VLINDERSNEEUW
Een beetje kinderachtig is't.
Kinderlijk zelfs. Pubergedrag. Ik geeft 't toe. Ruiterlijk zelfs. Maar ik heb zojuist een (1) voet op Braziliaanse bodem gezet. Illegaal. Dat wel.
Brazilie! Het land van de Salsa. Carnaval. Heupwiegende vrouwen. San Paulo. En...... het land waar ons Oranje-elftal komende summer triomfen gaat vieren!!
O yeah!!!!!
Brazilie!! Het land waar onze verdediging zal laten zien dat het als stopverf zo dicht zit. Brazilie!! Het land waar Arjan Robben 's niet geblesseerd zal zijn.Brazilie!! Het land waar onze briljante middenvelder de Jong zal laten zien dat hij behalve karatetrappen kan uitdelen ook nog best gewoon kan ballen. Brazilie!! Het land waar onze coach Louis van Gaal zal laten zien dat ie wel humor heeft. En dat ie (best) wel een sympathieke goser is. Echt wel. Brazilie!! Het land waar WE de finale gaan halen en dan 's geen record aantal rode kaarten gaan scoren. Dat land dus.
Lieve lezer: Ik heb de Bolvia-tube Oostwaarts leeggeknepen. Nu is het Oost'n an de beurt.
En omdat ik (nu mijn fiets het heeft begeven) vind dat je op een reis als deze alle vormen van transport geprobeerd en benut moet hebben. Heb ik een treinticket gekocht. En die trein zal me naar de Braziliaanse grens transporteren. Een reisje dat 12 uurtjes zal duren. Totale kilometerlengte: ruim 550.
Het betreft een avond- en nachttrein. En ik krijg van al het sub-tropische moois on-the-way maar weinig mee. En daarom heb ik besloten om precies dezelfde route (de weg loop paralel aan het spoor) over de weg terug te reizen. Liftend! Uitsluitend liftend. Dat is de beperking die ik mezelf opleg.
Maar voordat ik liftend terug ga wil ik een dagje doorbrengen in de Braziliaanse stad: Corumba. Net over de grens van Bolivia. Na aankomst in de warme en stoffige grensstad Quijarro duurt het uitchecken bij de Boliviaanse grens extreem lang. De rij kronkelt met de lengte van een slang. Alleen minder snel. Veel minder snel. De afhandeling is traag. De zon brandt als nooit tevoren. Ik slok tijdens het wachten 2 liter water weg.
Daarna is het een klein stukje lopen naar de Braziliaanse douane.
Hier gaat de afhandeling aanmerkelijk sneller. Alleen stokt het. Bij mij. 'Heeft u een gele koorts vaccinatie?'. Ik jok. Ja, maar ik heb het vaccinatieboekje niet bij me. (ik had de gele koortsvaccinatie voor Peru en Bolivia niet nodig en spaarde daarmee iets van 70 euro uit).
'Probleempje meneer. Dan mag u Brazilie niet in'.
Ok! Discusieren met deze gasten lijkt een vrij zinloze onderneming. Ik glimlach. Accepteer het als een feit. En blijf positief. En vraag de douanier of ik dan misschien, heel misschien, omdat de Copa America (voetbal) aanstaande is ik als rechtgeaarde Hollander misschien even een voetje op de heilige Braziliaanse voetbalgrond mag zetten. Eentje maar. Het antwoord luidt: Neeeeeeuuuh!! (dat is Braziliaans voor en vrij gedecideerd: NEE!, en ik had 'm niet eens verteld dat we ZE in de finale met een nulletje of wat gaan verslaan, kan je nagaan....).
Maar alleen door een voetje te zetten zal ik toch geen gele koorts oplopen senior? Of erger nog (voor jullie dan) overbrengen op uw Braziliaanse medeonderdanen? Lieve lezer. Wat ik ook onderneem. Probeer. Het antwoord blijft neeeeeuuh!!
Als ie even niet kijkt: doe ik toch Jeeeeuhh (en dat is Braziliaans voor: ik zet toch mooi een voetje op Braziliaanse bodem). Een snel voetje. En ook vrij snel weer terug. Want hij kijkt zo weer.
Tuurlijk. Lieve lezer. Ik ben een volwassen man. En het is wat kinderachtig. Weet ik ook wel. Zeker. U heeft gelijk. Maar als het Nederlands elftal komende zomer Australie stuk speelt. Chili van de mat veegt. En Spanje deklasseert. Dat zult u met veel plezier aan mijn voetje denken. Kortom: dit moest even. A man's got to do, what a man's got to do!
Maar goed. Het eerste deel van mijn missie mislukt dus. Ik haal een Boliviaans stempeltje. Mag het Boliviaanse land weer in. En lift naar het centrum terug. Neem een ontbijt. En ga als een flink opgeschoten puber met met een rugzak langs de kant van de weg staan. Wachtend op een lift.
Bolivia is een uitstekend liftland. Ga maar staan. Zwaai met je hand (wel langs de kant van de weg, op een andere plek ziet het er raar uit, en heb je waarschijnlijk ook minder succes). En er stopt wel iemand.
Meestal is het binnen 10 minuten raak. Nu ook. Deze lift brengt me directo naar waar ik wezen wil: Chochis (spreek uit: tjotjees) Maar je mag het wat mij betreft ook anders uitspreken. Want je hebt er op zichzelf toch niets aan. Aan deze informatie. Lijkt me nl nogal gek als je in Oosterbeek, Epe, Vinkel, Heerde, Dronten, Leiden, Biddinghuizen, Wezep, Zwolle, Arnhem, Rheden of Doorwerth woont. En je loopt naar je eigenste straatberm. Om je duim op te steken. En dat er dan iemand stopt. En dat JIJ dan de weg naar Chochis vraagt. Lijkt me gek. Ga je vast niet doen. Mocht je het toch overwegen. Neem dan voorgaande uitspraak wel ter harte Anders niet. Dan zou ik het gewoon voor kennisgeving aannemen. Kijk maar even wat je doet. Ik kan met beide keuzes op zichzelf uitstekend leven. je kunt niets fout doen. Dus. Alle vrijheid. Qua keuzemogelijkheden. Zie maar.
Maar eh..... Chochis dus!
Daar gooit de chaufeur-senior met me rugzak en al uit de auto. En dat voelt meteen goed. Niet dat gooien. Maar de eerste aanblik van Chochis. Stoffig. Rood. Onontdekt. Plezierig. Gastvrij. En totaal niet op toeristen ingericht.
In 1979 kreeg Chochis een overstroming voor de kiezen. Maar dat bleeft het niet bij. Bij voor de kiezen. Het rolde via het gehemelte, via de slokdarm, de rest van het lichaam binnen. Kortom: het plaatsje overstroomde. Er viel een gering aantal doden. Maar het plaatsje bleef zwaar beschadigd achter. De bewoners deden er tientallen jaren over om het plaatsje weer een beetje op de rails en been te krijgen.
Toen dat gelukt was werd het tijd om de slachtoffers te gedenken. Men bouwde pal tegen Cerro de Chochis (red rock) een gedenkgebouw (Santuario Chochis). Maar daar bleef het niet bij. De bewoners voorzagen dit gedenkgebouw van schitterende afbeeldingen d.m.v. houtsnijwerk.
Mijn reisgidsje besteed er een klein kadertekstje aan. Tien regeltjes. Niet meer. Inmiddels weet ik dat dit soort tekstjes betekenen dat er iets interessants is. Iets bijzonders. Maar dat er (nog) maar weinig toeristen komen. Dat de voorzieningen beperkt zijn. En de bereikbaarheid van zo'n plaatsje matig is. Maar omdat ik liftend bent gekomen, is de bereikbaarheid voor mij prima.
De mensen in het dorp kijken me onderzoekend aan. Zo'n lange blanke man. Met een grote bult op z'n rug. Maar ze zijn zeer gastvrij, open en vriendelijk wanneer ik ze aanspreek. Wanneer ik t.h.v. het plaatselijke schooltje wat in mijn rugzak rommel. Kijken alle leerlingen me door het raam aan. Ik gebaar dat ze moeten opletten (anders komen net als mij terecht, iets met ín', iets met 'de' en iets met 'goot') en snel kijken ze weer naar de leraar. Maar dat duurt niet lang. Want dan kijken ze weer naar mij. En ik gebaar weer dat ze naar de leraar moeten kij........ En dat gaat zo een paar keer heen en weer. Na een minuut of 3 is het complete hiliariteit in de klas. De leraar heeft het nu ook in de gaten. En glimlacht. Om verdere leerlingenchaos te voorkomen en de les niet verder te verstoren groet ik de leerlingen. En zet ik mijn tocht maar snel voort.
Ik zoek onderdak. En dat hoop ik te vinden in de plaatselijke Eco-Albergue,
Het onderdeel van het herstelplan van het dorp is om meer toeristen te trekken. En daarom is men de wegen aan het verbeteren (men heeft o.a. recentelijk de 3 km klimweg (!!!!!) naar het gedenkgebouw geplaveid) en men heeft met eigen materialen en mensen een herberg gebouwd. In de natuur. Ver van mens. Ver van huis. Ver van haard.
Nu is een haard ook een vrij overbodige optie. Ik zou 'm schrappen van je ik-wil-een-hotel-en-dat-moet-tenminste-aan-de volgende-voorwaarden-voldoenlijstje. Schrappen die haard. Emmer met koud water. Voetenbadje met verfissende watermeuk. Daar zou ik voor gaan. Want het is tropisch, zonnig en flink warm hier.
Het is een flinke trippel naar de Eco Herberg. En de geluiden onderweg er naar toe zijn weinig bemoedigend. Het zou gesloten zijn. En daar lijkt het ook op als ik na een uurtje sjouwen het hek bereik. Ik open het hek. Loop door. En zie Maria. De beheerder. Ik vraag. Zij knikt. En even later word ik verwelkomd op de mooiste overnachtingplek die ik ooit gehad heb. Men oh men!! 'Hier blijf ik wonen geloof ik'.
Ik gooi snel de spullen van me af. En onderneem de tocht naar het gedenkgebouw. Klimmen. Klimmen en nog 's klimmen. Het resultaat: een indrukwekkend gebouw. Met prachtig houtsnijwerk. En indrukwekkende afbeeldingen. Zie hier wat foto's:
Net voor het donker werk in het enige restaurant dat Chochis rijk is wat kip,wat rijst, enwat slappe klamme patatten naar binnen. En haal net voor de duisternis volledig invalt mijn onderkomen voor de nacht.
De next day. Reken ik af. Met de man van Maria. Maria is vannacht nl ziek geworden. Ik bedank hem. Geef 'm flinke fooi. En wens hen succes met dit prachtige project. En Maria beterschap!
Ik ontbijt op het centrale Plaza: een klef broodje met daartussen een hamburger, een ei en een flinke klodder mayo, en een flinkere klodder ketchup, is mijn breakfast. Die laatste twee (mayo en ketchup) spuiten er, als ik mijn mond om het broodje krul, er aan alle kanten als ware het een fontein, uit. MC Donalds is er zo heilig als de Paus bij (zeker deze Paus!!). En ik drink een bak anijsthee. Om de meuk mee weg te spoelen.
Claudio een Braziliaan schoot mij aan. Toen ik on my way to the Main Road was. En vertelde mij dat ie een 'restaurant' had op het Plaza. En of ik ben hem wilde komen eten? Natuurlijk Claudio! Ik kom bij jouw eten. Ik had graag het ei en de hamburger apart willen hebben. En misschien ff geen mayo. En geen ketchup. So early in the morming. Maar Claudio is zo enthousiast. Hij wil het me allemaal aanbieden. Allemaal. Op een (1) broodje. Ik kauw en klets wat met hem af. Het is een Braziliaanse geweldenaar: die Claudio.
En dat geldt voor alle mensen in Chochis. Zelden ben ik zoveel lieve en belangstellende mensen tegengekomen op mijn reizen in een (1) dorp. En ik gun deze mensen alles. De horden toeristen die hun dorpje komen bestormen. Die de rode rots en het houtsnijwerk-gedenkgebouw komen bekijken. En ik gun ze ook het geld dat dat met zich meebrengt. De welvaart. De vooruitgang. Tuurlijk!
Maar blijven ze dan nog zo aardig? Zo belangstellend? Blijft het dorpje het dorpje? Lachen de kindjes nog om een malle toerist met een rugzak die gekke bekken trekt (had ik nog niet gezegd). Of kijken ze dan stuurs voor zich uit? Blijven de huisjes de huisjes? Of verworden die allemaal tot guesthouses? En giftshops? Blijft Claudio dezelfde heerlijke kleffe hamburger-ei-may-ketchup-broodjes als ontbijt serveren? Of opent ie een pizzeria? En begint ie een reisburootje. Gespecialiseerd in guided jungletours naar de rode rots? En naar het gedenkgebouw? Komen er taxichauffeurs die je graag willen vervoeren? En wel raad weten met de tarieven. Worden er disco's geopend? Om de jonge belangstellenden bezig te houden? Wordt er een marketingbureau in de arm genomen om het dorpje nog verder op te stuwen in de vaart der vol..............
Ik vind 't lastig. Ze zien er nu ook gelukkig uit. En de gewenste en bereikte vooruitgang is misschien niet altijd DE vooruitgang die je wenste? Als je erop terugkijkt. Maar goed. Ze hebben nog niets om op terug te kijken. Ze beginnen net. En ik wens ze alle goeds toe!
Ik loop met een hamburger-wi-may-ketchup in mijn mik naar de Main Road. En na een (1) mislukte poging is het binnen 5 minuten raak. Een sleepwagen uit Brazilië die een stukke auto van een Braziliaanse toerist moet ophalen. Pikt me op. Hij kan me iets van 40 kilometer ver brengen. En dan moet ik het maar weer zien. Deal!!
Op een afslag word ik gedumpt. Daar staat een vrachtwagenchauffeur te urineren. Ik vraag 'm of ik mee mag. En YES de volgende lift is een feit.
Hij kan me zelfs helemaal naar Santa Cruz brengen. Maar zo ver ga ik vandaag niet. Mijn bestemming is San Jose (de Chiquitos).
San Jose is het beginpunt van het Jesuit Missions Circuit (een Jezuiten Klooster Route, vrij vertaald). De route is 500/600 kilometer lang en herbergt een kloostertje of 7. Het duurt een dag of 5 om ze allemaal te kunnen zien. En die tijd heb ik niet (meer). Echter. In San Jose moet de meest indrukwekkende en het meest belangrijke klooster liggen. En dat ligt mooi op de route. En daarom heb ik mijn zinnen op dit klooster gezet.
Al rijdende valt het me op dat het zwermt van de witte vlinders. Niet een paar. Geen tientallen. Geen honderdtallen. Duizenden. Tienduizenden. Ze spatten op de voorruit uiteen. We rijden met open ramen. En tientallen worden naar binnen gezogen. Het worden er steeds meer. Op een goed moment lijkt het wel te sneeuwen. 'Vlindersneeuw'.
Het kost me dan ook geen enkele moeite om de volgende foto's te maken:
De chauffeur dropt me bij de afslag naar San Jose. Daar stapt een ezel. Het dier trekt een kar. Op de kar ligt hout. Op het hout zit een man. Die man wenkt me. Of ik mee wil rijden. Even later hobbel ik met een ezelgangetje richting het centrum van San Jose.
Deze ezel had het al zwaar. En met een rugzak van 20 kg erbij. En een man van 88 kg. wordt de toch al vrij beroerde gewichtsituatie voor het dier er niet beter op. Na een kilometertje of 2 man-slaat-ezeltje-behoorlijk-veel-en-dat-is-op-zichzelf-nog-wel-te-hendelen-maar-ook-behoorlijk-hard-en-het-ezeltje-kan-echt-zijn-ezelbeentjes-niet-sneller-voortbewegen. Ik gebaar de man dat het mooi is geweest. Ik stap af. Gooi de rugzak op m'n rug. En loop. Richting San Jose.
Hier vind ik onderdak. Bekijk het Jezuitenklooster. Regel een lift for the next day. En zwem wat.
En u zult het vast niet geloven. Echter. Het is echt waar. Het gaat echt gebeuren. Ik ga vanavond carnaval vieren met de plaatselijken!!
Ja ja. Ook hier is het Carnaval losgebarsten. En er wordt gefluisterd. Tongen spreken. Er wordt beweerd. Dat in dit dorpje vanavond een OerHollandsche avond georganiseerd zal worden. Toeval bestaat. Lieve lezer. Het thema deze avond is: Volendamse musica.
U begrijpt: ik wil er geen seconde van missen............
Oleeeeee, olleeeeeee, Ooollleeee Olee Oleeeee!!!
EVO
'Ha die Evo!'.
Goed om je nu 's in levende lijve te ontmoeten. Ik moest het tot nu toe hebben van die alle Jezus grote billboards langs de wegen. Met jouw hoofd er op afgebeeld. Maar fijn dat ik even tijd voor je kon vinden.
Ik weet: als President van Bolivia zal jouw agendaatje ook weinig lege pagina's kennen. Alhoewel je het misschien nu zo na de DAKAR ralley het wel wat rustiger zult hebben. Goh, je was niet van de buis te slaan man.
Maar ik ben ook een druk baasje. En de afgelopen 6 weken helemaal. Want toen ben ik door Bolivia getrokken. En. Ik wil je graag complimenteren. Wat ben jij de baas van een leuk en interessant landje zeg. Wat een diversiteit. En wat een leuke onderdanen ook. Gave baan heb je hoor!
Kan ik je een bakje thee aanbieden? Ik heb 'Mate Anis' (anijsthee) in de aanbieding. Daar zijn jullie toch zo gek op? Schepje suiker? Koekje?
Goh Evo. Er zijn me tijdens m'n trektocht door Bolivia wel een paar dingetjes opgevallen. En die wil ik graag even met je delen. Wat zeg je? Geen tijd te verliezen? Druk baasje hoor! Laten we dan maar snel beginnen.
Als je voetganger bent in Bolivia beste Evo. Dan is het wellicht handig om je inwoners voor een spoedcursusje 'sprinten' naar een willekeurige atletiekvereniging te sturen. Zie het als een tip. Want ik heb gemerkt dat motoren, bussen en auto's in jouw mooie landje de macht hebben. Er is volgens mij sprake van een op handen zijnde gemotoriseerde revolutie. Je mag wel oppassen!
Als voetganger en fietser ben je je leven niet zeker. Auto's en bussen denderen voort. Op het platteland. Maar ook in steden. Ze rijden je zonder pardon van de sokken. En om dit te voorkomen: een sprintcursusje. Dus.
Misschien is het ook weleen leuk gadget-dingetje. Voor de komende verkiezingen in oktober. Je bent trouwens wel een beetje een boefje he?! In Bolivia mag je twee termijnen van vijf jaar President zijn. En die tweede termijnloopt oktober 2014 voor jouw af. En dat zou betekend hebben dat je ambtstermijn er op zit. Jah....ik heb goed op zitten letten. En nu heb jij eind vorig jaar de wet gewijzigd waardoor je je in oktober weer verkiesbaar kunt stellen. Ik ben niet zo van de veroordeling: maar dat is wel een klein boevenstreekje Evo. Das nie eg democratisch jonge!!
Maar goed Evo. Een kleinigheid houd je altijd natuurlijk. En ik heb gezien dat je ook veel goede dingen doet. Wegen verbeteren. Heel veel bouwprojecten (met borden met jouw gezicht erop incl bouwhelm). En je hebt er ook voor gezorgd dat veel geprivatiseerde onderdelen van de overheid (die in Buitenlandse handen waren) weer terug zijn in Boliviaanse handen. Iets wat de bevolking graag wilde. Goed bezig man.
Trouwens toch nog even terugkomend op het onderwerp democratie. Ik was in La Paz. En kreeg dat een rondleiding van twee jonge dames. En op een goed moment stonden we voor jouw paleisje. Die twee meisjes wilden daar (op DIE specifieke plek) niets over jou, de President, zeggen. Er liepen namelijk wachters rond en ze waren bang om opgepakt te worden.
Das niet echt een geweldig vrolijk teken van een echte open democratie en een pretiig open samenlevinkie Evo. Ja, nu kun je me wel wat meewarig aan zitten kijken. Maar dat klopt toch echt niet jonge. Hoe ze heten? Ja. Dat ga ik natuurlijk niet zeggen.
Ander onderwerp dan maar?
In de vele winkels en marktstalletjes worden allemaal fijne spulletjes verkocht. Wat mij opvalt is dat de verkopers veelal met hun telefoon bezig zijn en niet als primaire taakinvulling hebben het bevorderen van de verkoop van artikelen. Er is weinig tot geen belangstelling voor de klant.
Ja, en dan nu een onderwerpje dat ik wel wat lastig vind om aan te roeren. Maar ik vind toch dat ik je er toch even van in kennis moet stellen. Ik vind de Bolivianen een niet buitengewoon ijverig volkje. Ja sorry. Eh..... ja dat is mijn mening. Ze hebben doorgaans alle tijd. Bewegen langzaam. En ik zie ze ook nog wel 's slapen. Tijd zat dus. Althans, dat lijkt me zo.
Dat is overigens ff andere koek wanneer ze aan het verkeer gaan deelnemen.
Gemotoriseerd verkeer welteverstaan. Tjonge man. Wat hebben ze dan opeens haast. Het lijkt wel of daar alle 'verloren' tijd ingehaald moet worden. En die 'haast' uit zich in het activeren van de claxon. En die weten ze prima te vinden. Dan duurt het zoeken helemaal niet lang. Echter, en nu komt het, die claxon drukken ze ook in wanneer het volledig duidelijk is dat het verkeer muurvast staat. Geen kant op kan. Zo vast als een huis staat. Of als bijvoorbeeld een bus stilstaat om passagiers in te laten stappen. Ze zien de passagiers instappen en toch toeteren ze alsof ze allemaal in de fanfare willen spelen. Gekkenwerk. Onzinnig ook. Zou jij hier op de volgende verkeersoverleg-vergadering hier iets over kunnen zeggen?
Bolvianen hebben ook haast als ze iets moeten kopen in een winkel. Ze kruipen gewoon voor als de verkoper met iemand anders bezig is. De verkoper gaat trouwens ook niet vrijuit. Die schakelt moeiteloos over op de nieuwe klant. Ik heb het wel 's een tijdje gade geslagen. Ik zag dat een verkoper op een goed moment met vier klanten min of meer tegelijkertijd bezig was. Wel efficient. Maar in de ogen en geest van een Westerse bezoeker is het een bijzonder(e) (en ook wel een wat irritante) ervaring.
Misschien kun je nog iets voor me regelen Evo?
Nog even over de Boliviaanse TV-programma's. Daar hebben jullie er genoeg van in je mooie landje. Jeetje. Die dingen staan overal en nergens te brullen. En het apparaat mag zich ook in een ruime belangstelling verheugen. Fijn voor de TV zelf. Want dan is dat gebrul niet voor niets. Maar eh.....de programma's. Die zijn vaak wat aan de dramatische kant. Veel gehuil. Geschreeuw. Gekrijs. Een verkrachtinkje hier. Een paar bloederige doden daar. Heftig hoor.
'Ja, je hebt gelijk: er zijn ook grappige programma's. Althans. Grappig bedoelde programma's. Een beetje van het nivo van Banansplit. Met onze Frans B., Jan Smit gaat op reis. En een ander programma getiteld: Nick & Simon reizen er achter aan en maken dezelfde kutmuziek (ik werk ook aan een programma: Jan Smit, Nick & simon storten neer tijdens hun reis, tis nog een werktitel!). De toppers. Ivo Niehe. Linda de Snollemol. Die sfeer. Dat soort beelden. Dat nivo. Bij ons meestal uit gezonden door de TROS. Je zegt? De TROS? Ah ja, logisch dat je dat niet weet. Ons landje is gek op afkortingen Evo.
De TROS staat voor Totaal Overbodige Omroep voor uitsluitend bekeken door Randdebielen en Sukkels.
En ja, je hebt gelijk. Daar kijken ook mensen naar. In Holland. Zekers!! Maar goed je hebt gelijk: leven en laten leven. Ik weet 't. Liever niet. Ik zie het liever anders. Maar goed: diversiteit is een groot goed. Dat moeten we koesteren. Bij voorkeur ingeluiddichte verpakking. En luchtdichtafsluiten.
Maar nog even. Ik zie ook veel kindjes naar de TV kijken. Kunnen die dramatische zaken niet op een later tijdstip uitgezonden worden? Moet dat 's ochtends ook al? Doe 's een onderzoekje als je ff niks te doen hebt.
Een kleinigheidje. Maar toch. Toen ik door je mooi (platte)landje fietste. Kwam ik door dorpjes. En omdat je fietsend lang niet zo snel gaat als met de auto. Was het voor mij van tijd tot tijd best wel belangrijk om te weten waar ik me bevond. Orienteren heet dat geloof ik. Nu staan er in Bolvia geen plaatsnaambordjes bij de dorpjes. Je zegt? Ah. Ja. De mensen in het dorpje kennen de naam wel. En ik moet het hen vragen. Nou ik zal je vertellen. Dat deed ik ook. Vragen aan een local hoe het dorpje waar ik me bevond heette. Soms had ik succes. Maar ook en heel vaak eigenlijk had men geen idee. Serieus!!!!
Gewoon ff een bordje aan de ene kant van het dorp En aan de andere kant van het dorp. Je zou er een Hollandsche fietsers buitengewoon gelukkig mee maken.
Even over jullie grenzen. Ik bedoel de landgrenzen. Ik ben er eigenlijk vrijwel zonder problemen gepasseerd. Complimenten! Geweldig geregeld. En nog gratis ook. Nu heb ik begrepen dat Amerikanen 135 dollar moeten betalen om je mooie landje te bekijken (ik zie het vuur in z'n ogen branden). ..........Neem een slokje Evo, Of ik weet waarom dat is? jah!! Zekers wel.
Bolvia heeft een President gehad: Gonnie. Hij leidde het land van 1993 tot 2003. Hij had het nog wel langer willen doen. Maar het volk heeft hem na een bloedige opstand verjaagd. En terecht. Gonnie maakte er na een aantal jaren aan de macht te zijn geweest een zooitje van. Echter onze Gonnie was niet dom. Het nam tijdens zijn vlucht de totale voorraad Nationaal vermogen (geld) mee. En vertrok spoorslags naar Amerika. En liet zijn Boliviaanse onderdanen vokomen berooid achter.
Boliva vraagt tot op de dag van vandaag de uitlevering van deze Gonnie. Die in het Zuiden van United States van Amerika als een vorst schijnt te leven. Maar Amerika weigert dit. Reden: Gonnie is half Bolivaan. En half Amerikaan. En heeft dus een USA-paspoort. En daarom leveren ze 'm niet uit.
Is de informatie tot zover goed Evo? Ok!!!
En daarom laten jullie elke Amerikaanse toerist bloeden. That's the Reason. Beetje kinderachtig ook. Wel. Want de gemiddelde USA toerist kan hier natuurlijk niets aan doen...... Ok ok .....het is aan jouw.....ik wilde je niet beledigen..... volgende onderwerpje dan maar?
Tja. over geld gesproken, laten we het onderwerp'betalen''s bij de kop pakken.
Nou ja. Betalen?!. Betalen is doorgaans geen probleem. Bolivianen willen graag geld in ontvangst nemen. Bolivianoos vooral. Ingrote steden zijn dollars ook gewild. Maar goed. Ontvangen is dus geen probleem. Maarrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrr,,,,,,,,, het terug krijgen van je wisselgeld: dat is wel een probleem.
Als je bijvoorbeeld een bedrag van 5 BS moet afrekenen. En je betaalt met een briefje van 10 of 20 BS. Dan is het code oranje. Alarmfase 1. Wegschietende ogen. Bleke gezichtjes. Aan het infuus. Vloeibare voeding. Blusdekens. 112. Totale paniek. Laat staan dat je met briefjes van 50 of 100 aan komt zetten. Dan kun je de lijkwagen het beste meteen laten aanrukken. In het begin dacht ik nog dat ze me aan het uitproberen waren. Kiek'n hoe lang ie blief wachten. Maar nee hoor. Wisselgeld is echt een probleem in Bolivia!
'Wat zeg je?' Valt wel meeeeeeeh!!
Nou. Mijn record 'wachten-op-wisselgeld staat op drie kwartier. In taxi's gaat het (ook) vaak mis. Zo'n taxichaufeur moet dan de auto uit. En lopen leuren bij voorbijgangers om wisselgeld. En dat duuuuuuuurt. En vandaag nog. Vandaag wilde ik een kaartje kopen bij de ZOO. Betaalde met 100. En de man kon me geen wisselgeld geven. Maar ik had niets anders dan 100. Na een kwartier haalde hij bakzeil. Ging de straat op. Wisselgeld scoren.
Jullie Bolivianen doen gewoonweg niet aan wisselgeld. Daar denken julliegewoon niet aan. Iedereen loopt elke dag tientallen keer tegen hetzelfde probleem aan. En niemand lost het op.
Wat zeg je? Gepast betalen. Ja, goed plan. Fijn idee. Zeker. Maar er is een probleempje. Jullie ATM-machines spugen bijna allemaal briefjes van 100 uit. En ja. Ga daar maar eens gepast mee betalen. Dat lukt misschien wel in de dure restaurants waar jij eet. Maar mij lukt dat niet als ik voor een Boliviano of 14 Pollo (kip) en patat wil bestellen.
'Ja, je hebt mooi lullen'. Cultuurverandering! Die zou jij dan in gang moeten zetten.
Maar ik heb een veel eenvoudigere oplossing. Je moet die ATM-machines niet alleen maar briefjes van 100 laten uitspugen. Maar laat er ook 's wat briefjes van 10, 20 en 50 instoppen. En wat munten. Dat zou al een mooi eindje schelen. En ja. Een Nationale opvoedcursus 'wisselgeld-beheer' zou idd geen kwaad kunnen. Maar ja. Jij bent de baas hier. Jij hebt het hier voor het zeggen. Joe is aan zet.
Maar goed. Voordat het een kip en ei discussie dreigt te worden. Laten we het over de kip hebben. Jullie noemen dat Pollo (spreek uit: Pojo). En jullie zijn echte dierenliefhebbers. D.w.z. dode-dieren-liefhebbers. En dan met name kippen. Overal is het te koop. Pollo 1/8, Pollo 1/4, Pollo ½ en Pollo enigszins nog als kip herkenbaar. En jullie serveren er ook altijd patat bij. Een paar plakjes tomaat. En wat sla. En huppekee. Voor een Boliviano of 12 ben je kipspekkoper.
Nou heb ik een (1) verzoek aan je. Zou je je landgenoten willen vragen of ze er ECHTE mayo bij willen serveren. Ja. Je moet weten. In mijn landje eten we regelmatig patat. Meestal zonder Pollo. En wij Hollanders zijn gek op patat met mayo. Maar die slaslauswaterachtigemeuk die ze er hier op spuiten. Dat is niet lekker. Niet smakelijk. Niet vet genoeg. Dus wil je het op de agenda van de volgende regeringsvergadering zetten? Wij Hollanders rekenen op je.
En ja dan tenlotte Evo. Ik durf het bijna niet te vragen. Maar..... ik doe het toch. En de reden dat ik het toch doe ik dat ik tijdens mijn fietsreizen soms geraakt wordt. Niet door iets te dichtbij langsrazende bussen. Had makkelijk gekund. Zeker. Maar dat bedoel ik niet. Geraakt worden door iets of iemand die aan je voorbij trekt. Iets dat je meemaakt. Ziet.
Zo fietste ik enkele weken geleden alweer in de buurt van La Paz. Je weet wel: de stad waar jij je fraaie paleisje hebt. Ik haalde La Paz die dag niet. Ik bleef een kilometer of 25 voor La Paz steken. Iets met vermoeidheid. Wat zeg je? Een hulpmotor? Nee, ik doe het gewoon met de benenwagen. Laat de hulpmotoren maar aan de DAKAR deelnemers over. Die moet je trouwens 's laten fietsen. In de woestijn. 's Kijken hoe ver het zand dan nog opspat (maar dit terzijde) Afin. Ik zocht onderdak. En dat was die dag lastig te vinden. En daarom zocht ik een plekje om mijn tent op te zetten.
Na enige tijd zoeken kwam ik bij een ommuurde tuin terecht. En binnen de muren woont een gezin. Vader. Moeder. Drie kindertjes.
Om binnen de muren te komen moesten fiets en al over een vuilnisbelt worden gedragen. En vervolgens ging de tocht over een hondenkerkhof. En toen stond ik binnen het ommuurde gedeelte. Dat ik dat moest. Dat is natuurlijk tot hier aan toe. Maar die mensen. Die daar wonen. Die moeten dat elke dag.
De omstandigheden binnenmuurs waren ook schrijnend. De stank was niet te harden. En de woonomstandigheden waren schrijnend. Ik denk dat jouw badkamer groter en mooier is dan het huisje waar deze mensen in wonen. Dat van de meeste Nederlanders wel. For sure. En daar laat ik het maar bij qua verdere beschrijving.
Nu heb ik een plannetje uitgedokdert. Maar dat kan alleen lukken, kans van slagen hebben, een goed eindresultaat behalen, als jij ook meedoet.
Ik heb twee fantastische collega's. De ene heet Ab. De andere Marcel. Ik ken ze goed. Vakmannen. Hart op de goede plaats. Ik weet zeker dat Ab (en ik ga hem zeker helpen) de buitenboel wel 's ff flink op wil knappen. Want daar is hij goed in. Vuilnisbelt weg. Hondenkerkhof ergens anders begraven. De boel egaliseren. En een fatsoenlijk oprijpad naar het erf maken. En het terein binnensmuurs 's ff goed op de schop nemen.
Marcel is goed met gebouwen. Hij zal het lekkende dak repareren. En de muren verstevigen (de woonruimte van deze mensen bestaat uit een vervallen en lekkend schuurtje van 2,5 x 2,5m).
Maar dat kan vanzelfsprekend alleen en uitsluitend met jouw in- en toestemming. En het zou fijn zijn als je financieel een ietsje pietsje zou willen springen. Vliegticket of zo. Huur van een shovel en wat werkmannen. Hotelovernachtingen. Dat werk. Dan weet ik zeker dat Ab en Marcel er wel voor te porren zijn.
Doe het vooral voor die kindertjes........
Ok, ik begrijp dat dit verzoek je enigszins overvalt. En dat je wat denktijd nodig hebt. Maar ik hoor graag van je.
'Ah. Je pieper gaat'. Time is up begrijp ik. Jammer. Ik had nog wel wat aandachtspuntjes en tips. Maar die bewaren we dan maar. Voor een later moment. Bedankt dat je gekomen bent. Succes met de komende verkiezingen.
En pas op. Met oversteken. Trek anders maar een preventief levensreddend sprintje.
Adios!
CHE
'Ik weet niet of u het herkent'.
Maar als je een logo ziet. Dan weet je meestal het bedrijf te benoemen. Dat achter dat logo schuil gaat. En vaak weet je ook nog wel iets over de plooiactiviteiten van dat betreffende bedrijf te vertellen.
Neem bijvoorbeeld het logo van de NS. Als je dat ziet. Dan associeer je dat meteen met eh.......geel. Blaadjes op de rails. ProRail. Treinen die te laat komen. Vertraging. Winterdienstregeling. Tochtige stations. Krakerige omroepinstallaties die niets vertellen. Vieze treinstellen. Okselzweterige conducteurs. En veel te dure treinkaartjes. Fijn imago by the (rail)way.
Nog een voorbeeld: de schelp van Shell. Ik leg een linkmet een oliepijpje somewhere ergens in Nigeria. En geknapt olieleidinkje. En dat de locals weer gezellig en gratis kunnen olie-BBQ'en voor de komende 15 jaar. Sponsored by Shell. Is fijn voor die locals. Want dat spaart mooi houtskool uit. En dat allemaal omdat meneertje Shell te euroberoerd is om de oliemeuk op te ruimen. En o ja! Brandstof. Tanken. Daar doen ze ook nog aan bij Shell. Geloof ik. Is een bijproductje!
Enne tot slot nog een associatie: Airmiles!! En die dan na jaaaaaaren sparen proberen teinnen bij de V&D. Voor een CD. Van Nicker Simon. Of zo. En dan toch nog schofterig veel bij moeten betalen.
Twee voorbeelden. Van logo's/symbolen. Die meteen bepaalde associaties oproepen.
Ik kom nog wel 's in onze hoofdstedelijke hoofdstad. En u waarschijnlijk ook. Als je dan een willekeurig toeristen-giftshop passeert. Die ook T-shirts verkopen. Dan zie je regelmatig deze beeltenis op zo'n shirt afgebeeld staan:
Er zijn er vast onder u die meteen een beeld hebben bij de persoon. Zijn naam kennen. Wie hij was. Wat ie gedaan heeft om uberhaupt op zo'n shirt afgebeeld te doen worden. Zijn afkomst. You name it.
Ik zal heel eerlijk zijn. Ik kon er (bijna) niets bij bedenken. Bij deze afbeelding. Ik hoor mezelf iets van Cuba stamelen. Maar daarna verstomt mijn gestamel al snel. Sorry.
We lopen over een smal paadje. En dat paadje loopt dan weer door struikgewas. En dat is op zichzelf nog wel overkomelijk. Maar het paadje blijft het paadje. En dat kun je van het struikgewas bepaald niet zeggen. Dat wordt dichter. En dichter. En ook dat is op zichzelf nog wel te hendelen. Maar het struikgewas is voorzien van behoorlijk stekelige doornen. En die stekelige doornen prikken behoorlijk. Enne...... eigenlijk weten we het niet goed meer. Het zou hier moeten zijn. Het is hier ook. Maar waar precies? En hoe kom je er?
Het ene deel van 'we' ben ik. De andere helft van 'we' is Esther. Een Hong-Koging. Of een Hong Kong Koninging. Of een Hong Kongnese. Of een HoKo. I don't know. Maar ze woont in Hong Kong. En we troffen elkaar gisteren. We bleken hetzelfde plan te hebben. En nu lopen we dus hier.
We zijn een zoektocht gestart vanochtend. Een zoektocht naar de man achter deze beeltenis. En die zoektocht komt niet helemaal en zomaar uit de lucht geploft. Hier in Bolivia wordt de man bekant aanbeden. Een held. Een icoon. En echt aan hem voorbij gaan gaat bijna niet. Zeker niet als je je 350 km ten zuiden van Santa Cruz bevindt.
De beeltenis die u zojuist afgebeeld zag is van meneertje Ernesto Che Guevara.
Lieve mensen. Ik probeer het ten allen tijde te vermijden. Maar deze x lukt het echt niet. Neemt u mij niet kwaltijk. Sorry. Pardon. Excuses. Oprecht ook nog wel. FF een aliniaatje of wat serieuze geschiedenis:
Who the fuck was Ernesto Che Guevara?
Ernesto Che Guevara was een revolutionair. En niet zo maar eentje. Welnee. Eentje met een poplulariteit zoals alleen film- en popsteren van nu die genieten. Hij had in Cuba een revolutionair succesje geboekt. Ging in opdracht van Fidell Castro naar de Congo. Daar mislukte zijn revolutionaire plannetje jammerlijk. En was na dit falen op zoek naar een nieuw uitdaging. En die vond ie in....jawel: Bolvia.
Ene Rene Barrientos Ortuno's was daar rond 1965 aan de macht. Beroepskeuze van deze Rene: dictator. Had ook voor de L.T.S. kunnen kiezen. Maar het dictatortje-zijn zat er al vroeg in. Vandaar.
Che had zijn kampement in Bolivia opgeslagen met als doel om het regime van deze niet zo technische Rene (anders had ie wel voor de LTS gekozen) omver te werpen. Teneinde het leven voor de armlastige boeren een beter perspectief te geven. Helaas voor Che hekende de boeren Che in den beginne niet. En ook later vond hij maar weinig medestanders. En eigenlijk. Heel eigenlijk. Is de revolutie in Bolivia onder Che nooit van de grond gekomen. En is het toemalige regime stevig in het zadeltje blijven zitten.
Een geweldige hoeveelheid realiteitszin was aan onze Che niet helemaal besteed. Want nog enkele dagen voor zijn dood staat in zijn dagboek van Che te lezen dat de revolutie volgens plan verloopt.....
De Amerikanen pruimden Che niet. En door de CIA opgeleidde Boliviaanse troepen schoten Che op 7 oktober 1967, 11 maanden nadat Che Bolvia was binnengegaan, neer. Het gewonde lichaam werd naar het schoolgebouw van La Higuera gebracht. En in de namiddag van de 9e oktober werd Che vlak voor het schoolgebouw geexicuteerd door een Amerikaanse Sergeant.
Samaipatha. Dat is het plaatsje want ik enige dagen geleden naar toe gereisd. En daar trof ik Esther. Ook zij wil zijn spoor gaan volgen. En daarom zijn we vanochtend naar Vallegrande gereisd. Dat is ons eerste reisdoel.
In Vallegrande zijn namelijk drie plekken te bezoeken. De plaats waar Chelange tijd begraven heeft gelegen. Het Hospital waar hij na zijn dood naar toe is gebracht. En er is een museum ter nagedachtenis aan zijn overlijden.
En daar beginnen we. Nou ja. Beginnen. Dat willen we wel. Echter. Het museum is nogal lastig te vinden. Want ondanks de grote populariteit van de dode meneertje Guevara weten toch veel mensen niet van het museum af. Uiteindelijk vinden we het kleine museum t.h.v. het centrale Plaza. Hier is het museum op de bovenverdieping van het archeologische museum in twee ieniemienie kamertjes gevestigd.
Zo klein het museum is. Zo indrukwekkend is de presentatie. We krijgen veel informatie over zijn leven. Zijn beweegredenen. Zijn drijfveren. En ook zien we het uniform en de schoenen die ie aan had toen ie werd gedood.
Er zijn opvallend veel foto's van de dode en opgebaarde Che. Het blijkt dat enkele dagen na zijn dood iedereen kennis kon komen nemen van het dode lichaam. Er zijn verslagen van mensen die s' ochtends in alle vroegte kwamen. En dat er toen helemaal geen beveiligers waren. Dus het lichaam kon in alle standen gefotografeerd worden. Ook is er man die aan de beveiliging heeft gevraagd of het lichaam niet even naar buiten kon worden gebracht. Daar was het licht om te fotograferen beter........
Na een kwartiertje of drie hebben we het museum vier keer gezien. De nodige kiekjes gemaakt. En dat was het museum dan. Ik had gedacht dat we in rijen van drie moesten aansluiten. Dat we de kaartjes misschien op de zwarte markt zouden moeten kopen. Maar niets van dit alles. We zijn de enige bezoekers. De kaartjesverkoper-mevrouw moest de deur nog openen. De lichten nog aandoen. En het stof nog van de twee aanwezig vitrines vegen............
Che is na zijn dood naar het Hospital van Vallegrande vervoerd. Hij is daar eerst naar de Laundry (wasruimte) gebracht. En daarna is hij naar een gebouwtje gebracht dat ongeveer 50 meter verderop stond. Daar is ie opgebaard. Beide gebouwen bestaan nog. En zijn een soort bedevaartsoord geworden.
Dat is fijn. 'Maar where the hell can we find these buildings?!'
Een beetje VVV-kantoor-achtig-ingestelde-marketing-dame had hier allang een geinige Che-community-trail van gemaakt. Met officiele guides met een vlaggetje. Waar je dan achteraan moet lopen. Of een bewegwijzerde route. En iets van overprizde entreekaartjes. Ansichtkaarten. Posters. Klompen en tulpen met de afbeelding van Che. Boerenbontvazen met de afbeelding van Che. En meer van de toeristenmeuk.
Maar hier niet. Hier is nix. We vragen wat rond. En vierkant. En rechthoekig. Maar we blijven in een cirkeltje rond sjouwen. Tot we er achter komen dat het Hospital nog steeds de functie heeft van Hospital. En daar moeten we dus naar toe: het plaatselijke Hospital. Daar aangekomen zien we nog niet meteen waar we wezen moeten. Maar na een aantal (ongelukkige) bezoeken aan wat patientenkamers (?) blijkt dat de Laundry en het opbaargebouwtje in de tuin van het Hospital staan.
Ook daar zijn we de enigen. De vele graffity-afbeeldingen verraden wel dat we wel een aantal voorgangers hebben gehad.......
Het is indrukwekkend om te zien dat Che naar de wasruimte is gebracht. Een ruimte die bedoeld was om kleding te wassen. De originele wasplaats waar hij op lag is nog aanwezig. En ook de kraan die er boven uitsteekt lijkt me origineel. Wow!!
Che begint steeds meer voor me te leven. Hoe dood ie ook mag zijn. De opschriften op de muren en gebouwen vertellen hoe levend zijn gedachtegoed voor velen nog steeds is.
We kuieren naar het kleine gebouwtje dat in een hoek van de tuin staan. En we kunnen gewoon naar binnen lopen. En de betonnen console, waarop het ooit heeft gelegen, aanraken.
Hoe fijn dat ook allemaal mag zijn. Dat dichtbij komen. En dat aanraken. Om de continuiteit van dit alles toch enigszins te kunnen waarborgen lijkt het mij niet onverstandig om Jorien Jas, Marieke Knuijt en Steven Coene (*) 's ff spoedig op deze historische bezienswaardigheid los te laten. Iets met 'Wereld' en iets met 'winnen'.
(* Jorien Jas, Marieke Knuijt en Steven Coene zijn mijn zeer vakkundige collega's en conservatoren, dat u het maar even weet).
We zijn toe aan een bak thee. Even de vergaarde informatie en indrukken laten bezinken. Ongemerkt verzanden we in een discussie over de grootmacht Amerika. En democratie. En de democratie in China. En....... dat maakt ie dus nog wel ff mooi los die Che!!
Che is na dit alles ook nog begraven. Dus after the tea zetten we onze zoektocht voort. Che zou lange tijd begraven hebben gelegen onder the airstrip. En precies op die plek moet nu een mausoleum staan.
We gaan op zoek naar de landingsbaan van 'Vallegrande International Airport'. Het moet iets van een grasbaan zijn.. Hobbelig ook nog. Maar we moeten er nog wel even geraken. Vanuit de busterminal moet het mausoleumgebouwtje zichtbaar zijn.
De busterminal is na een natte wandeling van een half uur wel gevonden. Maar er is van alles zichtbaar van hieraf. Maar een airstrip? Een Mausoleum? Neuh!! Laat staan iets van een gedenkteken van onze Che.
We besluiten om de airstrip op te zoeken. En die vinden we na wat zoekwerk.
Een oude man spreekt ons aan. En zegt dat er een mausoleum is gebouwd. Precies op de plek waar Che begraven heeft gelegen. En dat mausoleum staat weer tegen de plaatseljke begraafplaats aangeplakt. En aan die man hebben we onze prikstruikenkruipdoorsluipdoorzoektocht te danken.
Het prikt. En door de recente regenval zijn onze broeken inmiddels doorweekt. We proberen de ingang van het cementry te vinden. Maar er is geen ingang. En daarom sluipen we terug. Door de natte en bedoornde struiken. Eenmaal terug proberen we de begraafplaats via de andere kant te benaderen. En dan wordt het mausoleum zichtbaar. Vanaf enige afstand. Want een hek houdt ons op afstand. Dichterbij zullen we niet kunnen komen. Op precies deze plek heeft Che lange begraven gelegen. Er lag toen een landingsbaan. En men heeft vast voor die plaats gekozen omdat niemand een lichaam gaat zoeken onder een landingsbaan........
Goed gedacht. Want het heeft maar liefst veertig jaar geduurd geduurd voordat de Cubaanse- en Boliviaanse regering opdracht gaven om het lichaam op te sporen. Op aanwijzing van een ooggetuige is een Argentijns onderzoeksteam de zoektocht begonnen. Deze hebben het zoeken gestaakt. En toen heeft een ander onderzoekteam het werk voortgezet. Succesvol. Het lichaam van Che (en zijn zes kameraden) is gevonden. En in 1997 herbegraven in Santa Clara, Cuba.
Onze zoektocht is ten einde. In principe. En eigenlijk. Maar we zijn zo gegrepen door het hele 'verhaal' en de boeiende geschiedenis. Dat we eigenlijk ook wel willen zien waar Che gedood is.
En daarvoor zullen we 50 kilometer zuidelijker moeten gaan. Naar het dorpje La Higuera. Het is 13.00 uur. En we willen het vandaag nog graag zien. We zitten nu in the flow. We willen een taxi regelen. Maar de prijs valt ons tegen. We informeren links en rechts. En rechts en links. Maar we blijven redeijk bij hetzelfde bedrag steken. Op goed geluk houd ik een auto aan. Vraag of hij ons wil brengen. En voor een redelijk bedrag wil hij dat. Mits zijn vriendin als vrolijk gezelschap mag mee passagieren. Zekers!!!
We gaan op weg. En al snel blijkt wat voor een weg (we begrijpen opeens het tamelijk hoge tarief voor deze rit.....). La Higuera ligt hoog in de bergen. Totaal geisoleerd. En uitsluitend te bereiken via een nauwe, hobbelige, conitnue draaiende en kerende berg-gravel-zand-weg. Geweldig prachtig! Maar we doen over de kleine 50 kilometer. Een uurtje of vier. U heeft een beeld......
Vlak voor we aankomen. Stort het regenwater werkelijk met bakken tegelijk uit de hemelpoort. Flistende onweersklappen dalen op ons neer. Mijn fototoestel denkt er niet over om ook maar een (1) foto te maken. We schuilen. Moeten wel.
Na een half uurtje klaart het een ietsje op. En dat geeft ons de gelegenheid om de sinistere plek van nabij te bekijken. Ook hier zijn we met ons tweeen (m.u.v. van onze taxichauffeur en zijn tortelduifje die ondertussen in de auto vrolijke momenten beleven......). Er is hier niets. Zo doods. Zo onwerkelijk. Stil. Een iets te grote buste tortent hoog boven het centrale pleintje (Plaza del Che) uit. En ietsje verderop staart El commandante (Statue of Che) statig van zich af.
Het schoolgebouw waar Che werd vastgehouden na zijn arrestatie is nu een museumpje. En staat ietsje verderop. Inhoudelijk stelt het museum niet veel voor. Wat wel iets toevoegt is de ster die vlak voor het schoolgebouw op de grond ligt. Dit is nl de precieze plek waar Che is geexucuteerd.
We benaderen onze taxiauto voorzichtig. De tortelduifjes blijken te zijn uitgekoerd. We vertrekken. En dalen via een zeer glibberige bergweg. Naar beneden. Dat heb je trouwens vaker met dalen. Dat het naar beneden gaat. Maar we kunnen ook echt maar een (1) kant op. Dalen. Het glibberen wordt nog 's bemoeilijkt door een sterk opkomende mist. Afin.
We zetten na 5 uren misten, glibberen en glijden veilig en wel weer voet aan wal in Vallegrande.
Haste Siempre, Comandante
(forever wich You, Commander)
Het is fijn om mee te gaan in de Che-flow. Maar toch even een persoonlijke kanttekening:
Ik vind het eerlijk gezegd nogal vreemd. Die vereering van Che. Die cultstatus. Die van toen begrijp ik wel. Maar nu nog. Vele jaren na dato. In o.a. Bolivia.
Ik begrijp´t niet zo goed omdat ie eigenlijk en goed beschouwd niet zo heel succesvol is geweest. M.u.v. van zijn revolutionaire succes in Cuba heeft ie verder niet buitengewoon veel bereikt. Een revolutie in Bolivia heeft ie nooit bewerkstelligd.
Verder was het nogal een vechtersbaasje. Diplomatie was hem vreemd. Hij probeerde met de kogel een revolutie te bewerkstelligen. En heeeeeel eigenlijk is die door Che gewilde revolutie in Bolivia 40 jaar later wel tot stand gekomen door de verkiezing van de huidige president Evo Morales Ayma, en daar kwam geen kogel aan te pas....... En gek genoeg zie ik nog niet zo snelT-shirts van Evo gedrukt worden.......
Adios
VROUWBOUNTIE
'Phooootdomme, heb ik weer'!

Denk ik een beetje te besparen op een guide. Kom ik drommels nog an toe deze knakker tegen. Wat zeg ik. Tegen? Ik kijk 'm recht in de bek. Daar word ik niet meteen gelukkig van. Damned. Als ie echt wil. Dan slokt ie me in een paar happen naar binnen. Ik maak met enige haast de volgende foto. En maak me dan snel uit de voeten. Voordat hij dat doet.
Lieve lezer. Ik heb besloten om de hele Bolivia-tube leeg te knijpen.
Tot de laatste druppel. Niets afbouwen. Niets ff lekker rustig aan doen. Niets 'Gerrit, jonge je wordt ook een dagje ouder, doe-'s-ff-rustiegies-an'. Niks hangmat. Niks bankhangen. Niks uitbuiken. Fuck you. Lieve lezer. Uitknijpen die tube. Desnoods het onderste stukje er af knippen. En nog verder uitknijpen. Tot het laatste restje Bolivia-meuk er uit sijpelt. Dat ga ik doen.

En om mijn daden kracht bij te zetten. Ben ik naar Samaipatha afgereisd. Samaipatha ligt 250 kilometertjes ten zuiden van Santa Cruz (hoofdstad van Bolivia). En dit dromerige non-toerische dorpje is DE toegangspoort tot het Amboro National Park. Een subtropisch (regen)woud.
Ik heb mijn geest recentelijk en niet geheel vrijwillig laten verbouwen. En voor die verbouwing heb ik een groepje Boliviaanse-Polen ingehuurd. Want die zijn lekker goedkoop. En werken knetterhard. En die hebben m'n hele bovenkamer in no time van een nieuw behangetje voorzien. Van een fietsreismotiefje. Naar een backpackerslook. Mooi. Dat komt goed uit ook. Want dat was precies de bedoeling.
Ik heb mijn fiets en fietstassen in depo geplaatst. In een hotel. Heb een rugzak op de kop getikt. En klaar is backpacker-Gerrit. Geen gelul, gebak van Krul!!
Goed. Sub-tropisch regenwoud dus. En dat wil ik wel 's van dichtbij bekijken. Nu kan me die regen niets schelen. Zeker niet. Aan regen heb ik nl een broertje dood. En dat woud kan me al helemaal niets schelen. Ik haat natuur!!! Echt waar.
Maar waarom dan toch een regenwoud bezoeken lieve zoete Gerritje?
Nou. Lieve lezer. Dat zal ik u uit de doeken doen. De spreekwoordelijke doeken. Niet de echte doeken natuurlijk. Want echte doeken, dat zou een beetje vreemd zijn. Want ja, om nu een regenwoud in doeken te verpakken. En die dan iemand cadeau te doen. En dat die iemand het regenwoud dan vervolgens uit de doeken moet halen. Dat lijkt me een vrij zinloze actie. En daarbij. Het lijkt me ook gewoon niet het passende verpakkingsmateriaal voor zo'n regenwoud. Doeken. Nee. Misschien is het materiaal waar paraplu’s van gemaakt worden meer voor de hand liggend. Of regenpakken.
Maar ik weet het niet. K'vind een raar verhaal.
Afijn. Het is me dus niet om de regen te doen. En niet om het woud. Het is me om iets belangrijkers te doen. Iets veel belangrijkers. Ik heb namelijk in bepaalde TV reclames gezien dat er vrouwen zijn die in dit soort regenwouden wonen. Verkeren. Verblijven. Zich ophouden. En die doen daar allemaal dingetjes. In dat regenwoud.
Ik voel dat er enige behoefte bij u bestaat tot een nadere toelichting op het voorgaande. Prima. Komtie!!!!!!!
Zo is er 1 dame die in zo'n regenwoud een beetje wulps op zo'n geile Bountie zit te kauwen. Heb ik zelf gezien. Op TV!! Ik heb dat ook wel 's geprobeerd voor de spiegel. Een beetje wulps op een Bounty zitten kauwen. Maar echt opname- en publicatiewaardig kan ik deze wulpse uitspattende poging van mij nauwelijks noemen. Maar deze mevrouw wel. Die kan dat heel goed.


En in een andere reclame. Op die FA reclame (u weet wel FA....de frisheid van wilde limoenen.... en FA die zeep die op TV precies op de 'juiste' plaatsen van het lichaam schuimt......bij haar dan....bij mij niet......) op die Fa-reclame dus, heb ik gezien dat je je ook heel goed kunt douchen onder een waterval. Dat schijnt echt prima te gaan. Daar hoef je je badkamertje als je deze mevrouw moet geloven niet voor veel eurootjes voor laten verbouwen.......gewoon een waterval aanleggen.....kind kan de was doen.....misschien kan dat ook wel onder een waterv.........).
En rivella drinken dat kan je ook het best in een fijne heldere lagoon doen terwijl het watervalwater op je blote tieten neerdaalt......... (ja sorry, ik haal het ook maar van mijn eigenste tv-buis.......ik neem het ook maar waar......ik registreer slechts... voor klachten over voorgaande tekst naar een ander loket graag.....het Rivella loket, afdeling 'blote tieten': www.rivella.bo/blotetieten.botox).
Nou, die dames dus. Die wil ik wel 's ontmoeten. Spreken. Het er even over hebben. En daarom ga ik op een tweedaagse trektocht. In mijn eentje. Geen geklooi met een duurbetaalde guide. Die me de weg wijst. Die me dan vertelt dat ik hier rechtsaf moet. En daar links. En dat we dan en dan gaan rusten. Op die en die plek. En dat dat dan zolang gaat duren. En meer dan die goedbedoelde toeristenmeukinformatie. Niets er van.
Ik tik een gedetailleerde kaart van het gebied op de kop. Prop m'n rugzak vol met allemaal handige spulletjes die je zoal nodig hebt op een dergelijke trektocht. Zoals daar zijn: Rivella. Een fles FA. En niet te vergeten......een Bountie. En ik neem de benen. De regenwoudbenen.
Ik laat me met een taxi naar het beginpunt brengen. En loop via een nogal poenerige golfclub het regenwoud in. Het begin valt qua natuurschoon nogal tegen. Maar gaandeweg ontwikkelt het landschap zich mooi in de richting van waar ik het graag wil hebben.


Als snel fladderen de fel gekleurde vlinders om me heen. Wilde papagaaien vliegen in zwermen over me heen. Hun luid gekwetter verraad hun aanwezigheid. Ik heb absoluut geen verstand van vogels. Maar verdomd: vliegt daar niet een Condor?
De route gaat op en neer. De kaart is fijn gedetailleerd. En dat is helaas van de padenstructuur in de Nationale Park niet te zeggen. De theorie komt weer 's niet helemaal fijn overeen met de werkelijkheid. Maar met wat improvisatievermogen lukt het me om na een dagje regenwouden bij de rivier uit te komen. Hier sla ik mijn kampement op. Het driegangenmenu start met Bountie. Als hoofdgerecht neem ik een Bountie. En vooruit. Omdat het het hoofdgerecht is neem ik er twee. En als toetje? Nou? ..........................
Een slok Rivella (had ik je mooi tuk. Ha!!). En daarna was ik me in de rivier. Natuurlijk met ..............een Bountie.

Klinkt allemaal fijn. En avontuurlijk. Maar slapen in een regenwoud is alles behalve comfortabel. Er schiet me maar een (1) woord te binnen: 'afzien'. Alles (en dan bedoel ik ook ALLES). Alles is vochtig. Zeg maar gerust: nat.
Nou moet er mij wel even iets van het hart. Mensen die wel 's een overstroming mee hebben gemaakt (in ons land meestal Limburgers, onze lieve heer weet wel wie ie pakken moet). Dat zijn wel een beetje zeikerds hoor!! Ik vind zo'n overstroming een zwaar overschat fenomeen.
Kijk. Natuurlijk. Het is vervelend dat je spullen nat worden. Althans. Sommige spullen. Ja sommige. Want er zijn ook zat spullen die het helemaal niet erg vinden om nat te worden. Er daar hoor je ze nooit over. Voorbeelden? Ok. Komenze: boten, lepels, vorken, messen, plastic stoelen, flessen, een waterdicht horloge, zwemvliezen, duikbrillen, glazen, borden, zwembroeken, wc-ontstoppers, kurketrekkers, keukenrolhouders, brillen en niet te vergeten: vissen. Maar daar hoor je ze nooit over. Dus dat gejammer moet maar 's afgelopen zijn. Met die zachte 'G's'.......!!!
Maar ik mag wel jammeren. Van mezelf. Want slaapzak. Kussen. Tent. Onderbroek. Alles is nat. En mocht u nog nadere aanvullingen hebben. Ja, ook die zijn nat! En ook de inmiddels onvermijdelijk geworden Bountie houdt het niet droog. Ik slaap slecht. Sta vroeg op. En ga op pad.
Nou ja. Op pad. Op Rivier. Want ik moet de rivier oversteken volgens mijn fijne gedetailleerde kaart. Alleen staat op deze kaart niet vermeld dat het waterpeil in deze rivier at this very moment best wel behoorlijk hoog staat. En dat is tot hier aan toe (heuphoogte). Maar het ding stroomt ook nog. En behoorlijk hard ook. Ik ben alleen. Eh......ff nu verstandig doen Gerrit.......ik loop een eindje stroomafwaarts. En vind een plek waar oversteken zou moeten kunnen.
Schoenen uit. Sokken uit. Broek uit. Het hele zaakie in en aan de rugzak bevestigen. En daar gaat Gerritje in z'n witte spillebeentje. Voetje voor voetje. 'Niet struukl'n noe mien jong'. U hoopt op iets anders. Een andere uitkomst. Want ik ken u inmiddels een beetje. Maar ik moet u helaas teleurstellen. Ik haal 't. De overkant. En nog met (relatief) droge spullen ook.


De tweede dag is minder uitdagend. De route verloopt vlakker. En de route is simpeler. Follow the river! Maar het is een geweldig gebied om door te sjouwen. Rond een uur of zes moet ik opnieuw een rivier over (zelfde recept). En moet aan het eind nog behoorlijk wat klimwerk verrichten om vervolgens op de Main Road uit te komen. Na even wachten is er een taxi die tegen betaling mij wel naar Samaipatha wil vervoeren. En dat is fijn. Want daar moet ik toevallig ook net naar toe. Dus dat komt goed uit.
Tegen zevenen val ik daar mijn allerfijnste hotelletje van deze hele reis binnen. Het is erg geweldig. Stil. Schoon. Een monsterlijk ontbijt. En het avondeten is van het niveau: zeer-goed-binnen-te-houwe!!
Moe maar voldaan val ik in slaap. En hoe het daarna verder ging. Dat weet ik niet meer.
Adi-regenwoud-os!!
( o ja, die krokodillenfoto aan het begin: die heb ik in de dierentuin van Santa Cruz gemaakt.....ha .....had ik je mooi tuk.....)
TROPISCH
'Of ik m'n paspoort wil laten zien?'
'Nou. Ik heb zojuist een busreis van 20 uurtjes met goed gevolg volbracht. Dus echt zin. Nou neeuh!. Maar als u er op staat?. Zekers wel!' Ik toon de man, die zich als een volgeling van INTERPOL identificeert, een beduimeld kopietje. Van mijn paspoort.
Maar dat is niet helemaal de bedoeling. Hij wil mijn 'real' paspoort zien. 'Nou, kerel dat kan ook'. Ik duikel mijn paspoort uit een fietstas op. En laat hem het paspoort zien. Maar ook dat is niet helemaal de bedoeling. Hij wil het paspoort voelen. In handen hebben. Maar precies op dit punt. Krijgen we iets van een verschil van inzicht. Want dat wil ik dan weer niet.
Ik probeer de man uit te leggen dat mijn moeder vroeger altijd zei: 'kijken doe je met je oogjes. Voelen met je handjes'. In vloeiend Spaans. Deed mijn moeder ook altijd (mijn moeder was ZO goed in talen....) 'U wilde het paspoort ZIEN. Welnu. Hieristiedan'. Maar ik houd 'm fijn voor u vast. Dan hoeft u dat niet te doen. En ik zal ook wel de bladzijdes omslaan. Hoeft u die moeite ook niet te doen. Kost het u ook geen energie. Wordt u niet moe. En houdt u fijnnog energie overom rest van de dag nog andere dingetjes doen.
De man is (nog) niet tevreden. Hij wil mijn visum zien. Ook dat toon ik hem (op een-veilige-hij-kan-het-niet-uit-mijn-handen-trek-afstand. En dan komt de aap uit de mouw (de spreekwoordelijke aap, niet een echte natuurlijk, dat zou raar zijn). Mijn visum klopt niet. De stempels zijn niet helemaal goed doorgedrukt. Of wat. Maar het deugt niet. En ik moet betalen.
Wel lieve INTERPOL-meneer. Ik dacht dat u wel ff andere dingetjes te doen had dan een busreisvermoeide Hollandsche fietster lastig te vallen. Of het moet zijn dat u onderzoek doet naar mij. Omdat ik in het recente verleden bepaalde groeperingen in ons Hollandsche polderlandje wellicht wel wat hard heb aangepakt op mijn reisweblog.

Het zou kunnen dat Nick en Simon er recentelijk wat al te hard van langs hebben gekregen. Zou kunnen. Of dat u misschien nog wat verder terug graaft. En mijn overigens nog steeds aangroeiende en – zwellende haatgevoelens jegens ene mevrouw Caroline T. onder de loep wilt nemen. Zou ook kunnen. Ook heb ik in het verleden wel 's geopperd om alle Volendamse zangertjes (of wat er voor door moet gaan) in het centrum van Volendam bijeen te drijven. En ook alle cd's die deze zeer getalenteerde zangers en zangeressen ooit hebben uitgebracht op een hoop te vegen. En om dan vervolgens alle clusterbommen die Nederland rijk is op de hersenpannen van dit tuig los te laten. Precies er boven. Mocht u daar onderzoek naar doen. In dat geval. Prima. Dan kan ik me een dergelijk onderzoek wel voorstellen. Zeker wel! Echter. Betalen voor een visum dat klopt als een bus. Dat gaat niet gebeuren.
Inmiddels komen er wat vriendjes van INTERPOL bij. En het geheel wordt gadegeslagen door een aanzwellende menigte.

Ik heb 20 uren gereisd. Gebobbeld. Gerommeld. Mijn ingewanden zijn zwaar op de proef gesteld. Ik voel me gelijk een milkshake die net uit de shaker in een beker is geschonken. Rietje er in. En zuigen maar. Mijn hoofd is gelijk een draaitol die overuren heeft gedraaid. Mijn geest reist nog. Terwijl m'n lichaam toch echt contact met moeder aarde maakt. Zo 'n gevoel dus.
Ik ben moe. Zweterig. En ik heb een fiets. Een grote gele verzameltas. En nog twee tassen. Om in de gaten te houden. En dan staan er dus een mannetje of vier INTERPOL gasten voor me. En de nodige toeschouwers. In een cirkel om het hele zaakie heen. En dat is allemaal nog tot hier aan toe. Echter. Ik begin langzaam de controle over dit 'toneelstukje' te verliezen.
Toneelstukje ja. Want ik ben voorbereid. Mijn eigenste reisgids 'the Lonley Planet' waarschuwt voor deze praktijken. Gasten, veelal Peruvianen, die zich voordoen als officials. En die de geldigheid van je paspoort of visum ter discussie stellen. Je paspoort afnemen. En dat dan na betaling van de nodige Bolivianoos wel weer terug willen bezorgen.
En daarom speel ik dit toneelstukje tot op zekere hoogte mee. Want afgeven van mijn paspoort: dat doe ik natuurlijk niet.
Voordat het echt uit de hand loopt. Vertel ik de man, en z'n vriendjes, dat ik 'm doorheb. En dat ie beter zijn pogingen kan staken. Maar zo gemakkelijk kom ik niet van de vier af. Ze dringen nogal aan. En voordat het helemaal helemaal helemaal uit de hand loopt, maak ik een belbeweging. En roep het woord 'Policia'. Dat was het toverwoord. Als sneeuw voor de zon maken de mannen zich uit de voeten. Zo snel als ze zijn gekomen. Zo snel zijn ze ook weer vertrokken.
Ook de toeschouwende menigte heeft het wel gezien. En vertrekt. Naar nieuwe avonturen.
Welkom in Santa Cruz Gerrit!
Ja, dank u lieve lezer. Want dat is de stad waar ik na 20 uren reizen in verzeild ben geraakt (had ik al gezegd dat ik 20 uren gereisd heb?). De busreis wat net zo geweldig als horrible. Geweldig waren de uitzichten. Ook bij nacht (ik heb geen oog dichtgedaan). Verschrikkelijk close waren de afgronden waar langs we reden. En nog verschrikkelijker was het wegdek. Want dat deed z'n naam eer aan. Want weg was het dek. Ruim 300 kilometer met een touringcar over een zand-gravel-gaten-hobbel-bobbel-weg. Twintig uur over ruim 300 kilometer. U heeft een beeld van de mooie 'gruwelreis'. Hoop ik.
Gisteren heb ik een moeilijke en moedige beslissing moeten nemen. Ik heb besloten om mijn fietsplannen te staken. Ik heb werkelijk alles in het werk gesteld om het pakketje met Nederlandse fietsonderdelen in handen te krijgen. Spijtig genoeg isdat niet gelukt.
Wel ben ik dank verschuldigd aan Arie. Arie (en Boukje) en ik kennen elkaar nog niet zo lang. Arie werkt bij PostNL en heeft onderzoek laten doen naar de status van de zending. We hebben nog wat heen en weer gemaild. Maar het mocht niet baten Arie!. Maar wel ontzettend bedankt voor je hulp.
Ook Eric (vakantiefietser.nl) heeft meer gedaan dan ik van hem mocht en kon vragen. Helaas Eric: het pakketje is nooit aangekomen. En Marike. En Jan. Twee zeer prettige en aangename Hollandse fietsters die ik in Potosi trof. En die in hetzelfde hotel geraakten als ik. Jan en ik hebben serieuze pogingen ondernomen om de fiets te repareren. Maar uiteindelijk bleven we steken op 1 ontbrekend kabeltje van 0,9 mm. Nog even voor speciaal voor Jan: Jan, ik heb alle fietsenmakers in Potosi en Unuyni gezien. En uiteindelijk een kabel gevonden van 1,1 mm. Ik heb gisteren zes uren liggen klooien. Maar ook dat kreeg ik niet voor elkaar geprutst. De kabel was gewoon te dik.
Hoe dan ook. Uiteindelijk heb ik dus met tegenzin (dat wel!) de gedachte laten varen dat het deze reis nog goed zou kunnen komen. Met mijn fiets. En daarom heb ik het hele zaakie opgepakt. En ben met een bus van Potosi naar Santa Cruz gereisd.
Santa Cruz is een tropische verrassing. Meer tropisch. Dan verrassing. Want een echte verrassing is het niet. Ik wist het namelijk al. Dat Santa Cruz tropische trekjes heeft. Het-is-van-dat-ik-krijg-het-zout-met-geen-mogelijheid-uit-het-zoutpotje-weer. En het is ook behoorlijk vochtig. En dat dan tegelijkertijd. En dat maakt dat het drukkend warm is. Bij het benauwde af. Daarnaast waan je je in een of ander tropisch oord. De palmbomen staan de waaien langs de wegen. En alle andere bomen staan zo'n beetje allemaal tropisch te bloeien. De ene bloem schreeuwt qua kleur nog meer om aandacht dan de andere. Ik kom precies op het juiste moment.

Santa Cruz is een grote stad. Het is tevens de meest moderne stad van Bolivia. Er zijn winkels met net zulke moderne spulletjes als wij hebben. En hier lopen ook moderne jonge vrouwen met de onvermijdelijke mobiele communcatieappeltjes. En heren met maatpakken. Dit is niet het Bolivia dat je op een ansichtkaart aantreft en naar huis stuurt. Naar familie en vrienden. Maar er heerst ook grote armoede. Het meest schrijnend vind ik de zwervers die in restaurants naast je tafel (blijven) staan. En hopen dat er wat eetbaars overblijft........
Ik heb na een aantal uren 'stadten' al in de gaten dat deze stad me geen twee weken (die ik nog voor de boeg heb) gaat boeien. Er zijn een aantal bezienswaardigheden die ik zeker ga bezoeken. Maar het is tijd voor een plan.
Een-hoe-ga-ik-de-komende-twee-weken-op-een-zo-vrolijk-mogelijke-manier-doorbrengen--plan.
Morgen is ie er vast. Dat plan!
Adios.
AFHOUDOGEN
Ik sta op het punt om een driedaagse trektocht vanuit Uyuni te ondernemen.
Ben het wachten op mijn fietsspullen meer dan moe. En ga wat ondernemen. Over een dag of vier keer ik wel terug naar Postosi. En kijk dan wel of mijn pakketje is gearriveerd.
Ok. Naar Uyuni dus!

Uyuni heeft het geluk om nabij de grootste zoutvlakte ter Wereld te liggen. En jawel. Dat trekt toeristen. Die willen dat zout allemaal met eigen ogen bekijken.
Op zichzelf een vrij opmerkelijk gegeven. Want. Ja, Ga 's in je eigenste buurtsupertje kijken. Ga op zoek naar het zoutschap. En koop de hele vooraad keukenzout op (goed voor je plakzegeltjes...). Flikker het hele zaakie op je eigenste marktpleintje. En wedden dat je dan de grootste zoutvlakte van je dorpje (of stad) hebt gecreeerd. Hup. Hokje erbij. Entree vragen. En vangen maar. En er natuurlijk zelf ook nog van genieten... Ik bedoel. Zo kan het ook. Of. zo zou(t) het ook kunnen.
Maar nee hoor. Allemaal naar Zuid Amerika. Allemaal op het zout af. Ja. Ja. Ik ook. Ik geef het toe. Schoorvoetend. Maar ik ook dus. Ik wil dat ook wel 's zien.
Nu had ik het stoute plan om met mijn fietsje hier naar toe te fietsen. En ik had er ook zullen camperen. En dan zou ik op het zout gaan fietsen. En dan een hardgekookt eitje pellen. En dan........ U heeft een beeld. Maar dat feessie gaat dus ff niet door. En niet alleen omdat mijn fiets stuk is. Maar ook omdat de hele zoutvlakte onder water staat (het is regentijd hiero). Niet zoveel hoor. Een centimeter of 5. Maar bij het oprijden van de zoutvlakte ligt een halve meter water. Gedurende enkele kilometers. En daar was mijn fietsje nooit doorheen gekomen.
Nou ja. Die zoutvlakte (Salar de Uyuni) ga ik bezoeken. En ten zuiden van dat meer (tussen Uyuni en Chili) ligt een desolaat gebied. Desert. Rotsen. Vulkanen. Geisers. Lagoons. Pelikanen. De hele meuk. Het ligt en is er allemaal. Te vinden.
Dit gebied (vele honderden kilometers groot) is uitsluitend met een 4x4 vehikel (fourwheel drive) te bezoeken. Na aankomst in Uyuni heb ik vijf reisgenoten getroffen. Die hetzelfde plan als ik hebben. En met hen heb ik een 4x4 Toyoto met chauffeur gehuurd. We gaan drie dagen op stap. En zullen alle bezienswaardigheden gaan bekijken. Want dat heb je al snel met bezienswaardigheden. Dat je ze gaat bekijken. Dat is ook een beetje het karakter van bezienswaardigheden. Dat je ze gaat bekijken. Op zichzelf ook wel een goed gekozen naam: 'beZIENSwaardigheden'. Eigenlijk zit hetgene dat je er mee moet al in de naam opgesloten. Das makkelijk. En fijn ook. Want dan hoef je niet zo na te denken wat je er mee moet.... (ik moet nu stoppen geloof ik.....zegt mijn guttfeeling.....).
Mijn medereisgenoten zijn vier Chilenen. En 1 gestoorde Amerikaan. Ik vul het kleurrijke gezelschap aan. En sta te boek als de helfdhaftige Flying Duthman met z'n kapotte bike. Vincent (de Amerikaan) heeft huis en haard verlaten. En is daarbij z'n gitaar niet vergeten. Het probeert met musiceren in de straten van Bolivia wat geld te verdienen. En zo hoopt ie enige jaren in Zuid Amerika te kunnen rondtrekken. Op zoek naar een ander bestaan dan ie in the States had.
Ik tref 't. Een (1) van de vier Chilenen is een dame. En niet zomaar een dame. Deze behoorlijk jonge dame zit in een van de voorronden die DE 'Miss Chili' moet gaan opleveren.
Ze is werkelijk prachtig mooi. En ik kan mijn ogen dan ook maar moeilijk van haar afhouden. Maar aangezien ik voorin zit. En zij op de achterste bank in de Four Wheel Drive. Leek het me na een uurtje of vijf toch niet onverstandig om de blik maar 's wat naar voren te richten. En de inmiddels totaal verdraaide rug wat te rechten.......Jah.... op een gegeven moment gaat zo'n meisje zich misschien toch wat ongemakkelijk voelen van al dat gestaar..... en misschien gaat dat recht in de ogen aanstaren zich gaandeweg toch ietwat tegen je te werken......
Ik begrijp. U heeft inmiddels behoefte aan een foto. Hier komt ie dan:

Afin. Wij bezoeken de Salar (zoutvlakte). En we zijn niet alleen. Zo'n 50 jeepies vertrekken dagelijks (!) naar de zoutvlakte. Nu is dat ding heel groot. Maar gek genoeg verzamelen alle toeristen zich op nagenoeg dezelfde plek. Raaaaaaar!!!
Zou een gat in de zoutmarkt zijn. Reisbureautje beginnen met de slogan: 'wij gaan ook naar de Salar, want die is heel mooi, maar we gaan net ff naar een ander plekkie dan die andere 49 jeepies'. Ik zou meteen boeken. Nu alleen nog ff een gevel vinden waar die slogan op past......
En behalve zout. Is er nog iets met deze vlakte. Onder deze zoutvlakte zit 50% van onze totale Wereldwijde Lithiumbehoefte verborgen. U zult denken: what the fuck Gerrit moet ik met Lithium. Nou lieve en enigszins (merk ik) geïrriteerde lezer. Lithium zit o.a. in uw mobile praatapparaat. En ook in dat van een 'paar' anderen op deze aardbol. En mocht u een hybrideauto besturen. Yes. Daar ook in. Dus.
Autofabrikanten hebben berekend dat met het groeiende aantal elektrische auto's de behoefte aan Lithium kan oplopen tot 500 kiloton op jaarbasis!! Op dit moment heeft Bolivia nog niet de technische hulpmiddelen om het Lithium te 'winnen'. Maar de verwachting is dat dit niet lang meer zal duren. Als met de winning van het spulletje begonnen zal worden is de verwachting dat Bolivia stinkend rijk kan/zal worden. Gelijk de Arabieren met hun olie. Hopelijk weten ze een manier te vinden waarbij de zoutvlakte ongeschonden zal blijven. En hopelijk komt die hele grote Bolivianoos-geldberg (ook) ten goede aan de allerarmsten. De mensen die op het platteland leven......
En dat gezegd hebbende. Voel ik een enorme behoefte om op dit punt nog iets aan uw lezersogen toe te vertrouwen.

Het is u misschien ontgaan. Maar mij niet. De Dakar Ralley heeft zich hier enige weken geleden voltrokken. U weet wel. Dat totaal onzinnige zandcrossfestijn. Dat voorheen Parijs – Dakar heette. En ik weet het niet zeker. Maar ik denk dat dat was omdat de start in Parijs plaatsvond. En men dan zuidwaarts trok. Into Africa. En het finishdoek zal dan wel ergens in Dakar hebben gehangen. Vandaar de naam. Op zichzelf fijn en ook wel met enige logica gekozen. Die naam. Stukje fijn denkwerk is daar zeer waarschijnlijk aan vooraf gegaan.
Maar omdat er elk jaar net ff iets teveel Afrikaanse nomanden-kindertjes aan flarden werden gereden, heeft men enige jaren geleden besloten om het hele circus naar Zuid Amerika te verhuizen. Ja. Het eerste jaar vonden er een paar de dood. Ah. Dat kon nog wel. Het tweede jaar ook weer. Ah....volgend jaar beterschap. Beloofd. Het derde jaar weer. Het vierde jaar nog een paar meer. Ach....ze hebben daar toch te kampen met een 'overschot' aan zwa......... En zo sukkelde het jaren voort. Voordat men eindelijk, na weet ik hoeveel slachtoffers, besloot om het circus dan maar te verhuizen. Eindelijk. De eikels! En de trotse Hollandsche burgemeester de thuisgekomen Hollandsche helden maar huldigen op het marktplein. 'Goed gedaan jongens'! Fanfare erbij. Feessie. Jippie!!
Ik heb een voorstel. Een gedachtegangetje. Een plannetje. Een ideetje. Speciaal voor de deelnemers en organisatoren van de DAKAR Ralley. Exclusief voor hen!
Kijk. Wij zijn in Holland best met veel. Maar we hebben nog wel wat ruimte. Over. Die overruimte heet: de Flevopolder. Ik denk dat ik het wel voor elkaar krijg om daar een flink aantal percelen vol te storten met vulzand (vulzand lijkt op woestijnzand, merk je niets van, prikt op precies dezelfde wijze in je oogjes, en daar hoor ik jullie nu ook nooit over klagen, dus niet zeuren nu).
Maar mooi. Ik ga er vanuit. Dat dat met dat zand gaat lukken. Dan flikkeren we die hele zandvlakte vol met zandbakspeelgoedspulletjes. Schepjes, Taartvormpjes. Zeefjes. En meer van die door Chinese kinderhandjes gemaakte zooi. Zooi die kinderen leuk vinden. Om mee te spelen. En dan nodigen we ALLE kindertjes van de deelnemers en de organisatoren van de DAKAR rally uit. Om daar lekker te gaan spelen. Woensdagmiddag of zo. Gaat 't ook niet ten koste van de schoolprestaties. Maar mag wat mij betreft ook op een andere middag. Of ochtend. Kijk maar. En op dat zelfde moment dat die kindertjes daar spelen mogen alle DAKAR deelnemers daar dan lekker gaan crossen. Met hunnie motoren. Toe maar. Geef maar flink gas! Laat het zand maar lekker spatten. Toe maar hoor!!
U begrijpt. Ik meld mij nog niet meteen aan voor het 'volgend jaar weer gezellig een DAKAR rally donateurschap'. Ook niet nu die in Zuid Amerika is. Die dan godzijdank nu geen kindertjes meer slachtoffert. Maar ondertussen wel (een deel) van het Zuid Amerikaanse landschap naar de knoppen helpt. Heb ik met eigen ogen de gevolgen van gezien.
Ik ben een groot liefhebber van motorsport. En dat is echt waar! Maar dan wel op afgesloten terreinen. Terreinen die daar voor bedoeld zijn. We hebben er in Holland een paar. Neem Zandvoort. Nou. Heb ik het helemaal in een (1) keer te pakken. Haal die DAKAR ralley daar naar toe. De naam DAKAR kan zo verandert worden in ZAND VOORT. Of. ZAND VORT. Nou. Hoe toepasselijk wil je hebt hebben. Of ander plannetje: we storten het hele circuit van Assen vol met zand. Kun je ook best een leuk rondje rijden. En de naam hoeft ook geen probleem te zijn. Wat vind je van: KRUK-ASSEN?
Zie wel. Hoeft allemaal niet zo moeilijk te zijn. En Nederland heeft er weer een fijn vrolijk eventje bij.
Maar ik denk dat we de Bolivianen niet mee hebben. Die zijn echt apetrots dat de DAKAR rally hun landje voor de eerste keer aandoet. Tjonge. Kranten. Televisie. Het stond er weken, elke dag weer, bol van. Ik ben er wel honderd keer tijdens mijn fietsreis op aangesproken. Sommige mensen dachten dat ik op weg was om mee te doen......
Ok, we bezoeken de zoutvlakte. En eerlijk is eerlijk. Wat een geweldig schone zoutvlakte. De foto's zijn niet geweldig (het water weerkaatst alles). Maar hopelijk geeft het iets van een indruk van de geweldige weidsheid. En demachtige kleuren.

Vervolgens karren we drie uren zuidwaarts. Om in een eenvoudig onderkomen een eenvoudige maaltijd (patat en de onvermijdelijke dode tok tok tok) te nuttigen. En wat eenvoudige nachtrust te pakken.



The next day begint om 7.00 uur. We rijden verder zuidwaarts, richting de Chileense grens.
Ik weet niet hoe het met uw Flamingo-kennis gesteld is. Ja. Overgangetje he? Ik associeer(de) Flamingo's altijd met tropische omstandigheden. Stel jezelf voor. Een beetje liggend in een hangmat. Onder een palmboompie (wel een beetje een stevig palmboompie hopefully, anders blijft de hangmat niet doen waarvoor ie ingehuurd is....). Een beetje kauwend op een 'bounty'. Een beetje lukkerend en slupperend aan een Pina Colada (ik ben gek op drank, schrijf je dat zo?) en dan een beetje zitten turen naar een ........Flamingo. Dat is een beetje het beeld dat ik had. U ook?
Ok. Dan zijn we fijn samen. Meteen deleten dat beeld. Niks hangmat. Niks palmboom. Niks Bounty. Niks kauwen. Flamingo's leven en broeden o.a. in Bolivia. In winterse omstandigheden. En staan een beetje in het zoute water te staan. 'The frozen Famingo's' is hier een veel gebruikte uitspraak.
Er leven hier drie soorten. Op de Salar vlogen ze al over. Maar hier in het Zuid Westen leven ze in en nabij verschillende Lagoons. Het is fantastisch om die beesten in hun natuurlijk leefomgeving te zien. Ze worden door de Boliviaanse overheid met name de laatste jaren beschermd. Toerisme (alweer!!) verstoorde de leefgebieden. Mensen joegen ze op (?). Want ze wilden plaatjes maken van vliegende Flamingo's (??). En mede daarom zijn er maatregelen genomen. Ten eerste moet je 15 euro betalen om het gebied in te gaan (dat is voor Boliviaanse begrippen een heeeeeele bult met geld). Ten tweede worden toeristen bij de verschillende Lagoons op grote afstand gehouden.
En ik ben voor. Allebei de maatregelen. Maar mijn fototoestelletje trekt zich van die ene maatregel (grote afstand) mooi niets aan. Gelukkig maar. Dat heeft even wat jaartjes moeite gekost. Jaren van training. Africhten. Ah... het geheim is consequent zijn. En. Streng doch rechtvaardig zijn. Dat is alles. Maar goed. Ik heb het ding zover gekregen dus. En daarom, lieve lezer, de volgende plaatjes van uw eigenste Flamingo-huis-foto-graaf:

De laatste dag (1 februari) staan we om 5.00 uur op. We slapen in een (1) ruimte en daarom weet ik dat onze mogelijk toekomstige Chileense 'Miss Chili' (zijn ff leuke tussendoor weetjes) niet al te gemakkelijk uit haar vroege bedje rolt en.......'s ochtends vroeg aanmerkelijk minder spraakzaam is dan .........
Overigens bereid ik haar nog wel even voor op de verschrikkelijk interviews die die meisjes altijd moeten doen. Ik weet niet of u het recent hebt meegekregen: maar in de voorronde van de Miss België verkiezing kreeg een meisje de volgende vraag voorgeschoteld: wanneer begon de 1e Wereldoorlog? Zij antwoorde: 10 jaar geleden.
Nu is daar in België (en ook in Nederland heb ik begrepen) het nodige om te doen. Maar ik begrijp dat niet. Want volgens mij heeft ze de vraag prima en juist beantwoord.
Onze Hollandsche trots(en) Nick & Simon begonnen ongeveer tien jaar geleden als duo hun zangcarrière. Dus haar antwoord klopt. Helemaal. Ze had hooguit iets vollediger kunnen zijn. Ze had kunnen zeggen: De 1e Wereldoorlog begon tien jaar geleden. En is nog steeds gaande......
Mocht onze Miss Chili deze vraag krijgen. Dan is ze mooi voorbereid. Appeltje eitje. Ben toch blij dat ik een positieve bijdrage heb kunnen leveren aan haar mogelijke uitverkiezing.
Afin. We eten pannenkoeken met jam als ontbijt. En gaan vroeg op pad. We gaan naar een geweldig naar zwavel ruikendmaan-landschap.

Daarna springen we in een hot-spring. Bezoeken Lago Verde (het groene meer) dat op dit uur van de dag dus ff niet groen is....... (daarom geen 'groene' foto's).
Daarna brengen we onze Chileense vrienden naar de Chileense grens. We passeren de grens. En zijn in Chili. Het immigratiekantoor staat 15 kilometer verder. In het onwerkelijke niets. Omringd door fantastisch gekleurde bergen. En verder niets. Niets. En nog 's niets. Geweldig vervreemdend.

Hier moeten onze 'vrienden' hun paspoort tonen. En kunnen ze met een bus het Noorden van Chili in. We wisselen gezichtenboekadressen uit. Nemen nog even een voorschotje op de wedstrijd “Nederland-Chili' of 'Chili-Nederland' (die komende zomer in the Copa Americana gespeeld zal gaan worden). En nemen afscheid.
Wij (de gestoorde Amerikaan en ik) hebben een rit van ruim 7 uur voor de boeg. Een rit door de bergen. We zullen rivieren doorwaden. Zo diep. Dat de motorkap zelfs aan de bovenzijde vochtig zal worden. We zullen langs de diepste afgronden gaan. Hobbelen over de slechtste wegen. Met de meest geweldige uitzichten. En overweldigend natuurschoon zal aan onze ogen voorbij trekken.
Het Zuid Westen van Bolivia reken ik tot een (1) van de allermooiste gebieden die mijn ogen ooit hebben waargenomen.
Het einde van de rit ligt in Uyuni. Dat gaan we vast halen.
Drink, drink, drink,
elke druppel leeg
Kijk uit voor het geheim,
dat de Flamingo heeft
Wee, wee wee,
wie haar tranen drinkt,
De echo van het lied,
dat de Flamingo zingt
Je weet al heel je leven
waar de Flamingo is
We rijden tot het einde,
waar de flamingo wacht....
(Spinvis,
album: dagen van gras, dagen van stro
nummer: Flamingo)
VOORJAARSNEUS
De wind
jaagt het huisvuil
langs de gevels van de stad
Roemloos einde van een reis
Wie een huis heeft
gaat naar huis
Een hond jankt in de verte
soundtrack van de nacht
Voor wie het hoort
neuriet onontkoombaar mee......
(De Trockener Kecks, niemand thuis)
Als kind ben ik opgegroeid in het buitengebied van Wezep. Er lagen wat boerderijen. Een beetje te liggen. Er was een bosrand. En een A28 snelweg. Op veilige hoorafstand. En verder werd ons huis omringd door akkers en weilanden. Een fijne plek om op te groeien.
Tegen de tijd dat het lente werd. Waren er altijd een paar dagen dat het voorjaar in mijn neus verbleef. Ik weet niet precies wat het daar moest. En waarom het nu precies mijn neus beet moest hebben. Maar elk jaar zocht het mijn neus op. Zo'n typische voorjaarsgeur die zich maar moeilijk laat omschrijven. Zoet. Zacht. Vrolijk. Opgewekt. Nieuw leven..... Zoiets. Als kind rook ik dat elk jaar. Een paar dagen.
Ik ben vanochtend met een busje van Postosi naar Uyuni gereisd. Uyuni ligt in Bolvia. En Potosi ook. Uyuni ligt alleen een stukje zuidelijker.
Een bergritje van 200 kilometer. In 3,5 uur. En wat voor een ritje. Hoogteverschillen van vele honderden meters. Adembenemende uitzichten (al zou het net zo goed kunnen dat dat 'adembenemende' ook veroorzaakt werd door de rijstijl van mijn chauffeur..... Hoe zal ik het uitleggen: Michael Schumachter van voor het skiongeluk. Niki Lauda van voor zijn 'brandwonden-Beverwijk-face. Dat werk zak maar zeggen!!). Remmen voor overstekende struisvogels. Toeteren voor overstRuikelende Lama's. En met een gangetje van 120 kilometer per hour het net ontwijken van een naar beneden vallend rotsblok. En dat vergeet ik de tegenliggers nog te benoemen..... Want die spelen ook hun (weinig positieve) rol in dit adembenemende en 1 of meerdere doodervaringen rijker wordende autobergspel.
Maar goed. Ik heb 't overleefd. En dat is best behoorlijk fijn. En mijn medepassagiers ook. Dus alle reden voor een feestje. 's FF lekker uit ons plaat. Of eenrieten dak. Geef het beesie maar een naam. Kan mij niet schelen. Als het maar feest wordt.
Nouoooooooow lieve volger: dan is Uyuni niet helemaal the place to be. Neuh. Dan hadden we beter naar elders kunnen afreizen. Neem nou bijvoorbeeld eh eh...Biddinghuizen. Daar is het elke nacht feest. Ja jah!!! Wisten jullie dat niet? Oh joh! Het nachtleven van Biddinghuizen!!!!! Er schiet mij maar 1 woord te binnen: BRUISEND!!!! Maar Uyuni? Ik zou er de reis vanuit Holland niet voor maken.
Afin. Ik stap uit het busje. En ruik. En ruik iets wat ik jaren niet geroken heb. Die geweldige fijne herkenbare voorjaarsneusreuk. Die geur die ik als kind elk jaar rook. Jeetje. Dat is bekant veertig jaar geleden dat ik die geur rook. Hierzo. Midden in de stad. Met verkeer. Met allemaal mensen om me heen. Met een waterig zonnetje. In Zuid Amerika. In Uyuni. Op deze plek. Onder deze omstandigheden. Ruik ik die verdwenen gewaande en vergeten geur.
Ik blijf een tijdje staan. Om de geur goed tot me door te laten dringen. De hellerit die ik zojuist achter de rug heb, ben ik in een (1) klap vergeten. Wow!!!
Opeens komen er tal van kind herinneringen naar boven. De Bovenheigraaf. Mijn ouderlijk huis. Mijn ouders. Onze buurtjes: Paul en Lieke. Rietje. Jan. Anna. Grietje. Het trapveldje naast ons huis. De afrikaantjes en salvia’s die mijn vader om-en-om pootte. Het grindpad. De schuren. Cor. Johnny, Johan. Ailco. Marc. Everhard. 'de brand'. Paardenbloemen. Pinksterbloemen. Karren slepen met Oud & Nieuw. Voetballen op een pas gemaaid stoppelweiland........Jeetje!! Wat een geweldig fijne ervaring.
Na enige tijd moet ik toch op zoek naar iets van een onderdak. Ik vind 't. En ga Uyuni verkennen. Uyuni heeft een klein toeristisch centrum. Dat vermijd ik. Ik loop langs de 'randen' van de stad. Ontdaan van alle opsmuk. Uyuni oogt als een stad die zich qua ligging aan het einde van de Wereld terug vindt. Desolaat. Arm. Leeg. Uitlopend op niets. Uitzichtloos. Oneindig. Maar niet somber.
Ik heb getracht de sfeer in beelden te vangen. Hierkomenzedan:









De sfeer hier laat zich moeilijk omschrijven. Is moeilijk in beelden vatten. Maar ik heb er met buitengewoon plezier rondgelopen. Want ik houd er van. Van dat desolate niets.
Zeker met die geweldige en verdwenen gewaande voorjaargeurneus.
Adios!
DIE
Vanochtend werd ik wakker met de gedachte om 's lekker een stukje te gaan fietsen. In Bolivia.
Maar. Helaas. De droom werd ruw verstoord. De kaboutertjes hebben mijn fiets nog steeds niet gemaakt. En meneertje Klaas Vaak is s' nachts kennelijk ook te druk om behalve iets van zandstrooiactiviteiten te ontplooien wat aan mijn fiets te sleutelen. Mooi dom. Zou ie voorwaar een mooie bijverdienste aan hebben. Luie donder. Of hij is gewoon niet zo technisch. Dat kan ook. In dat geval is dat met zand strooien eigenlijk een hele goeie beroepskeuze geweest. Destijds.
Maar hoe dan ook. Mijn fietsversnellingen doen het nog steeds niet.

Ik bezoek elke dag trouw een keer of vijf het postkantoor van Potosi. De mensen kennen me inmiddels. En ik hen. Kweet inmiddels wanneer iedereen jarig is. Wie familie van wie is. En wanneer het lunchpauze is. En ook hoe lang die duurt. En ook het postkantoor zelf kent voor mij geen geheimen meer. Ook backstage niet. Ik loop gewoon door naar de kantoortjes die achter de balie gevestgd zijn.
Klinkt fijn. Maar dat is het eigenlijk niet helemaal. Het is geweldig burocratisch hier.
Die loopt naar die. En die geeft dan weer een briefje aan die. En die die moet dan weer met dat papiertje naar een ander die. En die moet het dan weer aan die vragen. En die heeft een sleutel van het kantoortje van die. En die heeft dan weer lunchpauze. En die verwijst me dan weer naar die. En die moet de computer opstarten. En een ander die moet dan een nummer intoetsen. En dat nummer klopt dan weer niet. En dan moet er een ander die bijkomen. Om dat nummer te controleren. En die roept dan weer een ander die. Maar die is er nie. Want die heeft lunchpauze.......
En zo wordt er wat 'afge-died'.Ik word er soms gek van. En u begrijpt het al. Het pakketje is er nog steeds niet. Het wil niet arriveren. Het is in Bolivia. Maar daar blijft het ergens steken. En niemand weet precies waar. En ook niet waarom. Gekmakend is het.
Maar ik heb ook geluk. Potosi is een geweldig fraaie stad. Er is veel te zien. Dus daar probeer ik de tussentijd dan maar flink van genieten. Ik ken de stad inmiddels op mijn duimpje. Heb elk museum van binnen gezien. Ken elke straathoek. Ik kan verdorie wel een VVV-tourtje beginnen hier.
Ik laat maar 's snel een visitekaartje drukken.......
Adios!