepies zou het niet worden. Dan ging ik niet betalen!! Bekijk het maar. Uiteindelijk heb ik me voor 500 roepies naar boven laten rijden. Heb het meer bekeken. En heb de meest fantastische, 2.5 uur durende, wandeling naar beneden gemaakt.




Helemaal voldaan kwam ik halverwege de middag aan in het dorpje.


Ik merk dat ik hoger kom. Ik word kortademig. Werd er vannacht zelfs wakker van. Heb ook een muts en handschoenen gekocht. En aangedaan. Overdag is het bijna 40 graden maar 's avonds koelt het sterk af.



'people worry about tomorrow, but all we have is today'
So, make the best of it!


Voorkruipiestan

Heb je dat ook wel 's? Ergens zijn. Precies op het juiste moment. De juiste plaats, De juiste omstandigheden. Dat het alles met elkaar precies klopt. Precies 'juist' is. Een soort van magisch gevoel? Vast wel!


Dat juiste gevoel heb ik nu ook. Gewoon ergens onderweg. Eigenlijk niets speciaals. Ik kijk niet uit op de Eifeltoren by night (zou een hele omweg zijn). Kijk ook niet naar beneden uit op de Niagara Falls. Nee, gewoon een krakkemikkerig huisje waar zakjes lauwe chips en zoute cola verkocht wordt. Een bankje. Een stukje slechte weg. Langzaam passerend verkeer. Een lauwwarm zonnetje. Bergen rondom. Met op de hoogste toppen al een flinke laag sneeuw. Een prachtig schilderij. En ik mag er deel vanuit maken. Wat kan een mens gelukkig zijn!


Het is hier zo ongeloflijk mooi!!! Je moet voorzichtig zijn met overdrijven, maar volgens mij is het Noordelijke gebied van Pakistan een van de beste bewaarde geheimen van onze aardbol. Authentiek. (Nog) niet verknald en aangetast door toerisme (hoewel ik me realiseer ook toerist te zijn). Wat een adembenemend mooie uitzichten. Wat een geweldig diepe ravijnen. Wat een avontuurlijke weg! Ik hoop dat de foto's (rechts) de 'schoonheid' beter beschrijven dan de poging die ik zojuist deed.


Gisteren ben ik 80 km terug moeten reizen. Ik had geldgebrek. De eerstvolgende bankautomaat lag 400 km voor me. De laatste 80 km achter me. De keus was snel gemaakt. Met een auto (dat wel) ben ik terug gereisd om geld te pinnen in Manshera. Wat een prachtige rit. En.....ik moet het even kwijt: ik heb stille bewondering gekregen voor mijn fietsprestaties. Stil. Dat wel. Dat je niet denkt dat ik op een dak klim (ben poddomme Sinterklaas niet) om het daar dan vervolgens vanaf te staan schreeuwen. Tuurlijk niet man! Je dacht toch niet.......
En mocht je toch iets van geschreeuw gehoord hebben. Misschien heb je dan de Priester gehoord die vijf maal per dag, in elk dorp, via een luidsprekersysteem, oproept tot gebed. De eerste keer is dat om 4.20 uur. Geprezen zij Allah. Tuurlijk! Maar waarom zo Alle-Allah's vroeg?!


Hoe dan ook: ik kon/kan geldgewijs weer even vooruit. En rond 13.00 uur verliet ik het hotel. Een prachtige en inspannende rit volgde. Naar Kaghan. Bergdorp. Vlak voor de duisternis inviel klom ik het dorpje binnen. Ik heb me 's goed verwend. Heb het beste hotel genomen dat in de wijde omtrek available was. Het Lazare Hotel. Het enige. Best. Na een ijskoude douche (ik heb me in twee weken tijd alleen maar lekker koud kunnen douchen) loop ik de straat op en bestel een Kebab: gekruid gehakt dat je eet met een soort stevig-slappe pannenkoek.


Het gehakt wordt op straat, voor je ogen, gekruid, met de linkerhand gemengd (de hand waar ze nog veel meer mee doen, ook tijdens het mengen, niet bij nadenken, is een grote kwaliteit van me). Dan wordt het platgeslagen (dikte hamburger). Dan wordt de gehaktschijf in een grote pan gekieperd met inktzwarte en teerdikke olie. Na een minuutje of wat is het geheel klaar. Het wordt op een bord gekieperd dat net is gereinigd met een net niet helemaal schone doek (en ik druk me hier behoorlijk genuanceerd uit). Heerlijk!! De lekkerste Kebab die ik ooit gegeten heb.


Pakistanen zijn echte meesters in voorkruipen. Ze hebben eigenlijk nooit haast. Alles gaat heel relaxed. Bij het slome af. Maar er zijn uitzonderingen. Twee zelfs! In het verkeer en waneer ze iets moeten kopen. In het verkeer toeteren ze elkaar van de weg. Wanneer er getoeterd wordt moet er ook echt een beweging naar links gemaakt worden. Zo niet, dan is de kans aanwezig dat je plat gereden wordt. Kan je zo de Kebab in. Driedubbel inhalen. Meer regel dan uitzondering. Kamikazepiloten. Dat zijn het.


Bij aankopen in een winkel komt het regelmatig voor dat mensen voordringen. Je gewoon iets opzij duwen en dan voorkruipen. Ik heb bij de kapper meegemaakt dat ze een baard aan het kappen waren. Tussendoor kwamen twee klanten binnen die gewoon geholpen werden. Baardmans moest maar even wachten. Had ook geen keus. Met een halfgekapte baard thuis komen, win je natuurlijk geen prijzen bij je vrouw.


Ik heb iets gelezen over het kaste-systeem (is in India Gerrit....). Weet ik. Maar het geldt ook in Pakistan. Misschien heeft dat er iets mee te maken.


Vanochtend stond de etappe naar Naran op het program. Niet veel kilometers, Maar zeer inspannend. Ik fiets momenteel op hoogten die varieren tussen de 2500 en 3000 meter. Ik heb veertien versnellingen maar gebruik er maar drie. De drie lichste. Ik had voorwaar op de aankoopprijs van mijn fiets kunnen bezuinigen, als het om het aantal versnellingen gaat. 'Nee, doe alleen de drie lichste maar', de overige hoef ik niet. Wat scheelt dat in de prijs?


Stijgingspercentage gemiddeld: 6%. Maar we klimmen wel 's 11 en 13%. Ik merk dat ik fitter wordt (horloge bungelt om mijn pols, zet 'm dan strakker, ja zo) maar ik merk dat de onafgebroken inspanningen me ook langzaam uitputten.


Tegen 14.00 uur kom ik in Naran. In tegenstelling tot alle voorgaande bergdorpjes rijgen de hotels zich hier aaneen. Het lijkt wel iets van toeristisch hier. Er staan jeepjes klaar om je de bergen in te vervoeren. Excusies. Maar ik ben, zover ik kan zien, de enige Westerling/toerist. Dus de jeepjes blijven onverrichterzake langs de straat staan. Op goed geluk kies ik een hotel. Raak. Goedkoop. Goed.


Ik heb de rest van de middag en avond om 's even lekker bij te komen. Misschien gun ik mezelf morgen wel een rustdag.



'filerijden is bumperkleven in slowmotion'


Ongelukskip

Als je van een pepertje meer of minder niet opkijkt, zal je de Pakistaanse keuken heerlijk vinden. Althans het eten dat er bereid wordt. Van de keuken zelf weet ik niet precies hoe die smaakt. Wel hoe ie er uit ziet. Laat ik het zo zeggen: ik hoop altijd maar dat het eten heel erg goed wordt doorgewarmd. Houd wel een flinke fles water binnen handbereik. Met flink wat nadruk op 'binnen'. Bluswater.


Een heerlijke hete Chickencornsoep zit net achter alle vier mijn kiezen. En straks komt de Chicken Bayrani (gele rijst met twee stukken zeeeeeer heeeeeete kip). In kipgerechten zijn ze erg goed. Naast kip staan rund, schaap en geit op het menu. Soepen ook. Dal (linzen) worden er veel gegeten. En ongerezen brood (nan en chapati), Ook curry’s zijn populair. En ijs, dat niet altijd op de kaart staat. Het is allemaal erg jammie en goed binnen te houwe.


Ik heb zojuist besloten dat ik op mijn verjaardag een Pakistaans kookboek wil vragen.

(Tip: noteer maar vast, dan hoef je rond 21 januari niet meer zo na te denken, wel even met elkaar afstemmen, vijf dezelfde boeken is misschien ook wel weer wat veel van het goede, o ja, wel een (1) met plaatjes en nummertjes. Plaatjes om te zien wat het worden moet. Nummertjes: bij 1. dit doen, bij 2 dat doen, ben nl gek op nummertjes, zonder nummertjes raak ik de draad kwijt)


Op de menukaart staan altijd de prijzen genoemd voor vier personen. Mensen (uitsluitend mannen) komen ook vaak gevieren eten. Een alleeneter zoals ik kan de prijs op de menukaart door vieren delen.


Van alle dieren in Pakistan kijken de kippen het meest ongelukkig (koeien dingen ook mee om de hoofdprijs, roepen ook nog boe, kunnen ze op zichzelf niet veel aan doen, maar het werkt niet in hun voordeel, maar goed: kippen winnen hier). En eerlijk gezegd kan ik ze niet helemaal ongelijk geven. Als ik kip in Pakistan was zou ik hetzelfde kijken.


Ze worden in kleine kooien te koop aangeboden. Gewoon langs de weg. Mensen die een lekker stukje kip willen kopen, wijzen er een (1) aan. Deze kip is dan de klos. Hij wordt uit het hokje gehaald. Er wordt nogal hardhandig een voet boven op het dier gezet. En de keel wordt doorgesneden. Tijdens het naspartelen worden de beide vleugels en de poten er met een bijl afgeslagen. Soms wordt de kip (althans wat er nog van over is) nog druipend van het bloed dan door de koper meegenomen. Maar vaker wordt het dier ook nog van de veren ontdaan en wordt de filet er uit gehaald.

81130289

Ik fietste vandaag (en de komende dagen) in de Kaghan Valley. Hoe wonderschoon wil je het hebben. Prachtige bergen, snelstromende rivier, slingerende passen, diepe valleien, het ene bergdorpje nog mooier dan het andere en bijna geen verkeer. Het is er allemaal. Het is bewolkt. Het spettert wat en de temperatuur schommelt tussen 17 en 21 graden. Een heel verschil met de voorgaande dagen. Ik merk dat ik 'hoger' kom. En niet alleen omdat het kouder wordt.


Het fietsen gaat nl maar langzaam vooruit. Ik trap me helemaal het schompens tegen-al-die-elkaar-opvolgende-bergpassen. Heb de ene net gehad, begint de volgende weer. Het je de volgende gehad, begint de ene weer. Er valt geen afspraak mee te maken. Ik ben natuurlijk ook helemaal fout bezig. Ik fiets nl de verkeerde kant op. D.w.z. niet een (1) kant is de verkeerde. Natuurlijk niet. In principe zijn alle kanten goed. Anders zou er ook geen weg zijn aangelegd. Je gaat geen wegen aanleggen die de verkeerde kant opgaan. Ook in Pakistan niet.


Maar voor mij is het toch wel wat verkeerd. Ik fiets nl naar omhoog. 5000 meter. Ik had beter andersom kunnen fietsen. Van 5000m naar 1200m. En door dit gegeven kom ik een beetje in de problemen. Geldproblemen. Ik had gehoopt met het geld dat ik had gepind, in de laatste stad, het te kunnen 'uitzingen' tot Gilgit (400 km verder, daar is de eerstvolgende geldautomaat). Maar dat gaat bij lange na niet lukken. Ik denk nog zeker een week nodig te hebben om in Gilgit te geraken. De bodem van mijn portomonnee is dan allang in zicht. En op die bodem zijn geen Roepies te vinden. Hoera een probleem! Moet nog wel even bedenken hoe dit op te lossen.


Vanochtend voelde ik me een filmster. De TV-crew hield woord en heeft mij gefilmd. Al fietsend. Ook werd er al fietsend een interview afgenomen waarin ik o.a. werd gevraagd de geologische verschillen te benoemen tussen Pakistan en Holland. En ik maar denken dat het vakantie is...........Ze zeggen dat ze delen van het interview willen gebruiken in de docu. We will See!


Aan het einde van de middag word ik staande gehouden door een Westers uitziende man. Het blijkt een Pakistaanse Australier te zijn. Binnen 1 minuut hebben we een leuk gesprek. Hij (en zijn familie) hadden de Internationale mountainbike-wedstrijden bijgewoond in Kaghan (16-18 september). Ze waren op de terugweg maar kregen een lekke band (heel veel mensen in Pakistan staan langs de weg hun band te verwisselen).


Tijdens het bandverwisselen krijg ik ook zijn Westerse vrouw en hun 16-jarige dochter te spreken. Gezellige, interessante lui. Ik ben uitgenodigd om op de terugweg langs te komen in Islamabad. Heb niets beloofd maar overweeg het wel.


Na slechts 35 km superzware arbeid (ben behoorlijk versleten) ben ik ergens tussen Kawai en Sinhu in het Fairy Hotel aangekomen. Het is fris. Dat geldt zeker voor de temperatuur en in iets mindere mate voor het hotel. Het is einde seizoen. Ik ben de enige gast.


Op naar morgen! Wordt vast opnieuw een prachtigmooie dag.



'een trage reiziger ziet meer van de wereld'

Hasjdrinken

Zie Pakistan maar als een enorme grote legpuzzel. Van pak 'm beet: honderdduizend stukjes. Zo'n eentje die alleen maar op de eettafel past en je dus verplicht om maandenlang met het bord op schoot te eten. Zo'n een dus!

Ik zou er zelf niet snel aan beginnen. Maar sommige mensen hebben die moed wel.


Na ruim anderhalve week reizen in Pakistan heb ik de randen van die puzzel wel zo ongeveer gelegd. Ik ben nu bezig om van de overige stukjes de kleuren bij elkaar te zoeken. En langzamerhand die ook aan elkaar te leggen. Teneinde de puzzel compleet te maken.


Pakistan en ik beginnen elkaar een beetje te snappen. Daarbij hebben geest en lichaam (mijn geest en lichaam) elkaar ook gevonden. Het reizen gaat plezierig. Het fietsen gesmeerd. Het landschap dat ik doorkruis wordt steeds mooier en spectaculaider. Kortom, ik raak lekker ingedraaid en geniet.


De ochtend begint meestal met het bij elkaar sprokkelen van iets wat op een ontbijt lijkt. Het prepareren van de fiets, tassen inpakken, rekening betalen, route bepalen, en fietsen maar.


Ik ben vandaag gevorderd tot Balikot. In Balikot vond in 2005 een aardbeving plaats die 98% van alle huizen verwoeste. Dat was nog tot daar aan toe. Er vielen 15.300 doden en 40.000 mensen raakten gewond. En dat was dus niet tot daar aan toe. Ik bevind me nu in een van de weinige gebouwen die overeind is blijven staan. Leek me op zichzelf wel een verstandige keuze.


Ergens halverwege vandaag kwam ik de eerste Wereldfietsers tegen. Twee. Een Deens meisje en een Engelse jongen. Ik zat in de afdaling en zij probeerden zich een weg naar boven te banen (zou raar zijn als zij ook naar beneden zouden gaan). Vol in de remmen. Even een praatje gemaakt. Een praatje dat niet zonder gevolgen bleef. Zij reisden vanuit China en hadden dus het deel achter de rug dat ik nog voor de rug heb. Zij adviseerden mij om een deel van de Karakoram Highway te laten liggen waar die ligt. Er is een veel mooiere doorsteek (die was me al meerdere malen geadiviseerd, ook via contacten in Nederland).

Nu ben ik overtuigd. Net op tijd kan ik de switch maken. En dat doe ik dus ook.


Na een kilometer of vijf stuit ik wederom op een checkpoint. Ditmaal moet ik meefietsen naar het hoofdkwartier. Dat is de eerste keer. Dat dat moet. Dat meefietsen. Meestal kunnen de formaliteiten bij het checkpoint worden afgehandeld. Maar nu dus niet. Er wordt een auto geronseld. En een rit van een half uur volgt. Ik volg de auto. De auto volgt mij. Ik word er niet rustiger op. De achterbuurten komen in zicht en de jongelui in de auto zijn best baldadig en rumoerig. Het voelt niet helemaal goed. Net als ik besluit om in de remmen te knijpen slaat de auto rechtsaf. Er zwaaien hekken open. En kijk ik op het binnenplein van het politiehoofdkwartier.


Daar word ik ontvangen door de Big Boss. Het bekijkt mijn paspoort minuten lang. In stilte. Dan nodigt hij me uit voor een kopje Chai, dat ik natuurlijk niet afsla. We hebben een interressant gesprek (over Pakistan) dat ik beeindig door te zeggen: het was mij een eer om met u te mogen spreken. U bent een zeer weleducated, very important en sensible man.

Ik ben erg blij dat u zich bekommerd om mijn savety-we-zouden-nog-weken-

met-elkaar-kunnen theedrinken-en-echt-het-komt-goed-uit-want-

ik-houd-toevallig-in-tegenstelling-tot-de-meeste-van-mijn-landgenoten-erg-

van-thee-met-een-scheutje-melk-en-heel veel-suiker-mischien-iets-minder-

dan-u-er-in-doet-maar-daar-is-mee-te-leven-maar-goed-ik-moet-nu-toch-'s-gaan-

want-anders-als-ik-hier-nog-langer-blijf-theedrinken-dan-is-mijn-visum-

verlopen-en-dan-bent-u-vast-niet-meer-zo-blij-met-mij.

De onderbrekening kost toch al gauw een uur en ik heb mijn tijd hard nodig om tijdig in Balikot te geraken. Mijn streven is om dagelijks rond 16.00 uur te beginnen met het zoeken van onderdak. Ik heb dan tot uiterlijk 18.00 uur. Vanaf 18.15 uur is het in Pakistan pikkedonker. En dat is behoorlijk donker. Iets met een hand. Iets met ogen en iets met geen, voor en zien.


Het vinden van onderdak lukt. Ik eet Chinees. Ontmoet een cameraploeg van de Nationale Televisie. Ze roken Hasj en zijn op zoek naar vrouwen en drank. Echte moslims!! Waar vind je ze nog. Ze vinden het maar wat raar dat the guy from Holland (Hasjland) niet meerookt.


Ze zijn bezig met een docu over het landschap en de geologie van het gebied. Ze horen over mijn werk en mijn reis door Pakistan en willen mij morgenochtend een kort interview afnemen.


Ik ben benieuwd.

Messcherp

Ik zit in een tamelijk ongemakkelijke houding. De man haalt zijn scherpe mes tevoorschijn. Het is vlijmscherp. Ik zie het lemet glinsteren in de zon, de zon die via het lemet weerkaatst in mijn ogen. Het verblind me. Ik zie niets meer. Ik kan alleen maar hopen. Hij trekt mijn hoofd nog verder achterover. Ik denk dat mijn laatste uur geslagen heeft.......


Gelukkig is het een vakman. Ik ben in Abottabad. Bij de kapper. Ik ben een uurtje geleden aangekomen. Vond snel een prettig hotel en laat me nu verwennen door de plaatselijke kapper. Een flinke wachttijd viel me te beurt, maar nu gaat het gebeuren. Ik word geknipt en geschoren. In die volgorde. En dat gaat met de nodige rust en vakkundigheid. Geen haast. Goed werk leveren.

Na het knippen (dat drie kwartier duurt) komt de scheerkwast tevoorschijn. Ik wordt gedurende twintig minuten 's effe lekker ingezeept. Voor het belangrijkste deel wel op een (1) plaats (?). Daarna begint het scheren. Ik ben rustig. Deze man verstaat z'n vak. Bijkomend voordeel van een Pakistaanse kapper is dat ik niet van die vreselijke kappergesprekken hoef te voeren. Dat gefrunnik aan mijn haar: heerlijk! Kan me niet lang genoeg duren. Maar die gesprekken die je tijdens het knippen moet voeren......Ik stel voor dat tijdens de selectieprocedure van de kapperacademie alleen maar doofstomme kapsters (of alleen stomme kapsters, dat reken ik ook goed) mogen doordringen tot de eindselectie. Lijkt me heerlijk rustig. Ik wil wel in de jury!


Na anderhalf uur is de klus geklaard en zie ik er weer tiptop uit. Betalen? Niks ervan. 'U bent onze gast!' Ik raak het geld (ondanks meermaals aandringen) niet kwijt. Enigszins bezwaard loop ik de straat maar weer op (dit ritueel van u bent onze gast vindt bijna dagelijks plaats bij het doen van kleine aankopen, een appel, een flesje fris...de meeste mensen vinden het buitengewoon dat een Westerling hun land komt bezoeken.......ze zijn zich erg bewust van hun slechte imago....balen er van.........collectief............vertel ik zeker later nog 's wat meer over).


Ik ben op weg naar een cafe dat wordt aanbevolen in de Lonely Planet. Na een minuut of 10 wandelen word ik staande gehouden. Shit, de vijfde keer al vandaag. Weer iemand van de Government Security, special Branch, die van alles van me moet (weten). Ik ben er moe van. Eerder vandaag stond ik net iets te lang in een stadje stil en ja hoor, daar kwam er weer een. Vanuit het niets. Voor mij dan. Hij zal wel ergens vandaan gekomen zijn. Lijkt me sterk dat dat hij echt uit het niets komt. In dat geval zou ik als ik hem was een ander beroep kiezen. Inbreker. Superman. Kapper(?)

Maar goed, ik was het even zat. Wenste hem een snel Kudah Hafiz (tot ziens) en zoefde de heuvel af. En dat bewees meteen dat ie dus geen superman was. Want ik heb 'm niet weer gezien. En Superman zou toch voor zeker.........


Misschien is het zijn broer zijn die me nu dus staande houdt. En met deze man valt niet te spotten. Andere genen. De er-valt-met-mij-niet-te-spotten-genen. We staan een tijdje op straat en het wordt een hele toeloop. Ik begin maar weer 's over hockey en dat blijkt een meesterzet te zijn. We staan nl recht tegenover het plaatselijke hockeystadion. En hij vraagt of ik dat wil zien. Nou ja, ik was eigenlijk op weg naar een eetcafe, heb vreselijke dorst, maar nee, wat een onzettend goed idee.


Daar gaat de ondervraging op de tribune verder. Die overigens op een heel plezierige manier onderbroken wordt. Er komt een oude man aangelopen die zich voorsteld als de oud-Olympisch Kampioen hockey van Pakistan in 1972 (Munchen en in 1984, Seoul (?)). Maar dat is nog niet alles. Zijn zoon, die momenteel linksachter speelt in het huidige Nationale hockeyteam is ook op het complex. Hij wordt opgetrommeld. Een erg aardig gesprek volgt. En foto's. Inmiddels is de hele familie zo'n beetje gebeld. Ze komen allemaal. Ze hebben allemaal op een of ander hoog niveau hockey gespeeld of staan op het punt dat te doen.


Vandaag heb ik kennis gemaakt met de uitlopers van de bergen. De kennismaking was zeer uitdagend. Inspannend. Zeer! Zwetend en kreunend baanden we ons een weg omhoog. Met deze uitlopers van niet de spoten. Dit beloofd echt serious stuff te worden. Nog nooit ben ik zoveel vocht verloren. En de afstand die ik heb afgelegd bedroeg slechts 35 km. Ik ben op 1220m. hoogte. En de echte passen van 5000 m. moeten nog komen. 500 kilometer lang!


Uiteindelijk bereik ik Abbotabad (spreek uit: Ab-it-uh-baad), maar niet voordat ik een 3 km file had bedwongen. Mijn eerste Pakistaande file. Alhoewel naar mijn idee geheel Pakistan bestaat uit een (1) lange file. Wat een enorme verkeerschaos. Auto's, brommers en een fietser (?) die proberen zich al slingerend een weg te banen. Een weg die er eigenlijk niet is. En een baan al helemaal niet. Later bleek dat de file veroorzaakt werd door demonstranten, die het centrum hadden platgelegd, teneinde een eigen onafhankelijke provincie op te richten.


Abbottabad is ook de stad waar Osama Bin Laden enkele maanden geleden door de Amerikanen is opgepakt. En dat gegeven maakt dat ik me hier wat bescheidener opstel. Wat voorzichtiger. De mensen hier zijn niet intrinsiek dol op Amerikanen. En Britten. Tja, I cum frum HOLLAND, maar dat weet niet iedereeen natuurlijk. Ik stel me bescheiden op. En blijf in beweging. Dat is het beste.


Stilstand in dit land is aandacht. En alles wat (je) aandacht geeft of krijgt gaat groeien.


I keep on movin!

Caroline Tensen

Caroline is onze Nationale theemuts. Een hele grote! Er heeft zich de afgelopen jaren een diepe gewortelde afkeer jegens deze heks ontwikkeld. Heel diep. Caroline Tensen verpest mijn zondagavond. Ze presenteert (op tv) dan een heel erg fout spelletje. Met randdebielen als deelnemers. Kijk dan niet zal je zeggen. En daar heb je gelijk in. Maar zelfs dan nog. Kan je nagaan. Caroline Tensen is het type van: ?ijk mij 's een lekker jong ding zijn... met dan zo'n huppeltje d'r bij....kijk mij 's hip zijn..... ik ben nog niet oud..... 'Dat ben je wel!' Je bent een afgelebberd oud wijf. Een theemuts.


Heb ik toch mooi op subtiele wijze mijn gevoelens jegens deze heks kenbaar gemaakt. Wat heeft Caroliene Tensen met Pakistan te maken. Blijf lezen. Heb vertrouwen. Komt goed.


Vanochtend vroeg op pad. De mensen in deze streek zijn zonder uitzondering erg vriendelijk. De Grand Trunck Road is vreselijk druk. Ik moet op dit vroege uur al goed op mijn kwievieven zijn. Na 10 km sla ik rechtsaf, de Karakoram Highway op.


Waarom de weg 'highway' wordt genoemd is mij een raadsel. Het is slechts een smalle weg. Het kronkelt, twaalfhonderd kilometer lang via de ruim 4700 meter (hatzikidee!) hoge Khunjerabpas naar Kashgar in China. Daar loopt de weg dood. In China. Voor mij dan. Ik heb nl geen Chinees visum en zal dan terug reizen.

Honderden bouwvakkers (Pakistani en Chinezen) kwamen om het leven bij de aanleg van de weg. Acht miljoen kilo dynamiet was er voor nodig om de asfaltweg door de bergen aan de leggen. Ik hoop maar dat ook echt alle acht miljoen kilo tot ontploffing is gebracht en dat er niet nog een kilootje of wat op mij zit te wachten. In 1986 is de weg officieel geopend. Aardbevingen, landverschuivingen en sneeuwval zorgen er voor dat de weg dagelijks onderhoud nodig heeft. Vanaf Abbotabad gaat de weg echt klimmen. Maar dat is nog 80 km fietsen. Dan wordt het echt leuk!


De weg wordt meteen een stuk rustiger. En groener. En dat is behoorlijk fijn. Het maakt het fietsen plezieriger. Meer genieten. Het is een graadje of 32. De dag begon bewolkt maar het is gaandeweg zonnig en warm geworden. Ik moet me insmeren. Ik probeer vandaag ............... te bereiken. Dat moet lukken want het is maar 45 km fietsen. Ik zit nl. nog steeds in de doe-het-maar-rustig-aan-jongen-modus. En dat bevalt best. Mijn maag moet zich nog steeds herstellen en dat herstellen valt nog niet mee. Er komen nl elke dag weer vreemde smaakjes en kruidige etenswaren bij. Daar moet ie aan wennen. Hij draait overuren.


Even na 15.00 uur kom ik in het stadje aan. Ik fiets er door, maar een hotel is niet te vinden. Uiteindelijk vraag ik er naar en binnen 10 minuten sta ik voor het AFAQ Hotel. Een arrogante en afgeleide (heeeele fijne combinatie) eigenaar staat me te woord. Hij heeft drie soorten kamers: een met een bed, wc en een bad voor 750 roepie. Een met een bed, wc en een bad voor 900 roepie , en een

met een bed, wc een bad voor 1500 roepie. De kamers zijn overigens precies hetzelfde alleen in het eerste geval mag je geen gebruik maken van het bad en de wc. In het tweede geval niet van de wc of het bad. In het laatste geval mag je van alles gebruik maken. Ik vraag me af hoe ie dat gaat controleren. Ik kies (zoals zo vaak in dit soort kwesties) de gulden middenweg en kies de optie voor 750 roepie. De kamer(s) zijn trouwens verschrikkelijk. Echt heel smerig. Ik kan wat hebben, maar hier wordt een grens overschreden. Ook voor mij. Echter, het is het enige hotel in the area en dan geldt 'iets van monopolie' en 'iets van positie'. Ik neem 'm met meer dan gezonde tegenzin. Ik zal mijn lakenzak (bedankt voor de tip, Walter!) en eigen kussen moeten gebruiken.


Bij het naar binnendragen van mijn fiets (die gaat nl altijd mee de kamer op) loop ik door een haag van mensen. Even denk ik dat de haag speciaal voor mij staat opgesteld, maar er blijkt sprake te zijn van een bruiloft. Bij het naar binnendragen van de fiets en de bagage word ik geholpen door de wachtende bruiloftgasten. Het werd een vrolijke boel en ik word uitgenodigd om het feest bij te wonen.


Na een snelle douche sluit ik bij het gezelschap aan. Er is een enorme hoeveelheid eten en eet de lekkerste dingen. Echt heel lekker. En dan willen alle gasten met mij op de foto. Alle mobiele telefoons worden tevoorschijn gehaald en ik word zo'n honderd keer gefotografeerd. Het dreigt ietwat uit de hand te lopen. Ik krijg meer aandacht dan de bruidegom (de bruid en alle andere vrouwen zaten afgezonderd in een andere ruimte, dus dames geen idee hoe de jurk er uit zag, en heren geen idee of het een lekker di.....aantrekkelijke vrouw was, met een fijn karakter).


Zo tactvol als mogelijk neem ik vervroegd afscheid en vertrek.


Gisteren ergens onderweg zag ik een paard en een kar. Ze hoorden bij elkaar. Man op de bok en een echt onwaarschijnlijk mooie vrouw zat gehurkd op de kar. Beetje mee te hobbelen. Mijn blik bleef even steken: wat een ongelofelijk prachtig gezicht had deze vrouw. En zomaar kwam bij mij het volgende idee op. Als we deze vrouw nu van de paardenkar plukken, naar Nederland halen, en goed Nederlands leren (ze hoeft in principe alleen maar losse woordjes of zinnen te kennen, en wat presentatietechnieken te leren, ik wil me daar geheel met een enorm belang voor inzetten). Dan laten we deze vrouw op zondagavond 1 tegen 100 presenteren en pleuren we Caroline Tensen op de paardenkar. Is mijn zondagavond weer goed. Wie stemt ook voor?


Morgen naar Abottabad.

On the Move

Jippie, ik ben onderweg. En daar was het uiteindelijk toch om begonnen, nietwaar!


De hevige stortbui van gisteren heeft de Pakistanen aangezet tot buitengewone inspanningen. Ze zijn aan het vegen geslagen. Ze gaan ernorm tekeer. Het vocht maakt het verwijderen van het vele vuil op straat kennelijk gemakkelijker. Verwijderen is overigens wel een relatief begrip. Het is meer 'verplaatsen'. Het vuil wordt van de straat in de berm geveegd. Het 'verplaatsen' in combinatie met het vocht doet een vuilnisachtige geur vrijkomen. Het blijft de hele dag in mijn neus zitten.


Ik moet Islamabad uit zien te komen. Op zichzelf hoeft dat geen probleem te zijn. Er zijn nl best veel wegen om de stad uit te rijden. Maar wel graag in de juiste richting. Nu is elke richting in principe juist, maar niet als je zelf reeds een richting hebt bepaald. Dan is slechts (1) een richting de juiste. Twee kan ook wanneer die allebei naar die ene juiste richting leiden. Drie zou ook nog kunnnen, maar is minder waarschijnlijk. Vier is onwaarschijnlijk. Vijf zou ik uitsluiten, tenzij je van enorme omwegen houdt, dan zou het kunnen.

Maar goed, naar die ene juiste richting ben ik dus op zoek.


Met een beetje vragen, een beetje kompas, een beetje geluk vind ik de juiste richting: de Grand Trunk Road. Die moet ik hebben. Die loopt van Lahore naar Peshawar. En daar ga ik een stukje van doen. Ergens halverwege zal ik dan morgen de Karakorom Highway opdraaien. Dat is het plan.


Islamabad is vol. Druk. Veel verkeer. Rikja's, taxibusjes, vrachtauto's, personenauto's, fietsers, bromfietsers en heel veel uitlaatgassen. Het is voortdurend oppassen dat je niet van de sokken wordt getoeterd. En dat je niet van je oren wordt gereden. Korte samenvatting, redelijk compleet.


Ik heb mezelf plechtig beloofd heel rustig te beginnen. Het lichaam is nog herstellende en ik hoef de Tour niet te winnen. Althans vandaag niet. De eerste 30 kilometer is het razend druk. Ik stop zo af en toe bij een benzinestation (om de 400 meter staat zo'n ding, serieus).


Zo'n stop hoef je niet voor je rust te doen. Vrijwel meteen staat er een groepje mensen om me heen. En wil natuurijk weten waar ik vandaan kom: 'Islamabad No, wich country? Holland. And where are you going? Ik kan het beter op een taperecorder (bestaan die dingen nog?) opnemen en afspelen, want ik moet het vandaag wel 50 keer vertellen. Vaak koop ik in het benzinestation (1) een ding (flesje, appel of zoiets) en dat willen ze me dan gratis meegeven. Because, your my friend! Als ik langer pauzeer neemt de belangstelling gaandeweg af en kan ik een momentje van rust pakken. Sprak, de oude man!


Mijn geavanceerde kilometerteller (en het ding kan nog veel meer) verteld me dat de temperatuur schommelt tussen 32 en 40 graden. Ik geloof 'm. Ga niet in discussie. Ik transpireer. Ik loop helemaal leeg. Ik heb geen droge vezel meer aan mijn lijf. Ik sta me tijdens het fietsen te douchen. Een stukje zeep erbij en soppen maar.


Vanaf 30 km wordt de weg wat rustiger. De etappe is vlak. De middenberm en bermen van de GTR zijn begroeid met voornamelijk Eucalyptusbomen. Afgewisseld met zo af en toe een metershoge Agave, wat perzikbomen, Citrussen, walnoten en zo hier en daar een Japanse mispel.


Er is er veel bedrijvigheid langs de weg. Veel garages, werkplaatsen, gesmeer met olie (daarom heet het ook vast smeerolie), maar ook houtbewerkingsbedrijven, banken, winkels en plaatsen waar voedsel te koop is. Kleurrijk. Luidruchtig. Geurend.


Ik maak opnieuw veel vrienden onderweg. Kan wel een eigen 'Gerritbook' of 'Gyves' starten. Jongelui op brommers (lang niet zoveel als in Quetta) rijden een stukje met me op. Tweemaal hangen ze schuin op de brommer en wordt er al rijdend een foto van mij gemaakt. Brommend en fietsend worden facebook-pagina-adressen uitgewisseld. Ik ben benieuwd of het hen lukt die foto's up te loaden. Zou leuk zijn. De contacten van vandaag waren zonder uitzondering plezierig. Niet vijandig.


Ik heb 45 km gefietst. Het is 15.00 uur. Ik denk aan stoppen. Ik weet het, het zijn niet bijster veel kilometers, maar ik had mezelf wat beloofd. Daarbij, ik word momenteel meer moe van alle indrukken dan van het fietsen zelf.


Ik ben in Taxila. Even een tip voor als je toevalligerwijs verliefd bent en je geliefde met een weekendje wilt verrassen. Kies voor Barcelona. Ga naar Parijs. Als het echt niet anders kan: London. Maar vergeet Taxila. Grote kans dat de verliefdheid daar strand (is niet erg als het meisje/man of jongen/vrouw in kwestie toch maar zo zo is/was, dat kan, dat bestaat, gewoon een leuk weekendje weg en daarna dumpen maar, is niet erg, moet je zelf weten, maar als er sprake is van echte liefde zou ik het wel weten, is een tip, doe er je voordeel mee).


Taxila has it all niet. Zelfs geen hotel. Er zijn zat gebouwen waar 'hotel' op staat. Maar er zit geen hotel in. En dan wordt het toch wat lastig. Er wordt mij verteld dat 9 km verderop het Green Lagoon Hotel staat. Nu ben ik er wel achter dat de mensen niet buitengewoon goed geinformeerd zijn als het om iets gaat dat buiten een straal van pakweg 1 of 1,5 km van hun gebied ligt. Want ik fiets 2 km verder en daar vind ik een hotel. Het Wah Palace. Het beloofd aan de buitenkant meer dan het aan de binnenkant kan waarmaken. Niet goed. Niet slecht. Maar goed genoeg voor 1 nacht. Met oordoppen in, dat dan wel weer.


Slaap zacht.


Gerrit